De Italiaanse band Wilson Project maakt veel indruk met het heerlijke album “Atto Primo”. Met één been in de jaren 70 en typisch Italiaanse symfo, maar met twee benen in het hier en nu. Een interview met Wilson Project over de ontstaansgeschiedenis, hun nieuwe album en hun naderende optreden op het Northern Prog Festival.
Ik denk dat veel lezers Wilson Project nog niet kennen. Kun je de band introduceren en ons iets vertellen over de geschiedenis van de band?
“Wilson Project is opgericht met de wens om muziek te maken die bij ons past, door de sfeer van de jaren 70 te combineren met een modern, persoonlijk geluid. We ontmoetten elkaar vele jaren geleden, een stel jongeren uit Acqui Terme, een klein stadje in Noord-Italië, allemaal dol op muziek. We waren allemaal al bezig met ons eigen muzikale ding en we waren al vrienden, maar op een gegeven moment besloten we om samen iets te creëren.
Annalisa Ghiazza is onze leadzangeres en de belangrijkste tekstschrijver. Ze is ook een multi-instrumentalist: ze begon op de klarinet en stapte tijdens onze eerste liveshows over op de aerofoon (een digitale houtblazer). Recentelijk heeft ze een synthesizer toegevoegd als secundaire laag, die de keyboards van Andrea Protopapa aanvult. Andrea is onze pianist en toetsenist, en hij wordt steeds meer omringd door synthesizers – zoals het elke goede progtoetsenist betaamt! De ritmesectie bestaat uit Stefano Rapetti op bas en Mattia Pastorino op drums. Andrea heeft onlangs ook zijn studie aan het Conservatorio di Torino afgerond, waar hij afstudeerde in jazzpiano.”
De gezamenlijke invloeden waren duidelijk: in eerste instantie de typisch Italiaanse symfo uit de jaren 70 en wat later kwamen daar Genesis en Emerson, Lake & Palmer bij. De naam Wilson Project refereert niet aan Steven Wilson.
“De naam Wilson Project komt niet uit een specifieke bron. Er zijn een paar filmische verwijzingen naar het concept van ons eerste album, maar we hebben de betekenis altijd een beetje mysterieus gehouden. Na verloop van tijd is Wilson een soort concept geworden, een personage dat we met onze muziek voortzetten, waar luisteraars hun eigen betekenis in kunnen vinden en zich mee kunnen identificeren, en dat vinden we erg leuk.”
Kunnen jullie ons iets vertellen over hoe jullie je songs schrijven? Begint het met een idee, of is er eerst een tekst?
“De meeste teksten zijn geschreven door Annalisa, terwijl de muziek voortkomt uit verschillende ideeën. Meestal komt Andrea met melodieën, met de piano als basis. Wat betreft ons vorige album “Atto Primo”: omdat het werk opera-ideeën mengde met iets persoonlijks, was het natuurlijk makkelijker en natuurlijker om vanuit deze benadering te componeren. Maar vanaf dat moment werd het iets van de hele groep. Iedereen in de band bracht zijn eigen ideeën en arrangementen in, sommige muzikale breaks en ritmische ideeën kwamen bij de ritmische sectie van Mattia en Stefano op. De hele verhalen waren ideeën die we allemaal samenbrachten. We denken aan onze muziek vanuit een orkestraal perspectief. Elk instrument heeft zijn eigen stem en ruimte terwijl ze met elkaar communiceren, en alles werkt samen om het lied en het verhaal dat we vertellen te ondersteunen.”
Heeft “Atto Primo” een specifiek thema?
“Het hele album is een eerbetoon aan opera. Wij geloven dat er een sterke band bestaat tussen de wereld van klassieke opera en progressieve rock. We hebben verschillende componisten uit de 18e en 19e eeuw gekozen en van elk één opera uitgekozen om inspiratie uit te putten. Voor elk nummer hebben we de originele opera bestudeerd, de melodieën, harmonieën en zelfs de instrumentatie, en daar iets van in onze nummers verwerkt. Maar we hebben het niet alleen geciteerd, we hebben het ritmisch en harmonisch aangepast aan ons progressieve rockgeluid. Elk nummer vertelt ook zijn eigen verhaal, niet specifiek gerelateerd aan de opera, maar met enkele links naar het scenario, en ook met verschillende literaire verwijzingen voor elk nummer. De titel “Atto Primo” is ontstaan als een verwijzing naar de opera. Maar we hebben deze titel ook gekozen omdat we met dit album echt een nieuw startpunt aan onze muziek willen geven. Al onze nummers zijn in het Italiaans en we zijn blij dat we onze oorsprong in onze muziek kunnen verwerken. Songteksten zijn belangrijk voor ons en we geloven heilig in de ideeën die we via onze woorden willen overbrengen.”
Kun je ons een inkijkje geven waar de verschillende nummers van “Atto Primo” over gaan?
“Het album begint met een ouverture, geschreven zoals in een klassieke opera, waarbij thema’s uit de rest van het album werden gebruikt om de hele compositie te introduceren. Daarna gaan we over op de verschillende nummers. Elk van hen is bedacht om de luisteraar mee te nemen naar zijn eigen wereld, waardoor een reis door verschillende plaatsen en sferen ontstaat. Vanuit tekstueel oogpunt is Taiji gebaseerd op een oude Chinese mythe. Ragnarok put uit Noorse legendes. De andere nummers – Bolshoi, Nihonga en Duat – zijn geïnspireerd op romans uit de 20e eeuw. We vertellen meestal niet te veel over de specifieke muzikale of literaire verwijzingen die we hebben gebruikt, omdat we het geweldig vinden dat de luisteraar geïnspireerd kan worden om ze te ontdekken, waardoor de luisterervaring een soort verkenning wordt. Het is ook belangrijk voor ons dat iedereen zijn eigen betekenis in de muziek kan vinden en zich er persoonlijk mee verbonden kan voelen.”
Jullie hebben aangekondigd dat jullie op 1 november op het Northern Prog Festival aanwezig zullen zijn. Wat kunnen fans van een show verwachten?
“We zijn erg blij, want dit is de eerste keer dat we in het buitenland spelen. Door de jaren heen hebben we in het buitenland een groeiende belangstelling voor onze muziek gezien. We hebben veel positieve recensies en complimenten uit Nederland ontvangen, dus we voelen een speciale band met het land. We kijken ernaar uit om onze internationale tournee daar te beginnen. Wie het concert bijwoont, kan verwachten dat we ons volledig geven. Voor ons draait optreden om het raken van de luisteraars, en we hopen onze emoties over te brengen op het publiek.”


