PRIJSVRAAG: Win kaarten voor het MOMfest 2018, met o.a. Vuur, InFloyd en 5150. Klik hier voor de prijsvraag.

Neal Morse – One

Neal Morse - One

Gezien de reacties op “Testimony” moet de komst van een nieuwe plaat van Neal Morse tot de hoogtepunten van het jaar gerekend worden. Gelukkig is Neal zo productief, dat er elk jaar wel zo’n hoogtepunt te beleven valt. Daarbij wisselen blijde verwachting en stille vrees elkaar af, want het is vast weer een meesterwerk, maar er komt vast ook een moment dat de ergernis aan het religieuze gehalte het wint van de vreugde om de muzikale kwaliteiten. Geruststelling: dat moment is wat mij betreft nog niet bereikt, al komt dat vast omdat Engels mijn moedertaal niet is. Nu kan ik van de muziek genieten zonder de betekenis van de woorden tot mij door te laten dringen. Had Neal in het Nederlands gezongen, dan had ik de plaat waarschijnlijk niet uit kunnen luisteren. Dat zegt overigens meer over mij dan over “One”.

Er zijn goede argumenten om “One” te vergelijken met “Be” van Pain Of Salvation. Een plaat van een proggenie over de relatie tussen mens en God. Op beide platen verslechtert die relatie aanzienlijk voordat de vergeving komt; elke plaat begint vrolijk, heeft een verdrietig middengedeelte en een vrolijk of in elk geval geruststellend einde. Zowel Neal als Daniël Gildenlöw gaan met wel hele grote stappen door het omvangrijke verhaal, waardoor er een zekere naïviteit van afstraalt. Maar waar “Be” sommigen teleurstelt omdat POS zover van het bekende geluid afdwaalt, stelt “One” een beetje teleur omdat Neal er zo dichtbij blijft. Bij de eerste paar draaibeurten dacht ik steeds: deze plaat heb ik al jaren in de kast staan, alleen heet-ie daar “V”.

Alle elementen die we sinds “The Light” kennen van Neal Morse keren op “One” terug, van de grote thema’s die een hele plaat meegaan via de jazzy intermezzo’s tot de van Gentle Giant geleende vocale fuga’s als in Thoughts I en II. Aan de ene kant betekent dit gegeven dat liefhebbers van Spock’s Beard zich vanaf de eerste toon helemaal thuis voelen op deze plaat, aan de andere kant is het jammer dat Neal de ontegenzeggelijke vooruitgang die hij met “Testimony” had geboekt niet doorzet.

“Ja maar,” zal je zeggen, “een plaat die de vergelijking met “V” kan doorstaan is toch geen slechte plaat?” Ik ben blij dat je erover begint, want ik begon me al zorgen te maken over de negatieve kant die deze recensie opging. Geen zorgen, “One” is een heel erg goede plaat geworden, die wat mij betreft tot het beste behoort dat Neal gedaan heeft. Dat wordt het meest duidelijk in The Separated Man, een lang stuk dat is opgebouwd uit een paar kortere liedjes. In het gedeelte dat teruggrijpt op een eerder liedje, The Man’s Gone (Reprise), zit een lang instrumentaal, folky stuk, spannend, knap gespeeld met een erg mooie solo van Phil Keaggy. Echt een briljante passage, maar vreemd of veelzeggend genoeg ook het stukje dat me het minst aan SB herinnert.

Met “One” grijpt Neal Morse dus terug op de muziek van de bands die hem het meest hebben beïnvloed, de symfokanonnen als Yes, Genesis en Gentle Giant en andere bands uit de zeventiger jaren als The Eagles, Supertramp en ELO. Het resultaat is een plaat die meer prog dan progressief is, tachtig minuten heerlijke muziek. Laat ik het zo zeggen: als dit het allereerste was dat ik ooit van Neal Morse had gehoord, had “One” mijn muzikale wereldje totaal op zijn kop gezet. Maar dat hoefde niet meer, want dat had “The Kindness Of Strangers” al gedaan. Daarmee is “One” weliswaar een herhaling van zetten, maar wel van de meest briljante zetten die ik ken.

Andere topstukken, naast The Separated Man, zijn de opening The Creation, een schitterende symfonische epic, Help Me/The Spirit And The Flesh, een snel en swingend lied dat vooral door de fraaie harmonieën de jaren ‘70 van de vorige eeuw in herinnering brengt en de vrome afsluiter Reunion, waar de blazers een lekker feestje helpen bouwen voordat het grote thema de plaat schitterend afsluit. Er wordt superieur gemusiceerd, onder andere door Mike Portnoy, die de competitie weer eens ver achter zich laat.

Het enige zwakke stuk van de plaat is het korte Cradle To The Grave, dat begint als een lief liedje, maar dat een larmoyant duet wordt als Keaggy in de rol van God de mens Morse toezingt. Het bewijst in elk geval dat de mens beter zingt dan God.

Het is een merkwaardige toestand. Neal heeft met zijn vroegere bandje de lat voor dit soort muziek zo onwaarschijnlijk hoog gelegd dat het niet eens meer opvalt als hij die lat weer eens moeiteloos haalt. “One” is in zijn categorie makkelijk de beste plaat van het jaar, maar zo langzamerhand is Morse zo’n begrip geworden dat hij boven dat soort kwalificaties staat.

Erik Groeneweg

P.S. Natuurlijk is er van “One” ook weer een Special Edition, met een extra plaatje waarop onder andere covers van I’m Free van The Who, Day After Day van Badfinger, U2’s Where The Streets Have No Name en het George Harrison nummer  What Is Lfe? staan.

Koop bij bol.com

Progwereld | Recensies