Soms lijkt het alsof sommige bands het lot tarten. Alsof ze jarenlang geduldig wachten tot alle puzzelstukjes eindelijk vanzelf op hun plek vallen. Voor Solstice gebeurde dat verrassend laat – en des te overtuigender. Sinds 2020 beleeft de Britse band een creatieve en artistieke renaissance, vastgelegd in drie albums, talloze concerten en nu ook in een indrukwekkend fotoboek van Howard Rankin. Progwereld sprak uitgebreid met bandleider/gitarist Andy Glass en de man achter de lens over muziek zonder vangnet, lachen om oude littekens, en waarom het soms juist de ruimte tussen de noten is die alles zegt.

Vijf jaar magie, gitaren zonder vangnet en een fotoboek dat je hoort

Ik heb het eerlijk toegegeven tegenover Andy Glass: ik heb nog nooit eerder een fotoboek besproken. Albums en concerten, ja. Boeken, (auto)biografieën, zeker. Maar een boek vol beelden dat ademt, lacht en soms zelfs lichtjes naar zweet ruikt – nee, dat was nieuw. En toch bleek het een perfecte ingang om te praten over Solstice, over vijf onverwacht glorieuze jaren, en over het wonderlijke feit dat sommige bands simpelweg weigeren netjes oud te worden.

Het begon, heel onschuldig, met het idee voor een boek vol foto’s. Gewoon foto’s. Geen concept, geen groot narratief. Maar zoals dat vaker gaat bij Solstice, bleef het niet bij “gewoon”. Toen fotograaf Howard Rankin en de band dieper doken in het materiaal, diende zich haast vanzelf een rode draad aan: de zogeheten Sia-trilogie. Drie albums, vijf jaar, één creatieve explosie. “Een boek met alleen foto’s is mooi,” zegt Rankin, “maar met tekst en context wordt het een verhaal.” En laat dát nu precies zijn wat dit boek is: een verhaal in beeld én klank. Een interview met als ingang een aantal speciale, karakteristieke foto’s uit het boek.

Twintigduizend mensen en één brede glimlach

Een van de eerste foto’s die eruit springt, toont Andy Glass op het podium van Cropredy Festival. Twintigduizend man, een zee van mensen. En een glimlach die je bijna hoort. “Die lach is honderd procent echt,” vertelt Andy. “Het was zo’n optreden dat ook volledig had kunnen ontsporen. Maar de band was in topvorm. Alles klopte.” Howard vult aan dat het opvallende juist was hoe ontspannen de band bleef. “Het grote podium werkte niet intimiderend. Het gaf energie. De lol was groter dan ooit.” Het typeert Solstice. Geen borstklopperij, geen ‘kijk-ons-eens’-momenten. Gewoon spelen. En zichtbaar genieten.

Never trust a hippie

Onder diezelfde foto staat een intrigerend bijschrift: ‘Never trust a hippie’. Het blijkt geen vage levenswijsheid, maar een jarenlange running gag met een licht pijnlijk randje. De oorsprong? Een geleende gitaar van Steve Rothery (Marillion), gestolen tijdens een festival in de jaren tachtig. “Ik heb hem daar zo mee teleurgesteld,” zegt Andy. “En nu staat het voor eeuwig in druk. Dat blijft je achtervolgen.” Zelfs Steven Wilson hielp de gitarist daaraan herinneren tijdens een bezoek aan een show van Solstice. Progrock mag dan groots en meeslepend zijn, uiteindelijk draait het vaak om dit soort menselijke details: schuldgevoel, humor, vriendschap, en ja – gitaren die maar beter niet (uit)geleend kunnen worden.

Van niemandsland naar lotsbestemming

Wie het traject van Solstice volgt, weet dat de band na de jaren tachtig lange tijd verkeerde in wat Andy zelf “de wildernis” noemt. Af en toe een album, sporadisch een optreden, maar zonder echte vaart. Tot 2020. COVID-lockdown, tijd om te schrijven, een hernieuwde focus – en misschien wel het belangrijkste: Jess Holland. “Ik had het gevoel dat het drie albums zou duren voordat we echt ons volle potentieel zouden bereiken,” zegt Andy. “En zo ging het ook.” Die drie albums vormen nu de Sia-trilogie: geen vooraf bedacht marketingconcept, maar een organisch gegroeide cyclus. Het soort muzikale lotgevallen waar progfans een zwak voor hebben.

Jess Holland: geen progverleden, wél proggevoel

Zangeres Jess Holland is op veel foto’s bijna tastbaar aanwezig: geconcentreerd, intens, volledig in het moment. Glass zal haar omschrijven als “een natuurkracht”. Wat het extra bijzonder maakt: ze had aanvankelijk weinig met progrock. Of met Solstice. “Ze had de band nog nooit ontmoet toen het album al af was,” zegt Andy. “Pas later stond ze ineens voor de rest van de groep.” Live bleek zij niet alleen vocaal een schot in de roos, maar ook het emotionele anker. Haar groei – van ‘nieuw’ naar volkomen vanzelfsprekend – is misschien wel het mooiste onzichtbare verhaal dat Rankin met zijn camera heeft vastgelegd.

