Kijk ook eens op onze facebook pagina of meld je aan voor onze mailinglist en blijf op de hoogte.

Galahad – Empires Never Last

Galahad - Empires Never Last

Ondanks dat de historie van Galahad terug gaat tot 1985 leveren deze heren met “Empires Never Last” pas hun 7e studioalbum met origineel materiaal af. Dat eventuele kwaliteit ten koste gaat van kwantiteit kan dus allerminst gezegd worden. Wel dat hun muziek op de zes voorgaande cd’s nog wel eens voer voor discussie was en zelfs menigeen tegen de haren instreek, zoals bij mij. Maar met dit album heeft Galahad de koers radicaal gewijzigd en een zeer sterke plaat afgeleverd die veel liefhebbers van neo-prog zal aanspreken. Ik maak me dan ook sterk dat dit album niet het meest succesvolle album van de groep tot nu toe zal gaan worden en kan wedijveren met de grote in dit genre.

Hier is grotendeels één man voor verantwoordelijk en dat is Karl Groom (bekend van o.m. Threshold). De naam en faam van zijn (en Clive Nolan’s) Thin Ice Studio’s is reeds wijd en zijd bekend in symfoland. Gelukkig voor Stuart Nicholson en kornuiten hebben zij deze faam nu van zeer dichtbij kunnen meemaken, want Karl Groom heeft weer puik werk geleverd. Productioneel werk kan je gerust aan deze man overlaten. Alle nummers klinken immers als een luide klok, mede dankzij de meer stevige sound die veel nummers hebben meegekregen.

Het album gaat a capella van start met klassiek aandoende samenzang van het trio Tina Booth, Tina Groom en Sarah Quilter, waarna Stuart Nicholson op brute wijze de titel van het nummer (Defiance) je huiskamer in brult. Nee, deze agressieve zang is niet voor tere zieltjes bedoeld. Evenmin de heftige muzikale bombast waarmee het nummer eindigt trouwens. De nieuwe stevige sound van Galahad is nog verder vormgegeven in het pittige Termination, met gitaarriffs die sterk aan Threshold doen denken. Ook de zang van zowel Stuart Nicholson, met zijn enorme bereik, en eerder genoemd damestrio is van hoge kwaliteit.

Centraal op het album staat het veertien minuten klokkende I Could Be God. Snelle repeterende toetsen (sequences), roffelende drums en felle gitaarriffs geven het nummer een volstrekt unieke opening. Wanneer de charismatische zang invalt, betreed je het walhalla van pure neo-prog. De zang van Stuart Nicholson vertoont hier ook sterke overeenkomsten met Fish uit zijn beste dagen, waardoor delen van het nummer ook doen denken aan de beginperiode van Marillion. Nadat gas wordt teruggenomen houden de toetsen en de nu weer fragiele zang aan. Delen van de bekende ”˜I Have A Dream’ toespraak van ds. Martin Luther King zijn in het nummer geïntegreerd, waarna een instrumentaal stuk aanbreekt waar zowel Marillion als IQ nog een flinke punt aan kunnen zuigen. Na bijna veertien minuten maakt een ijzingwekkende schreeuw een eind aan het nummer.

Ook Sidewinder kent ook weer de stevige Threshold-achtige sound waarin ook elementen van IQ terugkomen. Het is verder een vrij vlak nummer met een aanstekelijke melodie, waarop Karl Groom, evenals op het instrumentale Memories From An African Twin, een gitaarsolo voor zijn rekening neemt en zelfs George Bush jr. een gesproken gastrol vertolkt.

Het aan Pallas refererende titelnummer Empires Never Last heeft een heerlijk lang en naar een climax toewerkend ritmische intro, compleet met basriff en stuwende drums. Dat Stuart Nicholson een geweldige zanger is bewijst hij door zijn enerzijds rustige en dan weer agressieve manier van zingen, totaal niet gehinderd door de heftige erupties op gitaar. De melancholieke meezinger This Life Could Be My Last is een passend slotnummer van deze geweldige schijf.

Heb je albums van de vetgedrukte groepen in je kast staan, maar ontbreekt Galahad nog aan dat rijtje, dan kan je zonder meer overgaan tot aanschaf van “Empires Never Last”. Ik durf zonder blikken of blozen te stellen dat Galahad zich met dit album definitief naast deze gevestigde namen in de neo-progressieve rock plaatst.

Hans Ravensbergen

Koop bij bol.com

Progwereld | Recensies