
Het Poolse duo Jaroslav Bielawski en Artur Wolski bracht in 2023 de ep “Oudeziel” uit, een jaar later deden ze dit nog eens dunnetjes over met een heruitgave. Nu verschijnt hun eerste volwaardige album. Mateusz Bankowski blijkt nu ook tot de band te behoren. Drie gasten completeren het geheel. Op “The Finest Hour” zijn de zwevende muziekpatronen gebleven. Collega Hans Ravensbergen noemde ze bij zijn recensie van “Oudeziel” ook al, deze genres: ambient, EM, postrock en progrock.
De vier instrumentale nummers ademen alle zo’n buitenaards sfeertje. IJl toetsenwerk, wat gepingel en gefriemel, en bij tijd en wijle doorklieft een scherpe gitaarsolo (van Wolski), die zo uit de mist lijkt op te doemen, het wolkendek van toetsen (ook van Wolski). Op twee nummers draagt Derek Sherinian bij op toetsen. Op het eerste is dit niet echt duidelijk, een beetje orgel wellicht, al is dit wel het nummer waarbij de gitarist het meest van zich doet spreken. Voor mij direct het hoogtepunt van de cd. Bij nummer twee doen wat psychedelisch toetsenwerk en vollere inzet op orgel Sherinians aanwezigheid vermoeden. Bij elkaar is zijn bijdrage toch niet heel spectaculair.
Meer van invloed zijn de gastzangers, die beiden ook twee tracks proberen op te leuken. De Braziliaan Renato Costa zingt niet onaardig, maar met een beetje overdreven galm in zijn stem, soms lijkt het alsof hij aan het persen is tijdens het zingen. Ik hoop van niet. Hij zingt ook hoog en legt zijn ziel en zaligheid erin. Bij de Amerikaan Justin Turk had ik even de twijfel of we met een vrouw te maken hadden. Zijn ingezongen partijen vullen niet heel boeiende popliedjes, de een wat steviger dan de ander.
Hans gaf ook al aan dat de instrumentale stukken soms iets weg hebben van Riverside. De snijdende gitaarsolo’s (erg fraai vaak) roepen heel in de verte iets van het geluid van Andy Latimer op. In de EM-stukken gooien ze er rustig een discodreuntje tegenaan en van een wat steviger riffje zijn onze Poolse vrienden ook niet vies. Eén keer treedt zowaar de basgitaar even voor het voetlicht. Wie weet is dat Bańkowski. Bielawski drumt alleen maar. De zangpartijen zorgen zeker voor meer afwisseling al maakt die inbreng het geheel wel wat rommeliger. Zelf geef ik toch de voorkeur aan de instrumentale stukken, zeker als Wolski op zijn gitaar tekeergaat.
Al met al een prettige schijf met muziek, waarbij het soms goed wegdromen is. De twee (of drie) Polen van Oudeziel proberen nieuwe horizonten te verkennen. Dat is ze met de inbreng van een stel gasten ten dele gelukt. De zangers zorgen voor een andere sfeer, maar tillen de muziek daarmee niet naar een hoger niveau.