Like ons ook op Facebook of meld je aan voor onze mailinglist

Big Big Train – Grand Tour

Big Big Train – Grand Tour

2018 was een uitstekend jaar voor de Brtitse progressieve rockband Big Big Train (BBT): het in april 2017 uitgebrachte laatste album “Grimspound” werd goed ontvangen, gevolgd door een eervolle invitatie als hoofdact voor het beroemde openlucht festival Night of the Prog en wat later in het jaar wederom veel lof voor een live album, “Merchants of Light”.

Lastig om dat te evenaren, laat staan te overtreffen. Al vroeg werd aangegeven dat een nieuw, in 2019 uit te komen album, wel eens die overtreffende trap zou kunnen zijn. Welnu, dat langverwachte album is zojuist uitgekomen en de eerste indrukken bevestigen dat aan de hoge verwachtingen voldaan gaat worden. Het nieuwe werk is getiteld “Grand Tour” en het betreft hier een semi-conceptalbum. Geïnspireerd door de 17e en 18e-eeuwse gewoonte van de Grand Tour, waar welgestelde jonge mannen en vrouwen op reis gingen om hun geest te verruimen, bevat het nieuwe album van Big Big Train negen nummers, bijna vijfenzeventig minuten muziek van hoogstaande kwaliteit, dat zich afspeelt in verre landen en daarbuiten. Een soort van grote rondreis voor het nageslacht van de rijke aristocratie.

Drummer/zanger Nick D’Virgilio over het nieuwe album: ‘Er zijn nummers die geïnspireerd zijn door de erfenis van het Italiaanse Renaissance-genie, Leonardo da Vinci; songs die het verhaal vertellen van de opkomst en ondergang van Rome, van de prachtige mozaïeken van Ravenna, en van de schipbreuk van een grote dichter, verloren in een storm voor de kust van Italië. Onderweg wordt het verhaal verteld van de grootste reis van de mensheid ooit.’

Zanger David Longdon doet nog een duit in het zakje: ‘Grand Tour is een viering van de menselijke ervaring, van wetenschap en kunst, en van wat het betekent om te leven.’ Een epische reis over land en zee en door tijd en ruimte, behoorlijk ambitieus. Benieuwd of die hoge lat ook gehaald wordt door de heren/dame, we gaan op reis met het zevental uit Groot Brittannië.

De titel van openingsnummer van het nieuwe album, Novum Organum, is tevens de titel van een filosofisch werk van Francis Bacon uit 1620. Een sfeerrijke opbouw met de zang van Longdon: ‘For science and for art, on ships that sail in all winds’. Een veelzeggende maar korte introductie tot de Grand Tour. Dat laatste begint eigenlijk pas echt goed bij het tweede nummer, Alive. Het nummer is al enigszins bekend, want was als single op YouTube beschikbaar. Heerlijke ouderwetse Mellotron klanken en een hoog tempo, ondersteund door de beukende drums van Nick D’Virgilio. Uitstekend voorbeeld van de capaciteiten van de band om naast lange nummers ook korte, puntige songs met een pakkend refrein te schrijven in de trend van Wassail, Folkore en Makes Some Noise. Maar veel proggier dan al die nummers bij elkaar. Lekkere toetsen- en gitaarsolo bovendien, de vergelijking met het grote voorbeeld Genesis ligt op de loer. Je voelt het enthousiasme van de reizigers, staande op het dek van de grote driemasters, vol anticipatie van wat er staat te gebeuren.

The Florentine is een ode aan het uit Florence afkomstige grote genie Leonardo Da Vinci. Een folk-achtige intro met meerstemmige zang waarna viool, gitaar en toetsen afwisselend het voortouw nemen. Laat je meevoeren met de bekende BBT muziek met diverse stemmings- en tempowisselingen. Extra aandacht voor de fantastische ‘old skool’ toetsensolo van de hand van Danny Manners gevolgd door één van die kenmerkende gitaarsolo’s van Dave Gregory, BBT op zijn best in dit ruim acht minuten durende mini-epic. Over epic gesproken, maar dan met de correcte lengte, met ruim dertien minuten is Roman Stone een van de drie (!) nummers die bijna een kwartier klokken. Ondersteund door Rachel Hall’s klaaglijke viooltonen zingt David Longdon op gevoelvolle wijze over de opkomst en ondergang van het Romeinse rijk en zijn invloed op cultuur, architectuur en de maatschappij in zijn algemeen. De blazers maken hun entree in een nummer dat qua structuur veel weg heeft van The Underfall Yard, terwijl in het akoestische middenstuk (Merchants Of Fire/All Things Must Pass) Curator Of Butterflies om de hoek komt kijken. Na een lang, rustig middenstuk dat zelfs even momentum dreigt te verliezen, gaat het gelukkig weer snel crescendo om uiteindelijk weer bij kalme wateren uit te komen, Longdon aan de open haard met begeleiding van akoestische gitaar en Mellotron.

