Maak kans op vrijkaarten voor het optreden van Leap Day in de Singer te Rijkevorsel (België) op 15 september 2018. Klik hier voor onze prijsvraag.

Genesis – We Can’t Dance

genesis-we-cant-dance.jpg

Na het (commercieel) succesvolle Genesisalbum “Invisible Touch” (nummer 1 in Engeland) bleef het lang stil rondom de band. Veel mensen vroegen zich af of het drietal nog ooit weer bij elkaar zou komen. De reden van de lange stilte was uiteraard de zeer succesvolle solocarrière van Phil Collins. Zowel zijn album “No Jacket Required” (1985) als “But Seriously” (1989) bereikten zowel in Engeland als in de VS de nummer één positie. Met zijn concerten kreeg hij steevast en moeiteloos hele stadions vol. Na zijn succesvolle But Seriously Tournee vond Collins de tijd rijp om weer met Genesis verder te gaan.

In 1991 kwam het hier besproken album uit. Naïeve fans die gehoopt hadden dat het nieuwe Genesis album een (weer) meer symfonisch geluid zou krijgen, kwamen bedrogen uit. De hitmachine die Collins met zijn solowerk had ontworpen, werd op dezelfde manier bij Genesis ingezet. Voor veel fans van het eerste uur moet “We Can’t Dance” dan ook een teleurstelling zijn geweest. Het grappige is dat ik totaal anders naar dit album kijk. Net zoals velen van mijn generatie (ik ben van ‘76) was dit mijn eerste kennismaking met Genesis. Het album maakte diepe indruk op mij destijds (ik was toen dus 15 jaar). Pas jaren later ontdekte ik dat Genesis de bakermat van de symfonische rock was en dat Peter Gabriel (die ik alleen van nummers als Sledgehammer kende) vroeger deel van de band uitmaakte.

Natuurlijk klinkt de muziek commercieel en staat er een flink aantal popsongs op en natuurlijk is het allemaal niet meer zo symfonisch. Feit blijft dat “We Can’t Dance” een uitstekend album is dat destijds garant stond voor vele hits. De symfonische kant van de muziek is echt niet geheel verloren gegaan. Neem het beste nummer van het album Driving The Last Spike. Het heeft een heerlijke opbouw en zelfs een paar prachtige tempowisselingen in huis. De emotie die Collins in zijn stem legt, zorgt na al die jaren nog steeds voor kippenvel. Ook het afsluitende nummer Fading Lights is gewoon een heerlijk symfonisch nummer. Vooral de zalige toetsensolo van Banks doet naar meer verlangen.

Naast deze twee hoogtepunten tref je op het album ook een paar prachtige popsongs en ballades aan. Neem bijvoorbeeld het mooie ingetogen Hold On My Heart, het uptempo Way Of The World en het geladen en spannende Dreaming While You Sleep. Stuk voor stuk prachtige nummers. Het zijn juist de grootste hits van dit album die als zwakste broeders bestemd mogen worden. Het bijzonder flauwe en ronduit irritante I Can’t Dance werd een joekel van een hit in de wereld. Waarschijnlijk zal de geslaagde videoclip met het Michael Jackson-dansje op het einde daar ook een grote rol in gespeeld hebben. Ook Jesus He Knows Me werd een enorme hit en ook daar zullen de grappige teksten en dito videoclip hun invloed gehad hebben.

“We Can’t Dance” mocht de boeken ingaan als één van de beste en meest succesvolle platen van de jaren ‘90. De symfonische rock liefhebbers zullen daar (terecht) anders over denken. Toch kunnen we niets anders doen dan de muzikale keuzes van de heren te respecteren. We hebben muzikaal zo ontzaglijk veel aan ze te danken!

Maarten Goossensen

Progwereld | Recensies