Kijk ook eens op onze facebook pagina of meld je aan voor onze mailinglist en blijf op de hoogte.

Anima Mundi – I Me Myself

Anima Mundi – I Me Myself

Anima Mundi brak in 2010 internationaal door met het schitterende “The Way”. Het drie jaar later uitgebrachte “The Lamplighter” werd ook met gejuich ontvangen. De verwachtingen waren, weer drie jaar later, dan ook hoog gespannen bij het uitkomen van de nieuwste schijf van deze Cubanen.

Vele luisterbeurten later blijk ik een pareltje in handen te hebben gekregen. De muziek van Anima Mundi geeft zich namelijk niet in één keer prijs. De complexe structuren en de veelheid aan tempo- en sfeerwisselingen hebben tijd nodig om zich in je hoofd te ”˜rijpen’. Je moet er voor werken om alle finesses tot je door te laten dringen. Maar dan openbaart zich een muzikale belevenis die je maar een enkele keer per jaar meemaakt.

“I Me Myself” heet de nieuwe schijf van Roberto Díaz en zijn makkers. Je zou het een logisch vervolg op “The Way” kunnen noemen. De epische, symfonische stukken ontbreken ook nu niet. Drie van de zes tracks klokken boven de tien minuten. De stem van alweer een nieuwe zanger ”“ Michel Bermudez ”“ lijkt ook wel wat op die van Carlos Sosa, die op “The Way” te horen was. Als we hem zijn vreselijke accent vergeven kunnen we hem een goede zanger noemen, die zeker in de hogere regionen zijn mannetje staat.

Maar de band leunt niet op eerder succes. Zij blijven op zoek naar nieuwe horizonten om hun muzikale ideeën gestalte te geven. Ze deinzen er niet voor terug een uitstapje te maken naar een ontspannen jazzavontuurtje. Een vleugje metal is ook een nieuw element. Díaz geeft hier met zijn gitaar krachtig invulling aan. En dan hebben we nog een kleine blazerssectie (saxofoon en trompet) die voor een extra dimensie zorgt. Met name toetseniste Virginia Peraza zorgt voor soms psychedelische sferen met haar geweldige spel. Associaties met de oude Pink Floyd dringen zich dan ook op. Díaz gooit hier nog een schepje bovenop door zijn gitaarspel soms als dat van David Gilmour te laten klinken. Om nog meer duidelijk te maken waar deze Cubanen hun mosterd vandaan hebben gehaald, laat ik ook de namen van Genesis en Yes vallen, die zeker als inspiratiebron hebben gediend.

Peraza speelt werkelijk de pannen van het dak. Ze soleert op doorgaans klassieke instrumenten, waaronder de Hammond en de Mellotron. Zij bepaalt voor een belangrijk deel de melodie en kan daarbij flink tekeer gaan, maar ook ingetogen piano-intermezzo’s zijn aan haar besteed. Een vette knipoog geeft zij ook naar het spel van Genesis legende Tony Banks. Naast het boetseren van klassieke symfonische landschappen is zij voortdurend op zoek naar nieuwe klanken. Díaz laat als bandleider zijn gitaar voortdurend spreken en het lijkt erop of zijn solo’s steeds fraaier worden.

De lange stukken vervelen geen moment, er zit zoveel moois in dat de luisteraar voortdurend geboeid blijft. Maar ook in de kortere tracks is veel te genieten. Een afsluitende ballade met zalige Mellotronklanken en een slepende gitaar bijvoorbeeld, is hemels in zijn eenvoud.

“I Me Myself”  is een uitstekende cd, die naar mate je hem vaker beluistert steeds weer nieuwe geheimen lijkt prijs te geven. De composities en de productie kloppen helemaal en Díaz en Peraza hebben zoveel in huis dat zij ook met overgave etaleren, dat het luisteren naar hun spel alleen al voldoende is om intens te genieten. Maar als Díaz soleert en Peraza legt daar enkele lagen verfijnd toetsenwerk achter (of andersom), dan belanden we echt in de hogeschool van de symfonische rockmuziek.

Dus, klassieke symfoliefhebbers, mis dit niet, ga hiernaar luisteren. Claim tijd en ruimte om hier eens ongegeneerd van te gaan genieten. Zorg dat je niet gestoord kan worden en denk daarbij dan even een paar uur alleen aan I Me Myself”¦

Fred Nieuwesteeg

Progwereld | Recensies