Like ons ook op Facebook of meld je aan voor onze mailinglist

Leap Day – Skylge’s Lair

Leap Day - Skylge's Lair

Skylge is Fries voor Terschelling, maar of het eiland een baai met vuurtoren kent zoals op het hoesje afgebeeld, betwijfel ik. Ik ben er maar één keer geweest, maar ik weet verder vrij zeker dat de hoge bergen, zoals getekend in het boekje, niet te vinden zijn op het overigens prachtige eiland. Een vuurtoren staat er wel! Alleen vermoed ik dat deze meer zal opvallen dan deze, die immers is verborgen in een grot. Lekker handig!

Voor zij die het nog niet weten, Leap Day is in 2006 door drummer Koen Roozen opgericht en bestaat uit een ratjetoe van muzikanten eerder actief in onder meer Flamborough Head, King Eider en Nice Beaver. Na het uitbrengen van een demo in 2008 verscheen in 2009 het debuut “Awakening The Muse”, dat terecht door collega Maarten werd bejubeld. De heren hebben er blijkbaar zin in, want nog geen twee jaar later ligt “Skylge’s Lair” alweer in mijn cd-speler.

Leap Day brengt het soort symfonische rock dat de liefhebber doet smullen, en de tegenstanders doen gruwen. Het leunt dankzij het toetsenspel van de maar liefst twee toetsenisten wat tegen de neoprog aan, en de band zou inderdaad een dubbelconcert met het Duitse Martigan moeten overwegen, hoewel dat ook een overkill aan hyper melodieuze toetsensolo’s en lyrische gitaarcapriolen kan betekenen. Het zal duidelijk zijn, voor de no-nonsense progliefhebber is “Skylge’s Lair” spekkie voor het bekkie.

Als we wat dieper op de plaat inzoomen bemerken we dat de productie enorm is verbeterd. Met name het basspel van Peter Stel komt veel sterker uit de mix, met zelfs een heuse (prachtige!) bassolo in Home At Last. Datzelfde nummer heeft een heerlijk, lekker flauw, Camel-achtig thema dat fantastisch wordt uitgewerkt. Maar ook met de dynamiek van de plaat zit het wel snor. Een nummer als Walls stormt lekker binnen, neemt gas terug, en gaat dan voortvarend van start. Ook de plaatopener The Messenger laat een volwassen band horen, die vol zelfvertrouwen de prog-scene wil laten horen wat ze in hun mars hebben.

Dat Eddie Mulder een fantastische gitarist is, behoeft geen betoog. Hij soleert in diverse nummers dat het lieve lust is, het mooiste aan het einde van Walls, hoewel de solo rond de 5 minuten ook niet mals is. De wisselwerking tussen hem en één van de toetsenisten is ook mooi. Jammer dat het boekje niet vermeld wie welke solo doet, want wie de toetsensolo doet in het instrumentale Skylge’s Lair verdient een Oskar (geen spelfout)!

Wat ik ook knap vind van Leap Day is dat de compositie centraal staat. Ze begrijpen de kunst van het weglaten, maar ook van de kunst een compositie het juiste mee te geven. Vooral Road To Yourself is daarvan een goed voorbeeld, en het tevens één van de hoogtepunten van de plaat. Zanger Jos Harteveld is overigens voor Leap Day een droomzanger. Een goede zanger, maar bovendien sympathiek klinkend, alsof hij je wilt meenemen de muziek in. Prachtig is bijvoorbeeld hoe hij een simpele ballad als The Willow Tree volkomen naar zich toe kan trekken. Hij zingt rauw en gevoelig tegelijk, en de eenvoud van het nummer is een welkome afwisseling tussen het symfonisch geweld van de omringende tracks. Ook de samenstelling van de cd is voorbeeldig. Hoe heerlijk de cd te eindigen met zo’n triomfantelijke melodie als in de afsluiter Time Passing By. Een fantástische afsluiter.

Valt er dan niks te zeuren? Nee, eigenlijk niet. Misschien had het irritante ”˜grapje’ aan het einde weggelaten mogen worden. Lastig voor onze I-Pod ook. Ik haat ”˜ghost tracks’ trouwens. Ze moesten verboden worden. Het moge echter duidelijk zijn dat “Skylge’s Lair” erg goed is. Een Nederlands product om trots op te zijn.

En aangezien ik nu weet dat de leden van Leap Day deze recensie zullen lezen, daag ik ze uit. Leap Day betekent schrikkeldag, en de eerste schrikkeldag is woensdag 29 februari 2012. Ik verwacht iets moois die dag. Niet voor mij, maar voor de fans van Leap Day. Een nieuwe cd, een ep, een optreden met ene Duitse formatie, het boeit niet. Ik daag ze uit!

Markwin Meeuws

Progwereld | Recensies