Win concertkaarten voor Franck Carducci op 22 september in Willem Twee te Den Bosch. Klik hier voor deelname.

Tangerine Dream – The Virgin Years 1974-1978

Tangerine Dream - The Virgin Years 1974-1978

Alle tientallen andere platen die Tangerine Dream sinds 1970 opnam ten spijt, de ”˜gouden eeuw’ van de Duitse band onder leiding van Edgar Froese was toch wel de kleine tien jaar dat de groep onder contract stond bij Virgin Records. Het succesverhaal van TD is ook die van een startende ondernemer (Richard Branson), die nadat hij meteen scoorde met zijn eerste uitgave (Mike Oldfield’s Tubular Bells) op zoek was naar meer nieuwe geluiden. Die hoorde hij in de wekelijkse show van John Peel bij de BBC; de inmiddels overleden dj had TD’s “Atem” bekroond tot plaat van het jaar 1973. Branson nodigde de groep gelijk uit in Engeland en het contract was snel getekend. Anno 2011 brengt datzelfde Virgin een 3cd box uit met de eerste vijf studioplaten die op het label uitkwamen.

De ontwikkeling in de elektronische muziek is goed te horen op de platen van Tangerine Dream. De groep is – zeker tot 1990 – trendsettend geweest en heeft nooit eieren voor zijn geld gekozen. Op de bands beste albums gaat die voortschrijdende techniek wel samen met kwalitatief goede composities en dat gaat niet altijd op. Met name de laatste twintig jaar zijn de echte meesterwerken op één hand te tellen. De periode 1974-1978 is er eentje om door een ringetje te halen. Na het zoekende en veelal abstracte materiaal dat de Ohr-jaren (1970-1973) kenmerkt, krijgt de muziek van TD op de eerste vijf Virgin-platen meer vorm, wordt die toegankelijker en spreekt die ook steeds meer luisteraars aan die de progressieve rock nauw op de voet volgen.

Op het eerste gehoor is “Phaedra” een logisch vervolg op voorganger “Atem”. Een prettige bijkomstigheid is de nog ruige sequencer, die Chris Franke ”“ zoals op het titelnummer te horen is – nog maar net onder de knie heeft. Froese grossiert in majestueuze Mellotron-stukken, zoals Mysterious Semblance At The Strand Of Nightmares, terwijl Peter Baumann zorgt voor de inkleuring met extra Mellotrons, fluit en elektronische piano. Als “Rubycon” ruim een jaar later (begin 1975) wordt opgenomen, klinken die sequencers meer gepolijst en is de sfeer aangrijpender en intenser. Het album is in zijn geheel een belangrijke blauwdruk voor veel elektronische muziek die volgt. Ook de hoezen van Monica Froese spreken tot de verbeelding en dragen bij tot de populariteit van de groep. Muziek en hoes vormen samen een waar, in de Duitse traditie verankerd, ”˜Gesamtkunstwerk’. Vooral de hoes van “Rubycon” is een schot in de roos.

Pas op “Ricochet” (bestaande uit live- en studio-opnamen!) is te horen hoe ongelofelijk hard en vol TD kan klinken. Froese gaat vooral in het tweede deel behoorlijk los op de elektrische gitaar en in combinatie met de nieuwe Project Elektronik Sequencer van Baumann levert dat wederom een mijlpaal in de elektronische muziek op. Op het in 1976 verschenen “Stratosfear” slaat de groep een andere weg in. Akoestische instrumenten, zoals piano, gitaar, harmonica en een klavecimbel, worden toegevoegd maar dat resulteert niet in een nieuw meesterwerk. Het melodische aspect is meer aanwezig dan op eerdere albums en afgezien van het titelstuk en Invisible Limits leidt dat niet tot nieuwe memorabele momenten. Toch is “Stratosfear” een album dat goed op zichzelf staat.

Na een uitgebreide Amerikaanse tournee stapt Baumann eind 1977 op na meningsverschillen met Froese en Franke. Die zitten even in zak en as, maar krijgen eind dat jaar versterking van drummer Klaus Krieger en multi-instrumentalist Steve Jolliffe, die eind jaren zestig al kortstondig TD-lid was. Het viertal neemt “Cyclone” op, een omstreden plaat in het TD-oeuvre, omdat er voor het eerst een hoofdrol is weggelegd voor zang en teksten. In vergelijking met de voorgaande platen is dat even wennen, maar deze koerswijziging onderstreept wel de muzikale ontwikkeling. Terugluisterend laat de plaat een groep in een overgangsperiode horen die op twee gedachten hinkt: Bent Cold Sidewalk en Rising Runner Missed By Endless Sender komen vooral op het conto van Jolliffe terecht, terwijl Madrigal Meridian een typisch Froese/Franke-stuk is. Helaas is deze bezetting geen lang leven beschoren; na een teleurstellende tournee wordt Jolliffe uit de groep gezet en beraden Froese en Franke zich andermaal op de toekomst.

De drie cd’s zijn verpakt in een dik doorzichtig doosje, waarin ook een boekje zit dat grotendeels het originele artwork van de lp’s bevat. Dat ontbrak nog bij eerdere cd-uitgaven uit de jaren tachtig en de veel geroemde 1994-remasters van Simon Heyworth. Geluidstechnisch is de kwaliteit van de remastering vergelijkbaar met het topwerk van Heyworth, dus weinig nieuws onder de zon. Datzelfde geldt voor de bonustracks: een paar singleversies (die vooral op promotionele uitgaven terechtkwamen) en ”˜edits’, plus een paar ”˜radio ads’. Het maakt deze verzameling van klassieke TD-platen absoluut geen must. Virgin maakt pas een goede beurt als zij voor volgende delen van deze serie echte bonustracks gebruikt, zoals de Tatort-tracks uit 1982 en 1983 en het extra materiaal dat op de lp-box “70-80” staat – en nog nooit officieel op cd is uitgebracht.

Bezitters van de heruitgaven uit 1994 kunnen deze ”˜fat box’ dus laten liggen, maar voor luisteraars die TD nog willen ontdekken is deze box de ideale instap voor weinig geld. Zelden is op drie cd’s zulk belangwekkend materiaal in de elektronische muziek bij elkaar gebracht. Noem het een soort ”˜Rosetta Stone’. Essentiële en tijdloze platen.

Wouter Bessels

3CD:
Koop bij bol.com

Progwereld | Recensies