Win een uniek T-shirt van Consortium Project. Klik hier voor deelname.

Unitopia – Artificial

Unitopia - Artificial

Als ik in Australiё zou wonen, in de buurt van Adelaide, zou ik best bij de band Unitopia willen spelen en dat is niet alleen vanwege de muziek. Bij de promo  van “Artificial”, hun derde album, zit namelijk een foto van dit goedlachse gezelschap die me erg aanspreekt.  De zevenkoppige band straalt er een gezelligheid uit die op me overkomt alsof het de band van de buurman betreft. Misschien komt het omdat bij sommige bandleden de haargrens zich ook strategisch teruggetrokken heeft, maar ik voel een bepaalde verwantschap. Nee zonder gekheid, mijn sympathie voor de band komt puur omdat ik op “Artificial” 53 minuten lang de beste bedoelingen hoor.

Unitopia is sociaal nogal geёngageerd.  Zo  heeft de band meegewerkt  aan tributes voor onder andere Haïti en het kinderkankerfonds, maar hun betrokkenheid blijkt  toch vooral uit de maatschappijkritische songteksten welke handelen over mens en wereld. In dit geval is “Artificial” zelfs opgehangen aan een heus concept  met  teksten die gaan over kunstmatige intelligentie. Mijn computer snort er dan ook lustig op los en ondertussen laat de band horen beslist geen stelletje geitenwollensokken rockers te zijn. Er ligt vaak een poёtisch laagje melancholie over de teksten en dat is mooi.

Stijlsgewijs is er zo goed als niks veranderd ten opzichte van hun eerdere albums.  Nog steeds maakt de band een toegankelijke vorm van prog die elementen bevat uit het denkbeeldige handboek (prog in vier decenia). De band knutselt  weer moeiteloos metalriffs, jazzy piano-akkoorden en passages wereldmuziek in elkaar. Het is natuurlijk vrij logisch dat een band uit Australiё zich bezig houdt met smeltkroes-achtige muziek.

Met nummers als Artificial World, Not Human Anymore, Tesla en Gone In The Blink Of An Eye laat Unitopia horen gegroeid te zijn, zowel compositorisch als qua uitvoering. De muziek klinkt vooral netter en is daardoor misschien voor sommigen wat te glad. Desalniettemin loopt het allemaal gesmeerd, met name in het epische Tesla. Hier wordt op een laag van melodieuze baspartijen lekker vrijuit met de nodige toetsenthema’s gestoeid variёrend van vlotte Marillionloopjes tot sprankelende piano. Twee momenten vallen buitengewoon positief op. Allereerst is daar een superswingend stuk sax dat je op een cruiseschip doet wanen en vervolgens is daar het ‘We are, We are’ stuk, een grappig klinkend meezingmelodietje van puur goud.

De breinen  achter de band, zanger Mark Trueack en toetsenist Sean Timms, die tevens componist en producer van de plaat zijn, hebben goed werk verricht. Samen met hun bandmakkers zijn ze tot een aantal prima nummers gekomen die op de juiste momenten hun levendigheid tonen.  Het is een goede zaak dat er saxofoon aan het bandgeluid is toegevoegd zodat het af en toe lekker kleurrijk wordt. Bij ideeёnrijke muziek als deze is helaas lang niet altijd alle materiaal oke, wat net als in dit geval de coherentie van het album niet ten goede komt. “Artificial”  is dan ook te bont voor zijn tijdsduur. Persoonlijk ben ik niet  zo weg van de hommage die met Nothing Lasts Forever aan The Beatles is gedaan en ook de jazzy toestanden van Rule Of 3’s kunnen me niet  echt  bekoren.

Tot dan toe is het album gewoonweg prima te noemen met nummers die qua niveau variёren van redelijk tot  goed met in de vorm van Tesla zelfs een uitschieter naar ‘zeer goed’.  Een  mooie oogst weliswaar en toch heeft  Unitopia te kampen met een  fenomeen dat ook geldt voor hun eerdere platen: hun daden willen niet echt in een supernummer resulteren. En dan is daar die prachtige afsluiter The Great Reward. Het nummer is nogal songmatig, maar dat is juist een geweldige structuur voor deze chill-out. De zanglijn en het gedragen toetsenspel monden er uit in een heerlijke maar o zo obligate gitaarsolo. Voor het eerst bezorgt Unitopia me mierentietjes. Als ik in Unitopia zou spelen had ik zeker geopperd om het thema ook aan het begin van het album te gebruiken,  maar ja, mijn tronie staat dan ook niet op dat gezellige kiekje.

“Artificial” is een integer album van een integere band. De mannen zitten natuurlijk niet te wachten op de dag dat ik m’n koffers pak en richting Australie emigreer. Eigen schuld dikke bult. Hadden ze me maar niet moeten verblijden met dat prima album. Een gevoel voor relativering is echter wel op z’n plaats: een prima plaat mag best gemist worden,  een briljante is esseniteel.

Dick van der Heijde

Progwereld | Recensies