Kijk ook eens op onze facebook pagina of meld je aan voor onze mailinglist en blijf op de hoogte.

Big Big Train – The Difference Machine

big-big-train-the-difference-machine.jpg

Gelaagdheid. Sfeer. Opbouw. Spanning. De juiste plaatsing van geluidjes, noten en accenten. Een ongelooflijk sterk gevoel van timing en een gruwelijk groot vernuft in compositietalent. Muziek dat je in pastorale sferen brengt, en de tevens swingt als een bezetene. Zo goed, dat je bijna traantjes in je ogen krijgt dat je een progfan bent. Zo goed, dat je er bijna verdrietig van wordt als je een Wereldse-Tien-stemmer ziet, die niet op deze plaat stemt. Ooit een plaat tegenkomen die je zo tegen de muur aan beukt, eentje die je alle andere topplaten van het jaar even terzijde doet schuiven?  “The Difference Machine” van Big Big Train is er zo één.

Nu was ik al buitengewoon onder de indruk van de trage, pastorale “Bard” (2002) met zijn eindeloze, en compromisloze tracks zonder einde. En ook het vlottere “Gathering Speed” (2004) kon bij mij de handen op elkaar krijgen. “The Difference Machine” overtreft beide in alle opzichten. Niet alleen zijn de composities sterker, tevens weet de groep uit Bournemouth juist de sterkste elementen van beide voorgaande platen trefzeker te pakken. De genoemde albums hadden ook nadelen, maar die zijn op “The Difference Machine” vakkundig uitgefilterd.

Met creativiteit zo groot, is het geen wonder dat de gastenlijst van deze cd – die indrukwekkend genoeg is – feitelijk niet heel veel ter zake doet. Niet dat je het niet hoort! Integendeel, met name in Perfect Cosmic Storm, de eerste van drie reuzetracks die de bulk van het album vormen, hoor je het geweld van Nick D’Virgilio en Dave Meros (beiden Spock’s Beard) een haast perfect huwelijk aangaan met de toch wel zeer eigen sound van Big Big Train. Ik mag op grond van dit alleen maar hopen dat Gregory Spawton, feitelijk de belangrijkste man van Big Big Train, ook deze Amerikaanse band eens helpt een waarlijk goed album te maken. Ook Pete Trewavas (Marillion) bast stevig los in het eveneens langdurige Pick Up If You’re There. Hulde ook voor Steve Hughes en Andy Poole, die feitelijk weinig hun instrument mogen aanraken op dit album, hoewel Poole tekent voor de voortreffelijke productie. Het bewijst alleen maar de devotie van Big Big Train. Het doel is de muziek. Dat die van ongekend hoge klasse is, is inmiddels geen geheim.

Voor de snelle scrollers hier een tip. Op hun site is zo’n beetje hun hele album te downloaden. Nou, veel plezier ermee! Ik zie je stem wel binnenkomen, binnenkort.

Als je dit na een jaar – of tien jaar – leest (dan telt je stem niet meer), zal je het met me eens zijn. “The Difference Machine” is een ongekende klassieker. Zoals gezegd wordt de teneur van het album bepaald door drie composities met een flinke lengte. Ze nemen alledrie erg de tijd om hun aanwezigheid te benadrukken, en een kniesoor zal ze misschien te lang vinden. Dat moge zo zijn, maar de muziek van Big Big Train leent zich juist om je in te laten onderdompelen. Verdrink erin, zou ik zeggen.

Hope This Finds You is een prachtige introductie, waarin ijle synthesizerklanken spoedig gezelschap krijgen van de viool van Becca King en de saxofoongeluiden van Tony Wright. Veel thema’s van de plaat zitten al in deze interlude verstopt. Dan opent het lange Perfect Cosmic Storm met een werkelijk heerlijke riff van Spawton (die de constante riff van Gazpacho’s “Nightbijna doet verstommen), waarna de Amerikaanse vrienden van Spock’s Beard zorgen dat de hel losbarst. ‘For Me There Is No Hope At All’, zingt Sean Filkins, uitstekend van stem overigens. Maar ‘the difference machine flies’ en langzaam maar zeker maakt het tumult plaats voor rust en kalmte, voorzien van heldere melodieën en de prachtigste thema’s. Rond de vier minuten, als je al muzikaal materiaal bent gepasseerd waar je een hele plaat mee zou kunnen maken, komt één van de fraaiste thema’s van de plaat voorbij, en houdt gelukkig een tijdje aan. Daarop stapelt de groep allerlei prachtige thema’s. Hoe vind je het basloopje van Meros? Hoe vind je die Hammond rond de zes minutengrens? Hoor je hoe lekker D’Virgilio hier drumt?  Tenslotte verandert rond de negen minuten de sfeer wéér. Hoe symfonisch de muziek ook is, en hoe bombastisch het geheel zéker ook voelt, dit zijn geen knutselachtige tempowisselingen, hier evolueert de muziek. Dit is een schoolvoorbeeld van hoe je een lange compositie kan vormgeven zonder vervelend te worden. Ach, en die Moog-solo helpt dan ook. Aan het einde keert het eerder genoemde zalige thema terug, verstopt onder allemaal lagen mooi borduurwerk. Van mij had het een uur mogen duren.

Kom erbij, en luister goed, want anders zullen deze woorden je nooit bereiken. Ook de tweede lange track, het nog langdradigere Pick Up If You’re There, is een juweeltje. Het begin heeft het constante herhalende ‘these words may never reach you’ als noviteit, maar gaandeweg neemt het tempo af, en vormen zich onder flarden geluid een hypnotiserend geheel over het almaar herhalende ‘pick up if you’re there’. Prachtig is als na het vioolstukje van King rond de vier minuten het symfonische bombast zijn dynamische hoogtepunt krijgt, kippenvel alom! Dit is ook een cd die zijn geheimen pas na tientallen luisterbeurten prijsgeeft, want pas bij het schrijven van deze recensie valt me rond de vijf minuten op dat Trewavas een prachtig toonladdertje ten gehore geeft. Was me na zéker honderd draaibeurten nog niet opgevallen.

Ik kan nog jaren schrijven over deze cd. Over de geweldige andere lange track, Saltwater Falling On Uneven Ground. De debiel goede afsluiter Summer’s Lease, dat één van de mooiste overgangen ooit kent. Sfeervol. Harpgeluiden, terwijl er geen harp op het album te vinden is. Statig. Majestueus. Overrompelend. Passende stiltes. Erupties van geluid. Schitterende echo’s. Deze trein is groot, groot.

Markwin Meeuws
Koop bij bol.com

Progwereld | Recensies