|
Jaar: 2007
Tracklist: Band:
n.v.t. MySpace: Soft Machine Legacy Discografie: |
The Soft Machine Legacy - Steam Soft Machine
wordt in 1966 opgericht om eerst met psychedelische en later via
progressieve muziek hun jazz, jazzrock en fusion tot de verbeelding te
laten spreken. Alhoewel er in 1984 een definitief einde komt aan het
bestaan van de Canterbury-band kunnen liefhebbers van dit legendarische
gezelschap zich tot op de dag van vandaag nog verblijden met allerhande
'plank'-materiaal. Dit in de vorm van live-albums of bijvoorbeeld een
BBC-sessie. In het hier te bespreken geval is er zelfs sprake van een door
Moonjune uitgegeven nieuwe plaat van een hedendaagse band. Deze bestaat
uit een aantal ex-leden van de vaak van bezetting wisselende formatie.
Luisterend
naar de veelzeggende naam Soft Machine Legacy is deze band een
voortvloeisel van het in 2002 opgerichte Soft Works. Daarin zaten naast
drummer John Marshall en bassist Hugh Hopper ook gitarist Alan Holdsworth
en saxofonist Elton Dean. Als
Holdsworth vertrekt uit Soft Works wordt hij (net als twintig jaar
daarvoor overigens in het echte Soft Machine) vervangen
door John Etheridge die tevens de bandnaam verandert in Soft
Machine Legacy. In februari 2006 overlijdt saxofonist Dean. Zijn plaats is
ingenomen door Theo Travis, bekend als ex-Gongblazer en tegenwoordig
furore makend bij The Tangent. Eind 2006 gaat
dit viertal naar de Temple studio van John Hiseman om aldaar deze "Steam"
op te nemen. Bestaat de bezetting dan echt alleen maar uit Marshall,
Hopper, Travis en Etheridge? De notoire Soft Machine-liefhebber zal zich
zorgelijk afvragen wie er dan toetsen heeft gespeeld op het album. Het
antwoord is even simpel als ontluisterend:
niemand!
Met
een veelheid aan loops geven de heren Hopper en Travis een atmosferische
onderlaag aan de muziek af. Ondanks dat dit met een rijkelijke dynamiek
plaatsvindt en resulteert in een modern geluid, mist het album toch wel
een echte klavierridder. Het album bevat weliswaar een aantal
sterke gitaarsolo’s, maar
het is Travis die met z’n sax zeer veel
voor zijn rekening neemt. Ook voorziet hij de nummers van de nodige
thema's waarbij hij zich vaak ondersteund weet door gelijkopgaande
gitaarloopjes. Voor saxofielen is het een waar genot om Travis zoals hij
zich hier manifesteert te beluisteren. De man speelt keigaaf, krachtig,
sierlijk en uitermate expressief. Zijn spel kan alleen maar zo verbluffend
sterk uit de verf komen omdat z’n medemuzikanten vaak ook geen misse
dingen doen. Etheridge is een
kundige en ervaren gitarist die gelukkig nergens vervalt in routineus
gepiel. Sterk is hij in het door hem geschreven In The Backroom,
een melodieus gebrachte smakelijkheid met een pakkende tune. Hopper is een
heerlijke bassist die het woord 'prominent' lijkt te hebben uitgevonden. Marshall slaat
z’n rollende ritmes vol bezieling hetgeen een lekker losse groove onder
de nummers heeft gelegd. Zijn stuwende manier van spelen heeft wel de
teletijdmachine regelmatig aangezet waardoor de muziek een onmiskenbare
jaren ’70 gloed krijgt. Gezien het derde deel van de groepsnaam zal dat
ook wel in de lijn der verwachting liggen bij de meesten. De band komt
zelfs met een cover van een eigen nummer. Het gaat hier om het ingetogen Chloe
& The Pirates waar de sopraansax de typische jaren ’70 teneur
van de compositie niet kan verbloemen. Met een titel
als "Steam" is de vraag gerechtvaardigd in hoeverre het plaatje
daadwerkelijk stoomt. Nou, in de individueel gecomponeerde nummers (6
stuks) is dat gehalte redelijk te noemen. Veel speelt zich af om en nabij
een mid-tempo ritme en veelvuldig is er een aansprekende tune. De eerste
twee nummers Footloose en The Steamer laten het plaatje dan
ook lekker op gang komen. Helaas meent de band dat het anno nu nog kan om
af en toe te vervallen in vaag gedoe. The Last Day is een ware
teaser en het geďmproviseerde Dave Acto zal ook bij weinigen een
goed gevoel achterlaten. Firefly is ook best retro maar de fluit
van Travis is zo briljant dat het kippenvel welig zal tieren. “Steam” heeft gelukkig een leuke heldere afsluiter met Anything To Anywhere en dat heeft dit album ook wel nodig. Het relativeert het gebodene. “Steam” is dan ook leuk om te horen, ook al ben je niet zo’n liefhebber van dat vage. Neem dat maar op de koop toe. Dick van der Heijde |
|
|