|
Dagmähr
- My Magnificent Instability
Soms leer je als recensent ineens
een band kennen, die je persoonlijk zó goed vindt, dat je het haast als
een heilige plicht beschouwt je publiek kennis te laten maken met de
groep. Dagmähr is zo’n groep en ik vind de band zo briljant dat ik de
muziek wel door ieders strot zou willen duwen.
Dagmähr heeft alles wat je van een moderne symfonische rockgroep mag
verwachten anno nu. Een moderne, maar niet te vlekkeloze productie,
spannende instrumentatie, erg goede zang en wonderschone melodieën. De
band ligt aan de ene kant in het straatje van Anekdoten, White
Willow, Liquid Scarlet en Landberk, maar is feitelijk
veel en veel symfonischer van opzet. Uiteraard kent het ook zowel Van
Der Graaf Generator (of beter: Peter Hammill), King Crimson
als erg veel Genesis-invloeden. De soms wat rommelige productie
verhoogt de sfeer van de werkelijk fabelachtige composities en de
obscuriteit van de naam en de plaat maken dat je je deel voelt uitmaken
van iets heel speciaals. Alsof je je eigen geheimpje hebt gevonden en
heerlijk in je hoekje koestert.
Het voornaamste kenmerk van dit debuut wordt perfect verwoord in de titel.
De plaat komt wat rommelig en instabiel over, alsof Lessard in therapie
zit. Desalniettemin – of juist daardoor – is het materiaal op
"My Magnificent Instability" van zeer hoge klasse, ja –
magnifiek!
De groep staat onder leiding van Mathieu Lessard en heeft zijn oorsprong
in Quebec, Canada. In hun begindagen speelden ze vooral covers van Marillion,
Genesis en Van Der Graaf Generator. Dat is gelijk goed te horen in het
tien minuten durende openingsnummer In Every Failure. Agressief zet
de gitaar van Lessard in, terwijl hij een goede imitatie van Hammill’s
stem weggeeft, maar dan met een agressie die ik alleen ken van Fish
uit zijn begindagen. Na dit quircky begin trakteert de band ons op
een zalige toetsensolo en een eveneens hemelse gitaarsolo, waarvoor Arena
zich niet zou schamen. Dan worden we even op het verkeerde been gezet met
zo’n typisch VDGG-themaatje c.q. overgang, maar de muziek vindt al snel
op een briljante manier zijn structuur terug middels het vervolg van de
gitaarsolo. Het baswerk van Yves Hall is ook erg goed te noemen in dit
eindstuk. Een schitterende viool beëindigt dit stuk lyrisch. Een zeer
sterk openingsnummer.
Een kort angstig klinkend pianostukje vormt de opmaat naar het heerlijke
(sterk neoprog beïnvloede) Destiny, een nummer dat direct
bijzonder aanspreekt. Laat je niet afschrikken door het haast punk-achtige
geschreeuw van Lessard, want vooral in het tweede deel krijgt het liedje
door de haast Philip Glass-achtige combinatie van cello en viool een
nieuwe dimensie.
Emotie druipt af van het korte Just In Words dat zo van "Still
Life" (Van Der Graaf Generator) af zou kunnen komen. Ook dit nummer
kent weer tal van prachtige thema’s en zit bol met tempowisselingen.
Toch klinkt elke overgang – hoe vervreemdend soms ook – heel
natuurlijk en prachtig. De toetsensolo van Pierre Massicotte aan het einde
is er eentje die iedereen zou moeten horen, zo goddelijk!
Waar we eerst een pianostukje kregen, is A L'Aube De ... de
strijkkwartetopmaat van het zestien minuten durende epos Leaving For
Paris. Kippenvel krijg ik elke keer van het zeer Marillion-beïnvloede
begin van dit prachtstuk. Een typisch en wat druk Genesis-achtig
melodietje volgt, waarna een lang stuk volgt waar de ene sfeer soepel
verglijdt naar de volgende. Het volgende fragment, zo rond de acht
minuten, doet me wat denken aan Twelfth Night. Gezongen gedeelten
worden moeiteloos afgewisseld met flitsende gitaarsolo’s en wervelende
toetsenmelodieën. Op sommige momenten duurt het nummer wat te lang, maar
de eindmelodie doet je haast rondwaren in de Marquee, zo rond 1982 in
Londen.
Hoe genietbaar dit debuut ook is, het oneven karakter ervan maakt "My
Magnificent Instability" geen hapklare brok muziek. We zullen zien
dat Dagmähr op zijn opvolger "As Far As We Get" in staat is een
veel stabielere indruk te wekken. Neemt niet weg dat deze therapiesessie
van dit groepje erg bijzonder te noemen is.
Markwin Meeuws
terug naar progarchief
progwereld.org
|