Het instrumentale Pantheon, een lofzang op de wereldberoemde koepeltempel in Rome, is de eerste volledig door hemzelf geschreven compositorische bijdrage van drummer/zanger Nick D’Virgilio. En dat is te merken ook. Het nummer wijkt behoorlijk af van de geëigende BBT structuur en heeft zelfs een naar jazz-rock neigende toon, verfrissend, zonder helemaal van het bekende pad af te raken. Er is volop ruimte voor alle instrumentalisten om hun kwaliteiten te demonstreren. Prima herkenbaar thema trouwens. D’Virgilio is sowieso uitstekend op dreef op dit album, zijn bijdragen vanachter het drumgestoelte mogen zowel als inventief, dynamische als stuwend worden gekwalificeerd. Hij laat op dit album zijn beste (drum-)werk tot op heden horen. Voor mij is de Amerikaan de absolute revelatie van het album.

Pianoklanken en Longdon’s kenmerkende stemgeluid bepalen de intro van Theodora In Green And Gold, over de kleurrijke mozaïeken in de basiliek van San Vitale in Ravenna. Heerlijk meezingbaar refrein met lekker rockend ritme en een hoofdrol voor de elektrische gitaar in dit toegankelijke nummer. En voor het eerst solozang van onze held en co-schrijver Nick D’Virgilio die laat horen nog steeds een meer dan uitstekend zanger te zijn. Dezelfde pianoklanken uit de intro brengen het nummer ook naar het einde. Hier en daar zijn klanken van The First Rebreather waar te nemen, zonder storend te zijn. Het regent hard en er waait een storm tijdens de intro van Ariel, het langste nummer van het album en het tweede in de triptiek van epische progsongs op dit album. Het nummer is een tekstuele tour de force van David Longdon en omvat zowel een karakter van Shakespeare als de dood van auteur Shelly in een storm voor de kust van Italië. Het stuk start met een plechtig en droevig stukje samenzang, een crematielied ‘Singing oh, blow the winds’. Rachel Hall laat haar viool zingen als in de beste tijden van Kansas. Prachtige harmonieuze samenzang ook, wederom een hoogtepunt.

Nog een ‘longsong’, Voyager doet qua lengte nauwelijks onder voor voorganger Ariel en is opnieuw een topper op het nieuwe album. De kopersectie draagt bij aan het kenmerkende geluid in dit nummer, opgedragen aan reizigers in verleden, heden en toekomst, in het bijzonder het gelijknamige ruimteschip. Er is volop ruimte voor de excellente muzikaliteit van de individuele leden, met name de razende toetsensolo’s bevallen goed. Met het afsluitende Homesong is de grote rondreis bijna ten einde, het schip zeilt weer veilig in Britse wateren, de opvarenden zijn blij weer thuis te zijn. Voor het leven verrijkt, klaar om hun aandeel in de samenleving te doen en het grote avontuur van de rest van hun leven voort te zetten. ‘We are home now!’ klinkt het bijna jubelend, ondersteund door het volledige blazers ensemble. De cirkel is rond.

Indrukwekkend is een understatement, wat een geweldig album! De teksten zijn al even diepgaand en hebben een sterk lyrische, soms zelfs poëtische inslag. Het bijgeleverde tekstboekwerk met 52(!) pagina’s is het meer dan waard om gelezen te worden; het biedt nog meer verdieping en inzicht in de achtergronden van en inspiratie voor de nummers. Het productieteam Longdon/Spawton verdient een groot compliment, hetzelfde geldt voor het hoesontwerp van de hand van Sarah Ewing, haar interpretatie van de Griekse God Apollo.

Een kritische kanttekening: de groep loopt het risico zichzelf te herhalen, de vergelijking met het oudere werk ligt regelmatig op de loer. Dat heeft ook te maken met de structuur van de nummers, die sterk op elkaar lijkt. Het stoort mij persoonlijk niet, de kwaliteit van het gebodene staat niet ter discussie, maar ik kan me voorstellen dat je jezelf niet straffeloos kunt blijven herhalen.

“Grand Tour” is een uitstekend album geworden, misschien wel het beste wat de heren/dame van Big Big Train sinds “English Electric Pt I” hebben geproduceerd. De kwaliteit druipt er vanaf, het album is sterk over de hele linie, er zitten nauwelijks zwakke punten in, de cohesie is hoog. Meer prog ook dan voorheen, de folk-invloeden hebben enigszins aan kracht ingeboet. Als je naar BBT luistert is het soms moeilijk om je te focussen op de muziek als geheel, er gebeurt zoveel dat je je aandacht regelmatig moet verdelen. Zoals een schilderij van Da Vinci waar je nooit op uitgekeken raakt. Het veelgeroemde klankenpalet lijkt alleen maar breder en dieper te zijn geworden, voor zover dat nog mogelijk was. Een sterke kandidaat voor de topplaatsen in de jaarlijkse eindejaarlijstjes. Het is te hopen dat de band het motto van dit nieuwe album nu zelf ook eens toepast: een ‘Grand Tour’ door Europa om ons deelgenoot te maken van hun rijke muzikaliteit in een live setting. Het zal tijd worden.

Alex Driessen
Koop bij bol.com

Progwereld | Recensies