P’cock

The IC Years – The Prophet & In’cognito

Info
Uitgekomen in: 2023
Land van herkomst:  Duitsland
Label:  MIG Music
Tracklist
The Prophet:
The Prophet (5:59)
The Actors Fun (6:34)
Toby (4:11)
Silver Swallow (4:04)
N 1,4 (5:48)
Fly Your Kite (4:21)
La Mer (10:01)

In’cognito:
House In The Storm (11:10)
Funtime Sorrow ( 4:21)
Always Funny (3:03)
Ban’cock (3:30)
Mother ( 6:23)
Mr. Pollution 8:31)
Look (At Life) (3:43)
House In The Storm (Short) (6:37)
Achim Albrecht: gitaar (The Prophet)
Utz Bender: zang, toetsen (The Prophet), gitaar (In’cognito)
Tommy Betzler: drums
Peter Herrmann: toetsen
Axel Krause: basgitaar, akoestische gitaar (The Prophet)
Armin Strecker: gitaar
3 (1983)
In’cognito (1981)
The Prophet (1980)

Halverwege de jaren 70 richtten enkele gasten in Duitsland het bandje Peacock op. Het lukte in de tijd van opkomende punk niet hun demo met liedjes ergens te slijten en deze pauw verloor al zijn veren voordat hij ook maar met een enkele plaat kon pronken. Totdat ene Klaus Schulze de demo in handen kreeg en interesse toonde. Met een andere samenstelling maakten ze indruk op Schulze tijdens een liveoptreden en zowaar konden zij bij zijn net opgerichte platenlabel Innovative Communication (IC) hun eerste lp opnemen. Omdat er al een band Peacock heette, veranderden ze hun naam in P’cock.

Zo kwam in 1980 “The Prophet” uit, een jaar later gevolgd door “In’cognito”, waarna de koek ook wel weer op was voor de band. Plaat nummer drie “3” deed helemaal niets meer. P’cock raakte, hoewel aangeduid als talentvol, toch vrijwel onbekend, volledig in de anonimiteit. Totdat het MIG-label in 2023 deze twee cd’s in één doosje opnieuw uitbracht, onder de toepasselijke titel “The IC Years – The Propet & In’cognito”.

Wat precies van die demo op “The Prophet” terecht is gekomen, is niet bekend, maar het lange slotnummer La Mer moet hier bijna zeker op hebben gestaan. Na best aardige zang en akoestische gitaarstukken overheersen de synthesizerpartijen en andere elektronica, die doen denken aan de Berliner Schüle. Invloeden van de in 2022 overleden elektronica-pionier Schulze zijn ook nadrukkelijk te horen.

In de nummers daarvoor liet P’cock een boeiende mix horen van genoemde elektronica, artpop en progressieve rock. In titelnummer The Prophet komt dit alles prachtig samen met invloeden van The Alan Parsons Project en Eloy. We krijgen ook een portie melodieuze pomprock voorgeschoteld, dat dan weer aan Saga doet denken. De popinvloeden van de gezongen nummers zijn verrijkt met ronduit fraaie toetsen- en gitaarpartijen, waarbij ook Anyone’s Daughter om de hoek komt kijken. Met het bijna tranentrekkende Toby levert P’cock ook nog een softrockballade af, compleet met solo’s, dat dan weer wel.






Prijspakker van beide schijven is voor mij toch House In The Storm van “In’cognito”. Een Klaus Schulze-achtig toetsenbegin krijgt met een zangintermezzo een poppy, pompend vervolg. Zalige melodieuze solo’s op synthesizer en gitaar leidden een minutenlange soundscape met zwevend toetsenwerk in, vergezeld van hakketak drumwerk. Op de andere nummers van deze tweede schijf is de zang ronduit slecht, maar toetsen- en gitaarsolo’s wisselen elkaar in hoog tempo af en maken ook de meeste hiervan daarom ook meer dan draaglijk.






In de jaren 80 kreeg ik (kennelijk) “In’cognito” in mijn bezit met als bijzonder kenmerk dat dit een 45 toeren-lp was. De lp ‘gewoon’ op 33 toeren afspelen, leverde dus een vervreemdend, laag geluid op. Mijn toenmalige, met mijn vriend Geurt gedeelde, huurwoning was een episch centrum van voetbal, bier én prog. Hier werd het traag afgespeelde House In The Storm een regelrechte klassieker. Het is een heerlijke duik in mijn eigen verleden om een slordige veertig jaar later P’cock, twee lp’s lang, op de juiste snelheid en in volle toetsenglorie, weer eens te kunnen horen. Het is goed dat deze bijzondere muziek, al is het maar voor even, aan de vergetelheid is ontrukt.

Send this to a friend