|
Jaar: 2007
Tracklist: Band:
www.magnus-karlsson.com MySpace: n.v.t. Discografie: |
Allen / Lande - The Revenge Magnus Karlsson is
andermaal bron van Alle(a)nde! Een flauwe
woordspeling? Ja, misschien wel, maar die komt voort uit een zekere mate
van teleurstelling. Niet dat Jorn Lande en Russell Allen, ‘his
master’s voice in het kwadraat’, het zingen verleerd zouden zijn,
integendeel, maar de teleurstelling zit hem vooral in het songmateriaal
dat ze deze keer tot hun beschikking hebben gekregen. Zelfs mensen die de
voorronde van Het Zesde Zintuig nooit zouden overleven, kunnen op hun
klompen (of ieder ander schoeisel naar keuze) aanvoelen wat in bijna elk
nummer van “The Revenge” de volgende stap zal zijn. Kort gezegd,
componist Magnus Karlsson (Last
Tribe) heeft nogal voorspelbare liedjes uit zijn schrijverspen laten
vloeien. En om, in navolging van Karlsson, ook maar eens een cliché uit
de kast te trekken: dat komt de spanning op dit album niet echt ten goede.
Overigens betekent dit niet dat “The Revenge” een slecht album is,
maar van een groot talent als Karlsson heb je gewoon hogere verwachtingen.
Hij lijkt een beetje gevangen te zitten in zijn zelfgecreëerde
componeercirkeltje. Ook hier blijkt maar weer eens dat resultaten uit het
verleden geen garantie voor de toekomst bieden. Net als op “The
Battle” (2005), wordt het spitsenduo Allen/Lande ook op “The
Revenge” in de rug gesteund door het stevige verdedigingsblok van
drummer Jaime Salazar (ex-The Flower Kings) en bassist Magnus Karlsson. Diezelfde Karlsson
bestrijkt met zijn toetsen- en gitaarwerk ook het hele middenveld. In die
hoedanigheid weet hij ook, door veelal flitsende en schier onnavolgbare
solo-acties, met enige regelmaat fraai te scoren. En alsof dat allemaal
nog niet genoeg is, heeft Karlsson ook zelf de productionele tactiek en
techniek bepaald. Het mixen heeft hij deze keer overgelaten aan zijn meer
dan bekwame assistent Dennis Ward (Pink
Cream 69, Angra). Geen
domme zet, zo blijkt, want “The Revenge” klinkt beter (lees heavier en
strakker) dan zijn voorganger. Over de titel van de plaat kun je een hele
verhandeling houden, want in wezen slaat die nergens op. Er kan pas sprake
van wraak (revenge) zijn, als er eerst strijd (battle) plaatsgevonden
heeft. In principe zijn beide titels, als koppeltje, dus heel logisch.
Punt is echter dat op “The Battle” helemaal geen stemmenstrijd is
geleverd. Allen en Lande vulden elkaar op dat album juist prima aan. Er
was zelfs perfecte harmonie. Maar goed, marketingtechnisch gezien verkoopt
gesuggereerde rivaliteit natuurlijk lekker. Het is een aardige gimmick, en
meer niet. Ook niet iets om je over op te winden eigenlijk, dus bij deze
kunnen we de fictieve strijdbijl met een gerust geweten voorgoed begraven. Hele grote
uitschieters kent “The Revenge” niet, maar wel enkele nummers om even
wat langer bij stil te staan. Naast de vele opzwepende up-tempo rockers
met makkelijk in het gehoor liggende refreinen is het als een pianoballade
startende Master Of Sorrow een
kleine verademing. Zeker ook door de gedreven zang van Jorn Lande en zijn
mooie melodielijn, een kwaliteit die overigens ook kan worden
toegeschreven aan het goed geslaagde Just
A Dream. Een ander hoogtepuntje wordt gevormd door het begin van Wake Up Call. Hier zorgen de heerlijke, licht oosterse gitaarlijnen,
tezamen met de bombastische toetsen en mooie arrangementen, voor veel
luistervreugde. Jammer dat het nummer halverwege weer verzandt in een
obligate up-tempo rocker. Gelukkig krijgt “The Revenge” een waardig
einde met When Time Doesn’t Heal,
de langste track van het album. Deze song ontwikkelt zich van een rustige
ballade tot een meeslepende, kranige kraker. Zowel Jorn als Russell
stijgen hier gebroederlijk tot grote hoogte. Joost Boley |
|
|