|

Jaar:
2001
Label: Crisler
/ SELF Distribuzione S.p.A.
Tracklist:
[Vento]:
· Danza Del Vento I (3:36)
· Il Vento, Il Cielo E La Notte (7:16)
· Danza Del Vento II (1:29)
[Terra]:
· Danza Della Terra (2:22)
· Risveglio (3:59)
· Canto Di Preghiera (1:59)
· Lord Of Dance (2:52)
[Pioggia]:
· Danza Della Pioggia (2:38)
· Dove Tutto E’! (4:40)
· Luce Dorata (1:29)
[Fuoco]:
· Danza Del Fuoco (2:41)
· Il Respiro (2:21)
· Danza Del Vento III (3:38)
· Risveglio – Reprise (1:27)
Band:
Andrea Bassato: piano, toetsen, viool, zang
Michele Bon: Hammond C3 orgel, toetsen, "Alien"
(gitaarsimulator), zang en solo-zang in Lord Of Dance
Michi Dei Rossi: drums, percussie, klokkenspel, buisklokken
Aldo Tagliapietra: zang, bas, baspedalen, gitaar, sitar
Info:
www.le-orme.com
Discografie:
L’Infinito (2004)
Elementi (2001)
Il Fiume (1996)
Orme (1990)
Venerdi (1982)
Piccola Rapsodia Dell’Ape (1980)
Florian (1979)
Storria O Leggenda (1977)
Verita’ Nascoste (1976)
Smogmagica (1975)
Contrappunti (1974)
Felona E Sorona (1973)
Uomo Di Pezza (1972)
Collage (1971)
L’Aurora Delle Orme (1970)
Ad Gloriam (1969)
|
Le
Orme - Elementi
Vijf jaar hebben we
moeten wachten op de opvolger van Le Orme’s comebackalbum "Il
Fiume". Dit album liet een wat rustiger Le Orme horen, maar ook een
band die gelukkig wel trouw bleef aan haar afkomst. Dit in tegenstelling
tot vele andere Italiaanse prog legendes (o.a. PFM, Locanda Delle Fate),
die met een nieuw album kwamen in de jaren ‘90. Le Orme nestelde zich
met dit album, maar ook met name door hun schitterende optredens, met
gemak weer aan de top van de Italiaanse symfo-scène. Een belangrijk
kenmerk voor de bekendste bands uit deze scène is de voorliefde en een
hoofdrol voor het toetsenarsenaal. Le Orme is daarvan ook een goed
voorbeeld. In essentie is hun geluid gebaseerd op het herkenbare Emerson,
Lake & Palmer-sjabloon: klassiek aandoende thema’s en de
afwisseling tussen hammondorgel- en synthesizersolo’s. Het grote
verschil is dat Le Orme zich na verloop van tijd verder durfde te
ontwikkelen en bijna nooit is afgegleden naar de kitsch van ELP.
Zo ook niet op dit album waarmee Le Orme een ode brengt aan de vier
elementen: Wind, Aarde, Water en Vuur. Het album is conform onderverdeeld
en tezamen maken deze delen weer één, dik 42 minuten lang, geheel. Het
zou net zo goed een eerbetoon kunnen zijn aan de Muzikale Elementen
waarvan Ritme en Begeleiding de eerste twee zijn. Beide zijn uitgekiend
aanwezig op dit album. Drummer Michi Dei Rossi laat de muziek regelmatig
dansen van vreugde. Hij weet echter ook wanneer de muziek vraagt om
eenvoud. Toetsenist Andrea Bassato weet met zijn gevoelig spel op de
achtergrond net dat kleine beetje extra kleur te geven aan de muziek en
zorgt voor de benodigde ruimte voor de solisten. Ook in zijn eentje staat
hij zijn mannetje zoals, in het solopianostuk Danza Della Pioggia.
Opvallend hoe Le Orme het moment waarop dit stuk komt, weet te timen. Het
is exact het punt waarop de luisteraar verlangt naar een pauze, een moment
van bezinning. Want na de eerste twee breed symfonische delen is Pioggia
er één waarin, net als op "Il Fiume", ruimte is voor de sitar
van Aldo Tagliapietra. Samen met de viool van Bassato krijgt dit gedeelte
daardoor een raga-achtig (Indiaase muziekstijl) gevoel.
Als de eerste twee elementen niet in orde zijn, kan er van het volgende
natuurlijk niet veel terecht komen: Melodie. De heren van Le Orme zijn
ware edelsmeden op dit gebied. Een perfect voorbeeld daarvan zijn de
oneindige variaties op hetzelfde thema, die het eerste deel Vento
(Wind) kenmerken. Daarentegen heeft men nergens op dit album het idee dat
een melodie te lang wordt uitgemolken. Integendeel, de rijkdom aan melodieën
is indrukwekkend.
Het laatste element maakt dat een album zich onderscheidt van de grijze
massa: Passie. En dit is in ruime mate aanwezig op dit album. Het valt te
horen in het puike orgelspel van Michele Bon, zoals bijvoorbeeld in Danza
Del Fuoco dat met zijn groovende, licht jazzy karakter niet op een
groot podium op het North Sea Jazz Festival had misstaan. Ook Bon’s
schitterende synthesizersolo’s zijn niet te versmaden. Heel bijzonder is
ook zijn "gitaarspel" op een door hem zelf ontworpen keyboard.
Verbazingwekkend hoe natuurgetrouw hij in staat is om een elektrische
gitaar uit dit apparaat te toveren. Het zijn misschien alleen de vele
nootbuigingen die hij toepast die misschien bij sommigen als
"overkill" overkomen. Maar net als met alles op dit album kent
Le Orme de grens tussen kunst en kitsch, tussen passie en pathetiek.
Diezelfde passie valt ook te horen in die heldere, hoge stem van bassist
Aldo Tagliapietra. Zijn basspel beperkt zich tot functionaliteit, zoals
dat ook bij Greg Lake altijd het geval was. Het is met name zijn stem en
zanglijnen die in staat zijn om bij mij, ondanks het feit dat ik geen
woord Italiaans versta, een veelvoud aan emoties los te maken en mij nog
na vele luisterbeurten een brok in mijn keel weet te bezorgen.
Met "Elementi" heeft Le Orme een beduidend krachtiger plaat
afgeleverd in vergelijking met "Il Fiume". Dit alles ondersteunt
door een warme productie en een schitterende hoestekening van Paul
Whitehead (dè man van de klassieke Genesis en Van Der Graaf Generator
albumhoezen). Dè perfecte progplaat zal waarschijnlijk wel nooit gemaakt
worden; binnen de stijl van toetsensymfo komt dit toch wel heel erg
dichtbij het ideaal!
Christian
Bekhuis
terug naar progarchief
progwereld.org
|