De Canadees-Australische band Trope brengt op 6 november in eigen beheer het dubbelalbum “Dyad” uit. Het album telt zeventien nummers, verdeeld over twee helften. Kant A bevat zeven progrocknummers, kant B tien nummers in de alternatieve rock. Volgens de band vertellen beide kanten hetzelfde verhaal op een andere manier, met liefde als rode draad. Gitarist en multi-instrumentalist Moonhead en zangeres Diana Studenberg werkten er drie jaar aan.

Op de progressieve kant wisselen lichte, atmosferische passages af met zwaardere en donkerdere stukken. Studenberg noemt als invloeden onder anderen Kate Bush en Tori Amos, maar ook Alice in Chains, Metallica en Pantera. Kant B is rechttoe rechtaan en op een aantal nummers neemt Moonhead de leadzang voor zijn rekening. Daar klinken onder meer jaren tachtig new wave, Toto, Queens of the Stone Age en de Seattle-sound van de jaren negentig door. Moonhead legt uit dat het duo bewust voor eenvoud koos: beiden zijn liefhebbers van popmuziek en wilden laten horen dat een goed nummer niet ingewikkeld hoeft te zijn.

Het duo maakte het album grotendeels zelf. Moonhead produceerde, speelde alle gitaar-, bas- en pianopartijen en verzorgde ook de mix en de mastering. Studenberg schreef samen met hem de teksten en melodieën en nam haar eigen zang op. Max Botco, die de band via Instagram vond, speelde het grootste deel van de drums in. Gavin Harrison (Porcupine Tree) drumt op Here’s to the Lonely en Gunnar Olsen (Puscifer) op een cover van Golden Brown van The Stranglers. Bij gebrek aan budget voor een studio werd met kleine laptopopstellingen opgenomen, onder meer in London (Ontario), Montreal, Toronto, Bulgarije en Mexico.

Er zijn al vijf singles verschenen. Op 6 november komt het volledige album wereldwijd uit, behalve op Spotify: daar verschijnt een jaar lang elke maand één nummer.