De ruimte tussen de noten

De bewerkte foto van Glass heeft een bijna psychedelisch tintje. Ik zie er een gelijkenis in met de hoes van Jeff Beck’s “Wired”. De heren zijn verrast door mijn opmerking. Als het gesprek op gitaristen komt, dwarrelen de grote namen al snel door de kamer: Jeff Beck, B.B. King, David Gilmour, Santana. Andy spreekt over hen met bewondering, maar zonder fetisjisme. “Het gaat me nooit om techniek,” zegt hij. “Het gaat om emotie. Om de ruimte tussen de noten.” Tot geruststelling van de lezende gitaristen: Andy geeft zonder schaamte toe dat hij nauwelijks oefent. Solo’s op albums zijn vaak eerste takes. Intuïtief. Gevaarlijk misschien. Maar eerlijk. “Liever een fout met gevoel dan perfect zonder ziel.” Dat is zo’n uitspraak die je óf verschrikkelijk vindt, óf volmondig omarmt. Ik neig naar het laatste.

Howard Rankin: kijken zonder opsmuk

Howard Rankin jaagt niet op spektakel. Zijn foto’s zijn geen explosies, maar ademhalingen. Tijdens een concert schiet hij duizenden beelden, om er uiteindelijk maar een handvol over te houden. “Alles wat technisch faalt, valt meteen af,” zegt hij. “Dan alles wat onflatteus is. Wat overblijft, moet me meteen raken.” Dat verklaart waarom dit boek geen ‘best of’-showcase is, maar een intiem document. Je ziet zweet, concentratie, plezier – maar nooit effectbejag.

Jenny Newman: het stille stuurwiel

Violist Jenny Newman, echtgenote van Andy Glass, duikt op in meerdere sleutelfoto’s. Soms lachend, soms diep geconcentreerd. Haar spel verbindt folk, prog en melodie moeiteloos. “Soms leidt zij de band,” merkt Howard op. Andy lacht: “Jenny is absoluut ‘in charge’.” Newman was het ook die Glass attent maakte op Holland. Wie goed kijkt, ziet haar vaak het muzikale verkeer regelen. Zonder fluitsignaal. Zonder haast. Maar altijd precies op tijd.

Leonie Jane Kennedy en het onverwachte duel

Met Leonie Jane Kennedy verscheen voor het eerst een tweede elektrische gitaar in Solstice. Niet bedacht, niet gepland – gewoon gebeurd. “Ze liep de repetitie binnen en kende twee uur Solstice-muziek,” zegt Andy. “Gitaar, baspedalen, zang – alles.” Wat begon als een experiment, groeide live uit tot een speels duel vol humor. Geen machogedrag, geen ego’s. Wel plezier. En ja, af en toe een gitaar die net iets harder praat dan de ander. “Het is gedaan met Iron Maiden en Wishbone Ash”, schatert Glass. Hij ziet Solstice bovendien graag als een springplank voor jonge muzikanten met eigen projecten. Eerder gebeurde hetzelfde al met Ebony Buckle, die inmiddels succesvol soloartiest geworden is binnen de Britse progscene.

Prijzen, ouder worden en dankbaarheid

Dat Solstice de laatste jaren prijzen won – Best Band, Best Guitarist, Best Vocalist – raakt Andy meer dan hij had verwacht. “Juist omdat ik ouder ben,” zegt hij. “Na zoveel jaren stilte voelt dit als een geschenk.” Het is geen triomf, maar dankbaarheid die je hoort. En misschien ook opluchting: het heeft zin gehad.

De Clann en het overleven van een band

Solstice draait niet op grote labels, maar op mensen. The Clann en de Guardians vormen het fundament. “Zonder hen was dit onmogelijk,” zegt Andy nuchter. “Tien man op pad, fatsoenlijke omstandigheden – dat kost nou eenmaal geld.” Boeken, downloads, merchandise: niet als doel, maar als middel. Om door te kunnen.

Kameraadschap, enthousiasme en plezier

Misschien schuilt precies daarin de aantrekkingskracht van zowel het boek als de huidige incarnatie van Solstice. Nergens ontstaat de indruk dat hier berekende carrièreplanning achter zit. Alles draait om kameraadschap, enthousiasme en een bijna ouderwets geloof in muziek als verbindende kracht. Rankin vangt dat gevoel overtuigend met zijn camera, terwijl Glass er openhartig over vertelt zonder zichzelf groter te maken dan nodig. Het resultaat is een bijzonder document over een band die na tientallen jaren onverwacht opnieuw relevant werd. Of, zoals Glass samenvat: “We hebben simpelweg plezier, en blijkbaar voelen mensen dat” Daarmee zegt hij eigenlijk alles over het huidige Solstice.

Tekst: Alex Driessen
Foto’s: Howard Rankin

Voor de recensie van het boekwerk “The Sia Trilogy: Solstice in Photographs”, klik HIER.

Klik HIER voor de link naar het YouTube kanaal van Solstice waar het interview inmiddels is geplaatst.