|
Jaar: 2007
· Progvizier #50: interview met Charles Beterams · www.pinkfloydboek.nl |
Charles Beterams en Robert Haagsma - Pink Floyd In De Polder (boek) Er
bestaat niet zoiets als dé geschiedenis. Er gebeuren dingen, en soms
worden die dingen onthouden en te boek gesteld, maar vaker verdwijnen
dergelijke dingen in de nevelen der tijd en geraken ze in vergetelheid, om
maar eens twee clichés aan te halen. Regelmatig komt het ook voor dat
dingen niet gebeuren, maar wel de geschiedenis ingaan als waargebeurd.
Vaak is het al dan niet onthouden van dingen afhankelijk van het
perspectief waarmee op zaken gekeken word, en zo kan er ook vanuit een
bepaalde blik een ander licht op een zaak geworpen worden, die daarmee in
een ander daglicht komt te staan (om nog maar eens een cliché aan te
wenden) en zo weer nieuwe ideeën en inzichten verschaft. De moraal van
het verhaal: geschiedenis is niet statisch; ze verandert continu, ook al
is ze reeds gebeurd, en daarom kan de bestudering ervan altijd lonend
blijven. Ook
de geschiedenis van bands kan op verschillende manieren bekeken worden. Zo
zijn er bijvoorbeeld over Pink Floyd door buitenstaanders (zoals Glenn
Povey of Rick Sander) maar ook door een bandlid (Nick Mason) boeken
geschreven. Daarnaast zijn niet alle schrijvers van boeken over Pink Floyd
afkomstig uit Engeland, en ook in dat opzicht kunnen verhalen verschillen.
Echter, de focus verandert helemaal wanneer niet alleen de schrijver van
een boek uit een bepaald land afkomstig is, maar het boek ook expliciet
over de relatie van Pink Floyd met dat land gaat. "Pink Floyd In De
Polder" van Charles Beterams en Robert Haagsma biedt dan ook een
interessante blik op de geschiedenis van het Engelse gezelschap. Aan de
hand van een uiteenzetting over de concerten die de groep sinds 1967 in
Nederland heeft gegeven is dit ook het verhaal van de levensloop van de
band, terwijl tegelijkertijd bepaalde concertmythes na veertig jaar
ontkracht worden. En bovendien vormt het verhaal ook nog eens een schets
van de opkomst van de popcultuur in Nederland. "Pink
Floyd In De Polder" is een fraai boek: een mooi formaat
hardcover-uitgave, volledig in kleur, en rijkelijk geïllustreerd. En het
heeft ook nog eens een fijne geur, wat niet onbelangrijk is voor veel
boekenliefhebbers. Echter, hoewel deze karakteristieken voldoende zijn als
een boek uitsluitend hoeft te fungeren als deftig presse-papier of
kastvulling uit de ramsj, is bij een mooi nieuw boek over één van de
grootste bands ter wereld de inhoud uiteraard ook van eminent belang. Ook
op dit gebied is "Pink Floyd In De Polder" uitdrukkelijk
aantrekkelijk te noemen. Het boek is immers een vlotte vertelling over de
uitstapjes van Pink Floyd naar de Lage Landen (Nederland en in mindere
mate België), waarbij nauwgezet de details van elk optreden zijn
uitgezocht en opgetekend. Gelardeerd met een veelheid aan citaten en
anekdotes van direct en indirect betrokkenen en voorzien van een royale
hoeveelheid illustraties, voeren de auteurs de lezer langs veertig jaar
Pink Floyd en Nederlandse popcultuur. En
passant worden er ook nog wat onwaarheden weerlegd en mythes uit de wereld
geholpen: het gedegen onderzoek heeft namelijk uitgewezen dat bepaalde
concerten waarvan altijd gedacht werd dat ze doorgang hadden gevonden in
feite helemaal nooit hebben plaatsgevonden. Zo zou op 11 juni 1967 Pink
Floyd onder meer in het Concertgebouw van Vlissingen hebben opgetreden…
Verschillende decennia na dato weten verschillende vermeende ooggetuigen
in geur en kleur verslag te doen van het optreden. Zelfs de toenmalige
concertorganisator, Cyriel van den Hemel, weet zich de concerten van die
dag te herinneren. Hoewel, zo zegt hij, de details hem niet helder voor de
geest staan. Lange tijd is er aangenomen dat Pink Floyd inderdaad op de
betreffende dag in Nederland speelde, maar zoals Beterams en Haagsma de
lezer informeren, was "het Concertgebouw in de periode rond juni 1967
niet eens in gebruik" (24), en is het dan ook bijzonder
onwaarschijnlijk dat er op die specifieke dag er een muziekoptreden
plaatsvond. Het zijn dergelijke smeuïge verhalen die het verhaal extra
cachet geven, zodat het niet afgeschreven kan worden als zijnde slechts
een catalogus is van Nederlandse concertdata en setlists. Hoewel
het verhaal van Pink Floyd synchroon met de verwikkelingen van de band in
de Nederlanden verteld wordt, is het boek door deze focus noodgedwongen
niet direct te zien als een algemeen overzicht van de geschiedenis van het
boek. Zo ligt er een nadruk op de beginjaren van Pink Floyd, dat wil
zeggen de late jaren zestig en vroege jaren zeventig van de vorige eeuw
omdat de band in die tijd relatief vaak in Nederland is. Met name in de
periode 1968-70 is de band met grote regelmaat te vinden in Nederland en
België, vaak zelfs voor meerdere concerten per dag, en niet zelden in
vermaarde wereldsteden als het Brabantse Heesch of het Gooische Bussum,
waar de groep in jongerencentra en buurthuizen optreedt. Na 1970,
daarentegen, begeeft het gezelschap zich slechts sporadisch naar de
Hollandse en Belgische contreien, en bijgevolg beslaan negen van de
vijftien hoofdstukken slechts vier jaar van de bandgeschiedenis, terwijl
de overige zes hoofdstukken de periode 1971-2007 in vogelvlucht bespreken.
