|
Jaar:
2003 Tracklist: Band: www.troydonockley.co.uk
Discografie: |
Troy Donockley - The Pursuit Of Illusion Je kan zeggen wat je wilt van Troy Donockley, maar hij beheerst in ieder geval de kunst van de illusie tot in de puntjes. Op zijn tweede soloschijf waan je jezelf achtereenvolgens in een prachtig, mystiek landschap uit lang vergeten verhalen, in een oud, vervallen klooster en vervolgens weer in een prachtig weiland op een zonnige dag. “The Pursuit Of Illusion” is een prachtige, rustige plaat, heerlijk om ’s avonds laat als achtergrondmuziek op te zetten (vergeet de kaarsjes niet aan te steken), maar ook een prima plaat om aandachtig naar te luisteren. Het gevaar met dit soort, onder invloed van de Kelten staande muziek is dat het vaak ‘zwaar op de hand’ wordt, maar dat is hier nergens het geval. Integendeel, de muziek straalt een blijmoedige sfeer uit, zonder dat het geheimzinnige karakter wordt aangetast. Het belang van deze cd is tweeledig. Om te beginnen maakt Donockley hiermee een cd, waarmee hij aantoont prima op eigen benen te kunnen staan. Hij toont ons de mooiste melodieën en prachtigste instrumenten, zonder zijn eigen instrumentarium (veel fluit, wat doedelzak) teveel voorop te stellen. Zijn zangkunsten in het titelnummer zijn best goed te noemen, maar voor een deel wordt Iona-collega Joanne Hogg ingehuurd, terwijl ook het York Cantores Koor een belangrijke rol opeist. Het tweede
belangrijke aspect van deze cd is dat Donockley fijntjes aangeeft dat er
naast Bainbridge en Hogg wel degelijk een persoon is waarmee Iona terdege
rekening moet houden: hemzelf. Als je van
minimale muziek houdt, zal de opener Conscious
je zeker aanspreken. Op een bijna Philip
Glass-achtige manier wordt een haast irritant themaatje constant
herhaald, maar ook regelmatig uitgewerkt tot een complete melodie. Heel
knap, en ook heel goed gearrangeerd. Als het
bovenstaande je allemaal mooi lijkt, zal het lange The
Colour Of The Door zeker aanspreken. In dit nummer komen werkelijk
alle elementen van deze cd samen. Schitterende melodieën, de zang van
Troy en Joanne, het hemelse koor, het strijkkwartet, alle muzikanten die
inmiddels de revue passeerden, alles zit in dit nummer. Ik wil zelfs zover
gaan dat ik deze epic als een klassieker wil bestempelen. Vooral de rol
van het strijkkwartet, die de verschillende delen als het ware met een
intermezzo verdeelt. En als allerlaatste horen we dan eindelijk waar we de
hele cd op gewacht hebben: Donockley’s doedelzak! Jeetje, wat mooi! En
we hadden hem niet eens gemist! |
|
|