
Sodeknetter, wat een overtuigende openingstrack. De gitaarriffs knallen de boxen uit met de bravoure van Steve Lukather (Toto). Ze dragen het nummer dat smaakvol wordt aangekleed door toetsen en saxofoon, terwijl basgitaar en drums een buitengewoon aanstekelijke groove in de muziek aanbrengen. Het gaat hier om Second Rate Punk, een energieke live-in-de-studio-versie van een nummer dat origineel op “Meeting Point” (2016) staat. Dat deze variant lichtjaren meer zeggingskracht bevat, heeft een aantal redenen die nadere toelichting verdienen.
Allereerst moeten we terug naar eind zomer 2022, als Pymlico een optreden verzorgt op het prestigieuze Crescendo Festival in Saint-Palais-sur-Mer te Frankrijk. De band komt daar met een kernachtig geluid van alleen de zeven bandleden. Geen tralala dus, gewoon een eerlijke benadering van hun instrumentale progressieve funk/fusion die ditmaal vooral veel vetter en groovier klinkt. Het is Mezzoforte met een flinke bite. Het blijkt een succesformule en eenmaal terug in Noorwegen herhalen ze dat recept. Men selecteert zes nummers uit het eigen repertoire om deze volgens dezelfde benadering live-in-de-studio op te nemen. Die term vraagt misschien om enige uitleg.
Het grote verschil met het reguliere opnemen is dat de muziek niet laag voor laag wordt opgenomen, maar met de gehele band tegelijk. Hierdoor klinkt er meer spontaniteit in de muziek, zodat er meer interactie valt te vangen. Tel daarbij op dat in de Double Decker Studio van drummer Arild Brøter uitstekende resultaten zijn te boeken en je hebt Pymlico op z’n best.
Het album dat luistert naar de toepasselijke titel “No More, No Less” is hoofdzakelijk digitaal verkrijgbaar, tenzij je een Snelle Jelle bent en een van de 300 limited hard copies weet te bemachtigen. Hoe dan ook, dit is een absolute must have, mits je niet spuugt in een potje fusion. Pymlico is er heer en meester in. Mooi zijn de verschillende invalshoeken die de nummers kleuren. Neem het subtiele Gabagool dat gedragen wordt door percussie en sax. Er zijn fraaie tunes, lekkere orgelakkoorden, en zalig gitaarwerk. Het daaropvolgende Lucy Does Not Approve is van een heel andere orde. In eerste instantie lijkt het nog dezelfde kant op te gaan als Gabagool, maar de uitbundige samenwerking tussen drums en sax maakt het een geheel ander nummer. Hier profiteer je als luisteraar maximaal van het opnameprincipe.
Er heerst een positieve sfeer op het album en dat komt het beste naar voren in het nummer WTG. Deze afkorting zou kunnen staan voor ‘way to go’, wat vrij vertaald ‘lekker bezig’ betekent. Wie hier vooral lekker bezig is, is één van de twee gitaristen van de band. Mooi melodisch spel richting Gary Chandler van Jadis glijdt met groot genoegen aan je voorbij. In het tweede deel van het tweeluik Little Nellie – Ghost Notes gooit saxofonist Robin Havem Løvøy er een David Jackson-achtige solo uit. Fantastisch!
Er is werkelijk geen moment op dit album te vinden dat geen goed woordje verdient. Het kan dan ook niet anders dan dat de afsluiter kippenvelopwekkend mooi is. Real People laat zich omschrijven als bloedmooie relaxte fusion met gitaarwerk van de buitencategorie. Een album met eeuwigheidswaarde.