In deze maandelijkse column laat Dick van der Heijde z’n gedachten gaan over symfo en de rol die muziek speelt in z’n leven. Dick is geheel verlamd, kan niet praten, communiceert letter voor letter met z’n ogen maar bovenal is hij, zoals hij zelf zegt, al een kwart eeuw helemaal kierewiet van het genre.

Vandaag kan niet meer stuk bij mij. Ik heb geleerd om het kleine te waarderen. Dat kostte me trouwens erg weinig moeite want ik was toch al niet echt iemand  die z’n kick moest halen uit het beklimmen van de Hymalaya of het bezeilen van de Atlantische Oceaan. Ik zorg ervoor dat ik altijd iets heb om naar uit te kijken. Vandaar dat ik altijd wel één of meerdere cd’s in bestelling heb staan.Vanochtend kwam Diana aan de achterkant van m`n bed staan. Ze las een mailtje voor over m`n bestelling van “Artificial Paradise”, de nieuwste cd van Sylvan. Ik zal de dagen aftellen tot hij op de mat ploft. Een kwartier later liet ze me de verzamel cd`s zien die ik de avond ervoor samen met m`n broer gemaakt heb. Ze zien er perfect uit. Ik heb ze “Marble White”en “On Molten Soil” genoemd. Er staan nummers op van o.a. Brand X, Todd Rundgren en Sarah Maclachlan. Het in elkaar vogelen van dergelijke cd’s en het maken van een bijpassend hoesje zijn favoriete bezigheden van mij. Ja, ik ben zo’n vermaledijde downloader maar ik pleit mezelf vrij omdat ik nog evenveel geld aan cd’s spendeer als een paar jaar geleden. Het is natuurlijk niet zo dat  ik nu ineens overmatig veel Italiaanse bloesjes koop omdat ik bakken met geld overhou. Voor cd’s gaat altijd de knip open.

M’n laatste aanwinst is “After The Battle” van de Haagse Plackband. Ze hadden van de winkel opgebeld dat de cd binnen was. M’n ouders zijn er gisteravond tegen sluitingstijd in allerijl nog om geweest waardoor ik er vanochtend lekker naar kon luisteren. De Plackband doet me onherroepelijk terug denken aan Marcel, een vriend van mij uit Den Haag. Marcel en ik konden erg goed met elkaar opschieten. We gingen samen naar de Groennoordhallen in Leiden om naar Genesis te kijken. We bezochten regelmatig een concert en tijdens één van onze kroegentochten door Den Haag kwamen we uiteraard in de Paap terecht waar jammer genoeg de Plackband niet moest optreden.

Marcel was voor drie-achtste Surinamer, één-achtste Chinees en half Hollander. Ik kon het niet nalaten om hem er een beetje mee te pesten. ‘Ben jíj nou een neger? Ik zie in de zomer nog bruiner.’ We legden onze armen naast elkaar. Ik had aan Marcel gevraagd of hij het singeltje Seventy Warriors / Some Party van de Plackband voor me wilde kopen. Jaren lang bleek dit hun enige release te zijn. Ik vond het prachtig. Er was echter één ding waar ik me aan stoorde. Op het hoesje stond “Haagse klasse!”. Kijk, van een dergelijk soort chauvinisme hou ik niet zo. ‘Haha jullie kunnen dan Paultje van Vliet hebben wij hebben Freek de Jonge’,  zei deze trotse Goesenaar. Het bleef angstig stil onder dat krullen kopje.

Als Fred de fysiotherapeut z’n bewegingsoefeningen bij me komt doen draaide de Plackband cd voor de tweede keer. Door de dreunende baspedalen, de tapijten Mellotron, de kwetterende Moogloopjes en de fraaie gitaarthema’s vier ik een inwendig feestje. Klasse Marcel, Haagse klasse! M’n dag kan niet meer stuk.

Dick
dickmail@zeelandnet.nl