
Gjenferd, het langharige kwartet uit Noorwegen, keert terug met een tweede album vol superouderwetse, maar daarom niet minder lekkere hardrock. “Black Smoke Rising” is in de details zelfs nog fijner dan het gelijknamige debuutalbum uit 2024.
Zoals de band ruiterlijk toegeeft, is de muziek geïnspireerd op klassieke hardrock van Deep Purple en Black Sabbath. Zelf vinden ze ook nog dat er moderne invloeden hoorbaar zijn, zoals Ghost en Hällas, maar ik hoor zelf eigenlijk eerder Uriah Heep en Hawkwind. ‘Modern’ is een omschrijving die bij de muziek van Gjenferd past als ‘RIO’ bij UB40. Niet echt.
Dat neemt niet weg dat “Black Smoke Rising” lekker wegluistert als Purple, Sabbath en Heep onlosmakelijk aan je jeugd verbonden zijn. De tien stukken op deze plaat zijn simpel en wat lomp, maar ook zeer toegankelijk. Het zijn sterke composities die kneiterstrak gespeeld worden. Daarbij helpt het wel dat toetsenist Saervoll kan beschikken over een heerlijk smerig Hammondgeluid en dat drummer Larsen mept alsof de geest van Sabbath-drummer Bill Ward in hem gevaren is. Als zangers zijn Strand en Saervoll niet veel meer dan adequaat, als muzikanten in een hardrockoutfit zijn ze onovertroffen.
Voor zover dit soort onvolprezen herrie nostalgische gevoelens kan oproepen, is Gjenferd het ideale vehikel om herinneringen aan hardrocksjaaltjes en opnaaipatches op te halen. Gelukkig is het album in zijn relatief korte 42 minuten nog best afwisselend, vooral door de korte intermezzo’s Attergangar en Stillferd, waar mooie Mellotronfluitjes en tokkelgitaren voor een rustpuntje zorgen. Lang duurt dat niet, stukken als The Thrill en Calling Your Name voelen als een energieke, muzikale klap in je nek.
Erg fijn is Ride On, dat in het intro tegen Pink Floyd aanschurkt, maar al snel als een soort roadmovie de sokken erin zet. Ook hier valt weer op hoe strak deze band toch uitermate groovy kan spelen. De plaat sluit af met het langste nummer Like Wildfire, dat eindigt in een soort psychedelische jam.
Gjenferd speelt machtige muziek vol overtuiging en muzikaal vakmanschap. Je kunt gaan zeuren dat het niet echt prog is, dat het wel heel erg leunt op die bands uit de jaren zeventig, dat de teksten wat simpel zijn, of dat de mannen geen moeite doen om iets origineels te bedenken, en dan heb je helemaal gelijk. Maar dat neemt allemaal niet weg dat dit gewoon een heerlijk plaatje is, met het soort rock waar je stiekem heel blij van wordt. Ride On!