|
De saga van Silmarillion
eindigt waar de genesis van Marillion begint … in 1982 begint
de groep qua personeelsbezetting vaste vormen aan te nemen en na het
eclatante succes van de ep "Market Square Heroes" (met het
epische Grendel als b-kant) en enkele succesvolle optredens in de
legendarische Marquee Club beginnen ook de platenmaatschappijen
interesse te tonen. De voorkeur gaat uiteindelijk naar EMI en in 1983
blazen Derek William Dick (aka Fish, zanger), Steve Rothery (gitaar),
Mark Kelly (toetsen), Pete Trawavas (bas) en Mick Pointer (drums) een
doodgewaand genre nieuw leven in met "Script
For A Jester’s Tear".
De bijna wanhopige en verweesde symfomanen van die tijd beschouwen de
groep als de enige, ware erfgenamen van Genesis en consorten hoewel
"Script
For A Jester’s Tear" toch in bescheiden mate een
stijlbreuk met de jaren zeventig betekent. De songs zijn korter qua
tijdsduur, melodieuzer, minder complex en daardoor toegankelijker.
Bijzonder opmerkelijk is ook het fraaie en kleurrijke hoesontwerp van Mark
Wilkinson, die de fantasieën van Fish treffend vorm weet te geven.
Mick Pointer wordt eind 1983 de laan uitgestuurd en na kortstondige
interims door Andy Ward (Camel), John Martyr en Jonathan Mover
(later nog bij GTR), wordt Ian Mosley aangenomen als nieuwe mepper
van dienst. Het succes van het debuut wordt bestendigd met " Fugazi"
(1984), een album dat weinig verrassingen inhoudt en de ingeslagen weg
verder exploreert.
" Misplaced
Childhood" (1985)
is een heuse conceptplaat en wordt richting hitparade gestuurd door twee
hitsingles, Kayleigh en Lavender. De vlekkeloze productie
is deze keer van de hand van Chris Kimsey, die de knoppenbatterij
van Nick Tauber geërfd heeft. Een spekje voor het bekje van vele
audiofielen, die de alsmaar uitdijende fanbasis van Marillion
ondertussen al verrijkt hebben. Het overweldigende succes van "Misplaced
Childhood"
resulteert in een al even succesvolle tournee, die pas halverwege 1986
beëindigd wordt. Het leven in hotellobby’s en bars vormt alvast de
inspiratiebron voor het volgende album, "Clutching
At Straws", dat
in 1987 verschijnt en misschien wel als het meest coherente Marillion +
Fish album beschouwd mag worden. De single Incommunicado doet het
overigens verre van slecht in de hitparades. Het moeizaam tot stand
gekomen hoesontwerp van Mark Wilkinson verraadt dat één en ander niet
langer op wieltjes loopt en die vermoedens worden bevestigd door het
plotse vertrek van Fish uit de band (1988). Het veel te intensieve
tourprogramma en het excessieve drankgebruik van Fish hebben duidelijk
hun tol geëist.
In
1990 brengt Fish nog een uitstekend soloalbum uit, "Vigil In A
Wilderness Of Mirrors", maar zijn carrière kent van dan af een
bijzonder grillig verloop. De overige bandleden vinden vrij snel een
vervanger voor de boomlange Schot in de persoon van Steve Hogarth, die
zijn sporen bij The Europeans verdiend had. De nieuwe zanger /
songschrijver werkt zich vrij snel in en in 1989 al verschijnt het
eerste Marillion + Hogarth album: " Seasons
End". De groep
opteert voor een warm, clean geluid en pakt met (herwerkt) songmateriaal
uit dat steeds meer richting pop lijkt af te drijven. Het klikt
alleszins tussen Hogarth en de groep en ook de fans blijven trouw op
post. In die wetenschap wordt aan een opvolger gewerkt en die verschijnt
in 1991: "Holidays
In Eden", een
album dat de lijn op "Seasons
End" netjes
doortrekt en een nog hoger popgehalte vertoont. In 1992 start de groep
met de voorbereidingen voor een nieuw album. Ondanks het succes van de
twee voorgaande albums, wil de groep zich behoeden voor een al te
commerciële sound. "Brave"
(1994) slaagt in dat opzet en wordt door vele fans nog steeds als een
meesterwerk beschouwt. Het vrij complexe thema (beknotting van de
spirituele leefwereld door een materialistische levenswijze) wordt tot
in de details uitgewerkt en levert een zeer gevarieerd geluid op, hoewel
de groep bij vlagen een wat vermoeide indruk maakt. "Brave"
flopt in termen van verkoopcijfers en EMI begint argwaan te krijgen met
betrekking tot de exuberante uitgaven die met elke ‘making of’
gepaard gaat. Het roer wordt drastisch omgegooid met het vrij luchtige
"Afraid
Of Sunlight"
(1995), een plaat die de wat donkere teneur op "Brave" ver
achter zich laat.
Er komt een einde aan de samenwerking met EMI en dat heeft gevolgen
voor de moeizame release van " This
Strange Engine"
(1997). Dat de heren uiteindelijk toch kunnen gaan toeren in de
Verenigde Staten, heeft alles te maken met de trouwe fans aldaar, die
voor de nodige fondsen zorgen om de tournee te sponsoren. Op "Radiation"
(1998) worden nieuwe bronnen aangeboord en vele fans vinden dat
Marillion te veel naar Radiohead heeft zitten luisteren. De lancering
van hun nieuwe website "Marillion.com"
wordt ondersteund door de gelijknamige cd uit 1999, die de ingeslagen
weg verder bewandelt en dus nog steeds een vrij modern geluid laat
horen.
Begin 2000 lanceert de groep een uniek experiment: fans kunnen de
opnames van het nieuwe album meefinancieren door een voorbestelling te
plaatsen. Meer dan 12.000 trouwe adepten zijn hiertoe bereid en zo kan
" Anoraknophobia"
(2001) opgenomen worden. Mede dankzij het succes van deze nieuwe
werkwijze, wordt EMI bereid gevonden om mee in te staan voor de
distributie van deze dubbel cd. Mogelijk heeft ook het zijsprongetje van
bassist Pete Trewavas bij de supergroep Transatlantic voor een
extra boost gezorgd want maar liefst 18.000 fans willen financieel
bijdragen voor de opvolger, "Marbles"
(2004) geheten. De trend naar modernisering, ingezet in 1997, heeft
uiteindelijk geleid naar een album dat door zowat iedereen als een nieuw
hoogtepunt in de lange carrière van Marillion beschouwd wordt. De oude
en nieuwe fans hebben mekaar gevonden en met dit gegeven lijkt de groep
opnieuw erkenning gevonden te hebben bij een brede laag van de
proggemeenschap.
Het hele jaar 2006 word besteed
aan het schrijven en opnemen van nieuw materiaal, waarbij er in de
tussentijd een EP zou verschijnen met wat nieuw materiaal en een
aantal nummers die nog uit de Marbles-sessies stammen en daar niet op
terecht zijn gekomen. Echter het schrijven van het nieuwe materiaal
verloopt zo voorspoedig dat dit plan uiteindelijk in de ijskast
verdwijnt. Naar gelang het jaar 2006 vordert wordt duidelijk dat er
uiteindelijk begin april 2007 een compleet nieuw album in de winkel komt
te liggen: "Somewhere Else". En weer verlegt de band haar
koers en opteert voor een wat lichter geluid en korter en pakkender
materiaal. Er is zelfs schijnbaar zoveel geschreven dat de band vol
zelfvertrouwen in het boekje van het album kan aankondigen dat in
voorjaar 2008 het vijftiende album zal verschijnen.

|