Maak kans op toegangskaarten voor Habitants in De Effenaar te Eindhoven op Zondag 7 April 2019, met in het voorprogramma Thalamus. Klik hier voor onze wedstrijdpagina!

Anekdoten – Until All The Ghosts Are Gone

Anekdoten – Until All The Ghosts Are Gone

Idolaat als ik ben van Scandiprog is het amper het vermelden waard dat ik het meest recente album van Anekdoten weer ouderwets geslaagd vind. Lange tijd was Anekdoten de enige overgeblevene van het trio bands die de Zweedse prog renaissance van de jaren negentig inluidden. Landberk was immers al jaren inactief, en tot hun comeback een paar jaar geleden was het ook uiterst stil rondom Änglagard. Het was dus aan Anekdoten om als vaandeldragers de eer van de Zweedse Mellotron brigade hoog te houden, een rol die de band met verve vervulde. Na het schitterende album “A Time of Day” uit 2007 werd het echter behoorlijk stil rond de groep. Daar waar de Zweden voorheen iedere twee tot vier jaar een nieuw album uitbrachten, liet “Until the Ghosts Are Gone” bijna acht jaar op zich wachten. Het gepaste cliché verlangt dat ik nu concludeer dat het album het wachten meer dan waard was, dus bij dezen (al ben ik niet bijzonder geduldig en houd ik niet van wachten – niet de enige overeenkomst die ik heb met het Koekiemonster).

Met zes nummers is “Until All the Ghosts Are Gone” qua tracklist het meest beknopte album van de band. Tegelijkertijd is de plaat hierdoor wellicht wel de meest klassieke progrock-release van de groep, vooral gezien de lengte en opbouw van de composities. Na de wat minder op klassieke prog georiënteerde albums als “A Time of Day” en het tot op zekere hoogte door indie geïnspireerde “Gravity” keert de band hiermee terug naar haar vroegere jaren. De composities op het nieuwe album zijn op het eerste gehoor een stuk melodieuzer en meer symfonisch dan de nummers van bijvoorbeeld “Nucleus”, maar klinken niettemin eigendaags, zodat gesteld kan worden dat “Until All the Ghosts Are Gone” het midden houdt tussen het vroegere en het latere Anekdoten.

Onveranderd is natuurlijk de centrale rol die gespeeld wordt door de Mellotron, mijn ideale vrouw (mijn Tindermatches voelen zich nu gepasseerd, maar helaas, het moet gezegd worden want ik ben een eerlijke jongen). “Until All the Ghosts Are Gone” is een subliem Mellotron album, dat net als met name “Vemod” en “From Within” het godeninstrument zowel klassiek als verrassend weet te gebruiken. Van de subtiele Mellotronfluit in het refrein van Shooting Star tot de King Crimson-achtige strijkers van Get Out Alive of de strijkers en ‘male voices’ van Writing on the Wall blijkt dat Anekdoten nog altijd een band is die buitengewoon goed weet wat te doen met de Mellotron. Zoals ik recent al stelde in mijn recensie van het optreden van King Crimson in Utrecht ben ik een ouwemeuk fetisjist, en de Mellotron staat, op de voet gevolgd door onder andere de Hammond, de Mini-Moog en de Fender Rhodes, bovenaan mijn lijstje van toetseninstrumenten waarvan ik ga watertanden en huilen als een prairiewolf. Anekdoten is alleen al hierom een van mijn favoriete bands.

Maar natuurlijk is dit niet de enige reden waarom ik Anekdoten zo hoog heb zitten. Nog los van hun bijzondere – en bijzonder geuite – voorliefde voor de Mellotron en andere vintage toetseninstrumenten schrijft de band al ruim twintig jaar sublieme composities. Van Karelia tot Hole en van Book of Hours tot Sad Rain weet de band continu te fascineren, een indrukwekkende eigenschap die van album tot album onveranderd is gebleven. Ook op het nieuwe album doet dit talent van zich spreken. Tracks als Get Out Alive en If It All Comes Down to You zijn schitterend opgebouwd en laten stuk voor stuk de typische kenmerken van de stijl van de groep horen: het soms hoekige en soms uiterst melodieuze gitaarspel van Nicklas Barker, het ronkende basspel van Jan Erik Liljeström, het felle en strakke drumwerk van Peter Nordins, en het altijd subtiele en treffende toetsenwerk van Anna Sofi Dahlberg (vroeger speelde ze ook nog cello, aber das war einmal…). Ook het instrumentale en gedeeltelijk geïmproviseerde “Our Days Are Numbered” verliest geen moment de aandacht. Zelfs de zang, toch altijd het relatief zwakke punt bij Anekdoten, is inmiddels zo kenmerkend geworden voor het geluid van de band dat er amper nog kanttekeningen bij geplaatst kunnen worden. Voeg hieraan toe dat het album ook een podium biedt aan illustere gasten als Theo Travis (onder andere gast bij Porcupine Tree en Steven Wilson) en Per Wiberg (ex-Opeth) en het moge duidelijk zijn dat “Until All the Ghosts Are Gone” wederom een tot in de puntjes uitgewerkt album is.

Sterk positieve recensies moeten vaak met enige terughoudendheid benaderd worden, omdat overmatig enthousiasme vaak leidt tot het negeren van mindere aspecten van de muziek. Bij dit album zijn echter amper kritische kanttekeningen te plaatsen. Wellicht haalt de band het niveau niet van “From Within”, mijn favoriete Anekdoten plaat, en had de muziek na acht jaar wachten wel iets vernieuwender kunnen zijn, maar Anekdoten zit zoveel niveaus boven het gros van de hedendaagse progscene dat ook dergelijke kritiekpunten amper afbreuk doen aan de kwaliteit van het gebodene. Sure, ik zou wel wat gebalanceerder kunnen schrijven over dit album, maar what ever. Deze groep behoort gewoon onbetwistbaar tot de absolute top van de prog.

Dus ja, ik ben fan, en ja, dat betekent vast dat ik minder kritisch naar dit album kijk dan misschien zou moeten. Maar ondanks deze bezwaren kan zonder meer gesteld worden dat “Until All the Ghost Are Gone” een band laat horen die na meer dan twintig jaar nog steeds onveranderd relevant is. Binnen de Anekdotencanon is dit album misschien niet het allerbeste, maar wat betekent dat als alles van de groep op zich uitstekend is? “Until All the Ghosts Are Gone” is hoe dan ook een van de meest belangwekkende releases van 2015 – en dat is gewoon een simpele doch onbetwistbare waarheid.

Christopher Cusack

CD:
Koop bij bol.com

LP:
Koop bij bol.com

Progwereld | Recensies