Steve Walsh

Glossolalia

Info
Uitgekomen in: 2000
Land van herkomst: Verenigde Staten
Label: Magna Carta Records
Website: Steve Walsh
Genre: progressieve rock
Tracklist
Glossolalia (5:20)
Serious Wreckage (6:01)
Heart Attack (4:18)
Kansas (9:00)
Nothing: (3:08)
Haunted Man (5:35)
Smackin’ The Clowns (10:05)
That’s What Love Is All About (5:05)
Mascara Tears (7:05)
Rebecca (5:15)
Steve Walsh: zang, toetsen
Met medewerking van:
Steve Brownlow: gitaar
Virgil Donati: drums
Trent Gardner: toetsen, trombone, orkestraties
Wayne Gardner: gitaar, basgitaar, orkestraties
Billy Greer: basgitaar
David Manion: digitale bewerking
Jim Roberts: Hammond
Mike Slamer: gitaar
Page Waldrop: steelgitaar, akoestische gitaar
Black Butterfly (2017)
Dark Day (2007)
Shadowman (2005)
Glossolalia (2000)
Schemer-Dreamer (1980)

We kennen Steve Walsh natuurlijk allemaal als die energieke zanger van Kansas met die krachtige, heldere, hoge stem. Die zanger die altijd als een lijster klonk, vooral in de samenzang met Steinhardt en Greer. Dat beeld veranderde eind jaren tachtig en culmineerde in 1992 in een desastreuze vocale prestatie op het album “Live At The Whiskey”. Het jarenlange intensief toeren en overmatig drank- en drugsgebruik eisten hun tol en het was soms pijnlijk om te horen hoe groot de impact daarvan was op zijn stem. Midden jaren negentig wist Walsh, met behulp van onder andere bandmaat Phil Ehart, zijn demonen te lijf te gaan en uiteindelijk ook de baas te blijven.

Op het Kansas album “Somewhere to Elsewhere” uit 2000 werd duidelijk wat die wilde jaren met zijn stem hadden gedaan. Zijn stemgeluid was donkerder geworden, wat in een aantal nummers van dat album juist heel goed uitpakte. Daarnaast had hij aan bereik in de hoogte duidelijk moeten inleveren, waardoor hij in sommige nummers pijnlijk geforceerd en schreeuwerig moest zingen.

Ten tijde van de opnames van “Somewhere to Elsewhere” was Walsh druk bezig met zijn tweede soloalbum. Het eerste, “Schemer-Dreamer”, stamde uit 1980 en was een bekrachtiging van zijn wens om uit het progressieve keurslijf van Kansas te breken en een meer mainstream pad te bewandelen. Zijn tweede soloalbum, getiteld “Glossolalia”, ontstond op voorspraak van Pete Morticelli, baas van het label Magna Carta. Het is muzikaal mede vormgegeven door Trent Gardner, oprichter van de Amerikaanse progmetalband Magellan. Uit de samenwerking tussen Walsh en Gardner hoef je geen verfijnde symfonische rock te verwachten. Te meer omdat Walsh er voor koos zich artistiek te laten leiden door de confrontatie met zijn eigen demonen. Dat zorgt ervoor dat het een ongrijpbaar album is geworden waarbij alle uithoeken van het muzikale spectrum worden verkend. De stijl switcht moeiteloos van zware progressieve metal en techno-achtige grooves naar verstilde country en vervolgens naar bombastische ballads en theatrale artrock. Het drumwerk van Virgil Donati verdient daarbij wel alle lof.

In de titeltrack, die letterlijk ‘in tongen spreken’ betekent, horen we zware metalriffs, afgewisseld met techno-beats en bombastische orkestraties. Walsh declareert en zingt, met enigszins vervormde stem, zijn tekst over artistieke en persoonlijke rebellie, eigen integriteit en innerlijke stormen. Hij doet dit met een venijn en furie die we van hem nog nooit hebben gehoord.

In Serious Wreckage kruipt Walsh in de huid van een automobilist die in het donker, onder invloed, een kind doodrijdt. Hij bezingt deze gebeurtenis en de worsteling en emoties die de dader vervolgens ondergaat op uiterst emotionele wijze. Hij wordt daarbij treffend ondersteund door de instrumentale invulling. Heart Attack is een metaforische omschrijving van een toxische aantrekkingskracht waarin een vrouw zijn emotionele wereld onderuit haalt. Dit wordt verklankt met een mix van funky jaren ’90 disco, technobeat, zware metalgitaren en een bijna ‘rappende’ zangstijl van Walsh, gecombineerd met messcherpe koortjes.

In het bijna negen minuten klokkende epos Kansas bezingt Walsh op indrukwekkende wijze het onrecht dat de inheemse bevolking van Kansas (The People of the South Wind) is aangedaan. Hij doet dit in een heerlijke symfonische setting. Tijd voor een rustpunt, Nothing, een melancholische countryballad, erg mooi, compleet met steelgitaar. In Heart Attack zong Walsh al dat hij zich een ‘Haunted Man’ voelde. Deze Haunted Man heeft het gevoel dat hij de controle verliest en wordt achtervolgd door innerlijke demonen. Het couplet is klein met akoestische gitaar om in het refrein te ontaarden in gejaagde en venijnige elektrische gitaren en een zanger die zingt alsof hij letterlijk op zijn hielen wordt gezeten.

Pièce de resistance is Smackin’ The Clowns, een progmetal epic over de hardheid van het leven waarin het publiek (de rijken) lacht om het spektakel terwijl het de artiesten (de gewone man) een stuk slechter vergaat. Veel tempowisselingen, bombastische orkestraties, heavy gitaren, geluidseffecten en een rauw, theatraal zingende Walsh. In That’s What Love’s All About gaat het er gelukkig een stuk positiever aan toe. In dit groovy nummer zingt Walsh vol vuur op een funky gitaarriff.

In de ballad Mascara Tears bezingt Walsh liefdesverdriet met gevoel voor dramatiek. In de prachtige orkestratie klinkt de pijn van het verdriet treffend door. De titel van de slottrack Rebecca verwijst rechtstreeks naar het beroemde, gelijknamige boek van de Britse schrijfster Daphne du Maurier. In een vrij traditionele stevige ballad bezingt Walsh de thema’s van het boek. De messcherpe gospelachtige koortjes zijn prachtig en het gitaarwerk is om van te smullen.

Het album staat vol van intense nummers waarvan de zangmelodieën vaak niet alledaags zijn. Walsh legt er met zijn stem zijn hele ziel en zaligheid in en gaat daarbij soms over de top. In de elektronische geluiden en percussie zijn invloeden van het solowerk van Peter Gabriel terug te vinden. Bovendien gebruikt Walsh in het nummer Kansas de metafoor ‘Red Rain’, voor de Gabriel-kenners een bekende metafoor.

Het album werd geen commercieel succes, al kreeg Walsh wel veel credits voor zijn eclectische en vernieuwende muziekstijl waardoor het mijns inziens toch een zeer sterk album is geworden. Het uitblijven van het commerciële succes stelde hem dermate teleur dat het een hele tijd zou duren voordat hij zelf weer nieuw materiaal ging schrijven.

Een jaar later zou hij nog wel een glansrol vervullen op het meesterwerk “Leonardo: The Absolute Man” van Trent Gardner.

LP


CD


CD

Send this to a friend