Like ons ook op Facebook!

Cosmograf – Mind Over Depth

Cosmograf - Mind Over Depth

Cosmograf ben ik gaan volgen na het fenomenale “The Man Left In Space” uit 2013. Dit was het doorbraakalbum dat qua sound en Gilmour’esk gitaargebruik voor mij meedingt naar de niet bestaande ere titel ‘Beste opvolger van het legendarische album “Wish You Were Here’ van Pink Floyd. Op verre afstand staat voor mij daar nog steeds op 1: “The Sky Moves Sideways” van Pocupine Tree, maar daarover later meer.

Compositorisch kreeg Robert Armstrong op dat album het steeds beter onder de knie om tot een punt te komen. “When Age Has Done It’s Duty” was daarvoor zo’n album met prima nummers, maar omdat de punchline maar niet kwam werd het daardoor een wat dolend geheel. In de opvolgers “Capacitator” en “The Unreasonable Silence” paste hij met succes dezelfde songstructuren en conceptmethodiek toe waarbij elk album toch zijn eigen sfeer en zeggenschap heeft. Een trucje dat met het voor mij redelijke “The Hay-Man Dreams” een eerste indicatie van metaalmoeheid naar voren bracht.

Met dit nieuwe album, “Mind Over Depth” revancheert alleskunner Robin Armstrong zich, maar pas op, buiten de metaforische titel om zit er verder geen waarschuwingssticker op. Het zal deze keer wellicht niet ieders favoriet gaan worden. Fans van het eerste uur zullen de gedragen nummers en neo-progressieve inslag van de muziek missen en dan is het ook nog niet eens een echt conceptalbum. Het bekende hoorspel-element, dat Cosmograf steevast toepast om de typerende album conceptsfeer te creëren, wordt ditmaal sporadisch opgevoerd. Daar tussendoor gaat het er stevig aan toe. En met stevig bedoel ik niet bij vlagen zoals in de nummers Motorway of Hay Man op het voorgaande album.
Nee, werkelijk alle nummers duiken diep de inktzwarte wateren in van de progressive metal. Het zijn op dit album juist de rustige introductie- of korte tussenfasen die in de nummers kort en bondig blijven! Dat zijn we niet gewend van Cosmograf.

Of dit komt doordat Porcupine Tree’s Colin Edwards als bassist op de eerste twee nummers meespeelt weten we niet, maar het productionele trucje had Robin Armstrong schijnbaar snel door. De progressieve metal sound van hetzelfde Porcupine Tree die we horen op de albums “In Absentia” tot aan “The Incident” komen op dit album op verschillende wijze terug. Misschien voor Colin verontrustend, maar ik bespeur geen merkbaar speelverschil in de baspartijen in de andere drie nummers die Robin zelf op zich nam. Zou Robin naast gekend gitarist en prima toetsenist nu ook basspecialist gaan worden? Als multi-instrumentalist erkent Robin Armstrong gelukkig zijn beperkingen en heeft hij ook voor dit album wijselijk weer voor Kyle Fenton als echte drummer gekozen. Zo worden smakelijk en stijlvol de drumpartijen adequaat ingevuld zoals hij dat ook al deed op “The Hay-man Dreams”.

Wat ik alleen mis zijn introspectieve nummers zoals Cut The Corn die een rustmomentje brengen en waar de breekbare zangstem van Robin Armstrong eigenlijk net iets meer bij past dan bij dit metalgeweld. Toetsentechnisch is er allemaal niet veel veranderd, maar op het eind een beetje techno met een Richard Barbieri twist in te zetten, dat pakt uitstekend uit.

Voor mij is het hoe dan ook een topalbum dat zeker in mijn persoonlijke top 10 van 2019 terecht komt. Zonder compromissen aan de Cosmograf compositiestijl te doen lijkt Robin Armstrong de schroom van zich te hebben afgeschud en durft hij met zijn riffs en solo’s de gitaarduellen met de zware jongens uit de metalscene aan te gaan. Wellicht haken er een paar mellow fans van het eerste uur af, maar komen er zeker uit de metalhoek vele nieuwe bij.

Jos Driessen

Progwereld | Recensies