Atsuko Chiba

Atsuko Chiba

Info
Uitgekomen in: 2026
Land van herkomst: Canada
Website: Atsuko Chiba | Bandcamp
Label: Mothland Records
Genre: crossover prog, experimenteel, krautrock
Tracklist
Retention (5:33)
Pretense (3:42)
Future Ways (4:54)
Tar Sands (4:54)
Torn (4:30)
Locked and Array (8:58)
Karim Lakhdar: zang, gitaar, toetsen
Kevin McDonald: synthesizers, gitaar
David Palumbo: basgitaar, zang
Anthony Piazza: drums, percussie
Eric Schafhauser: gitaar, toetsen
Atsuko Chiba (2026)
Water, It Feels Like It’s Growing (2023)
Trace (2019)
Jinn (2013)

Deze band is er niet eentje die je bij het eerste geluid omarmt als een doorsnee progressieve rockband, inclusief de aanwezige clichés. Daarvoor pakt de muziek anders uit dan je gewend bent. Dus progressief…toch?

De Canadese band Atsuko Chiba komt uit Montreal, bestaat uit vijf bandleden, en maakt een mix van experimentele rock, postrock, krautrock, psychedelica en progressieve rock. De groep is in 2011 opgericht en heeft inmiddels vier langspelers geproduceerd. Waar op vorige albums soms een agressief en druk gitaargeluid te horen was, pakt de band het op dit album anders aan. De band produceert meerdere lagen van synthesizers, gecombineerd met repetitieve ritmes, verschillende genres, soms in een enkele song verpakt. De muziek van de Canadezen is een mooie ontdekkingstocht door een divers klankenpallet en lijkt als soundtrack uitermate geschikt voor Scandinavische krimi’s.

Neem bijvoorbeeld Pretense. Dromerig, zwevend, met veelzijdige toetsen en vervormde zang. Hier hoor je de belangstelling voor krautrock van de band en een heerlijke groove van de basgitaar. Retention sleurt je een omniversum binnen en werkt bijna hypnotiserend. De cd opent met een dreunende bastoon, bliepjes en andere elektronische klanken. De donkere stem van Karim Lakhdar leidt je een nummer binnen dat bol staat van de experimentele muziek, maar desondanks goed te volgen blijft. Het bevat vleugen van Faithless, waarin Maxi Jazz een inspiratiebron lijkt voor zanger Karim Lakhdar. Future Ways kent veel overeenkomsten met een band als Archive, zeker als je het einde van de track intensief beleeft.

Tar Sands is tribaal en repetitief, maar begint wat eentonig. Een combinatie van zware bas, percussie en intimiderende toetsen. Naarmate het nummer vordert, krijgt het een nagenoeg bezwerende vibe, verandert de zang, en neigt het naar rap. Tekstueel gaat het nummer over confrontatie en manipulatie. Torn start eveneens repeterend, waarin de toonhoogte van de gitaar langzaam opgedreven wordt.

Locked and Array is wat mij betreft het meest interessante nummer van het album en blijft ook meer in de stijl die je verwacht bij een progressieve rockband. Het start met een akoestische gitaar, waarna de elektrische gitaren op sfeervolle wijze aanhaken. Radiohead? Zeker als je de instabiele zang meeneemt in je beoordeling. Hoe dan ook: een melancholisch slot van het album.

Arsuko Chiba klinkt als een mix van Faithless, Archive en The Mars Volta. De band is na vier albums nog steeds zoekende in welk genre het zichzelf aangenaam voelt, maar liefhebbers van postrock, krautrock, experiment en diversiteit zullen hier geen miskoop aan beleven. Voor deze recensent is het geheel iets te repeterend en sleept de muziek te veel voort, iets waar bijvoorbeeld een band als Archive weer een goede balans in weet te vinden. Je hoort duidelijk talent en vakmanschap, maar “Atsuko Chiba” zal niet in mijn jaarlijst eindigen.

Send this to a friend