|
Jaar:
1969 Tracklist: Band:
Info: Discografie: |
King Crimson - In The Court Of The Crimson King Wat
is nu mijn persoonlijke klassieker? Een vraag die, in mijn geval, zeer
moeilijk te beantwoorden is. Want er zijn een groot aantal albums die ik
als een klassieker zou kunnen aanwijzen. Albums die met recht
sleutelplaten, wegwijzers in de symfo kunnen worden genoemd: Camel -
Moonmadness, ELP - Tarkus, Genesis - Foxtrot, Kansas - Leftoverture,
Marillion - Script For A Jester's Tear, Mike Oldfield - Tubular Bells,
Pink Floyd - Dark Side Of The Moon, Queensr˙che - Operation Mindcrime,
Rush - A Farewell To Kings, Yes - Close To The Edge. Echter,
“In The Court Of The Crimson King” steekt wat mij betreft met kop en
schouders boven al deze anderen uit. Niet omdat het allemaal zo
fantastisch is opgenomen of omdat de teksten zo ontzettend sterk zijn.
Daarvan zijn genoeg andere voorbeelden te vinden. Het heeft te maken met
de hele sfeer van het album en zeker ook met de tijd waarin dit album werd
gemaakt. Want terwijl eerder genoemde albums in latere jaren de weg wezen
in het symfo labyrint, is dit album met recht een wegbereider te noemen. We
hebben het dan ook over een album opgenomen in 1969. Genesis zat nog in
een overgangsfase, from Revelation to Trespass. Yes was eigenlijk nog
steeds zoekende naar een eigen geluid. Pink Floyd bevond zich nog in
hogere, psychedelische sferen. In dat jaar kwamen een aantal muzikanten
bij elkaar in een bedompte kelder in Londen om te werken aan hun eigen
muziek: Robert Fripp, die uit zou groeien tot een van de meest innovatieve
gitaristen. Ian McDonald, toetsenist / rietblazer / zanger / componist.
Greg Lake, bassist en leadzanger. Michael Giles, “drummer
extra-ordinaire” en Peter Sinfield, de tekstdichter wiens bijna
profetische en zeker pretentieuze teksten bijdragen aan de charme van dit
album. Muzikanten die in latere jaren aan de basis zullen staan van bands
als ELP (Lake), Foreigner (McDonald) en natuurlijk volgende incarnaties
van Crimson (Fripp). Maar
misschien wel de allerbelangrijkste reden waarom dit voor mij een
klassieker is, is de muziek. Van het onheilszwangere, tegen progressieve
hardjazzrock aanleunende, 21st Century Schizoid Man tot het
pastorale I Talk To The Wind met schitterend fluitwerk van
McDonald. Het perfecte huwelijk tussen akoestische gitaar en mellotron in Epitaph,
met veel passie gezongen door Greg Lake. Kippenvel!! Maar ook het
hippievisioen Moonchild met de daaropvolgende improvisatie waarin
King Crimson zich begeeft in het schaduwgebied van rock, jazz en
avant-garde. En natuurlijk het titelstuk: akoestische gitaar, subtiel
fluitspel, dramatische zang, krachtig bas- en drumspel en kilos
mellotronstrijkers. En dat alles in perfecte balans. Ieder stuk laat een ander gezicht zien van de Crimson King, een andere stijlrichting. Richtingen die door bands als Genesis, Yes, Van Der Graaf Generator en ook latere bezettingen van King Crimson verder en zeker ook beter werden uitgewerkt. Maar King Crimson Mk.1 waren degenen die de eerste schreden zetten op dit onbekende pad, die het al die anderen eigenlijk mogelijk maakten om zo te kunnen excelleren in latere jaren. Waarvan akte. Christian Bekhuis
|
|
|