Deze
onevenredige hoofdstukverdeling is echter niet aan te duiden als
mankement. Integendeel, veruit de interessantste periode in de historie
van het genootschap is de beginperiode; niet alleen vanwege ontwikkelingen
binnen de band zelf, maar ook vanwege de tijd waarin een en ander zich
afspeelt. Met Pink Floyd als casus schetsen de auteurs namelijk een
spannend en soms welhaast vertederend beeld van de ontwikkeling van de
popcultuur in Nederland. Tegelijk met het groter worden van de groep
ontgroeit de populaire muziek in Nederland de kleine zaaltjes. En matinees
in kleine zaaltjes maken plaats voor nachtelijke optredens op grote (en in
de vroege jaren vaak weinig succesvolle) evenementen. "Pink Floyd In
De Polder" is dan ook een waardevol document over de ontwikkeling van
de muziekcultuur zoals die heden ten dage alomtegenwoordig is, en als
zodanig dient het boek een meervoudig doel: niet alleen beschrijft het hoe
Pink Floyd (en de afzonderlijke leden)
en Nederland zich door de jaren heen tot elkaar verhouden, ook schetst het
een algemener tijdsbeeld van met name de beginjaren van de Nederlandse
popcultuur. Naast
het verhaal spelen ook de illustraties een bijzonder belangrijke rol.
Vanwege het gekozen formaat is er veel ruimte voor foto's uit de oude
doos. En naast unieke bandfoto's (waarvan een aantal simpelweg schitterend
is) voorziet het boek ook in weergaven van bijvoorbeeld reclameposters van
concerten en festivals, maar ook afbeeldingen van concertkaarten en
aanverwante artikelen. Als zodanig is het boek niet alleen een "thrilling
read" doch leent het zich er ook uitstekend voor om rustig door te
bladeren om alleen maar plaatjes te kijken of om aan de kinderen te tonen
naar wat voor rare langharige mannen met maffe bontjasjes mama en papa
graag luisteren. Bovendien is het een fijne bezigheid om de foto's uit de
vroege jaren, waarop de band op kleine podia in kleine zalen speelt
(weliswaar mét "knallende ligtsjoo" (72)), te vergelijken met
de spektakelplaatjes van latere tours, waar vliegende varkens door de
stadions fladderen en gigantische schermen de bezoeker bestoken met een
overvloed aan plaatjes. De evolutie van de band van clubact tot
stadiongigant wordt op Nederlandse schaal fraai uitgebeeld. Het geheel in ogenschouw genomen valt met overtuiging te stellen dat "Pink Floyd In De Polder" een uniek en bijzonder geslaagd boekwerk is. Het is niet alleen een streling voor het oog, maar vertelt ook nog eens op informatieve en doeltreffende wijze het verhaal van de relatie tussen Pink Floyd en Nederland. Hierbij wordt de lezer niet slechts voorzien van een verzameling anekdotes over optredens in deze club en dat stadion, maar wordt er ook een fraai tijdsbeeld geschetst van de periode waarin de Nederlandse populaire-muziekcultuur tot wasdom komt. Daarnaast herschrijft het boek de geschiedenis door opheldering te bieden op een aantal punten waarover al decennia lang foutieve denkbeelden circuleren. "Pink Floyd In De Polder" is dan ook veel meer dan een geannoteerde touragenda: het is een prachtig geïllustreerd muziekgeschiedenisboek, dat als uniek document uitsteekt boven de gestaag uitdijende hoeveelheid gepubliceerd materiaal over Pink Floyd. En bovendien is het tegelijkertijd een fraaie uitbreiding van de geschiedschrijving over de populaire-muziekcultuur van Nederland. Christopher Cusack |
|
|