
In 1977 deed Genesis een tournee ter promotie van het album “Wind and Wuthering”. De tour bestond uit 97 optredens. In juni 1977 speelde de Britten vier keer in Palais des Sports in Parijs. Deze vormden de basis voor het livealbum “Seconds Out”. Het eerste zonder Peter Gabriel.
Het laat een band in absolute topvorm horen. Het verlies van Peter Gabriel is inmiddels opgevangen en Phil Collins voelt zich steeds meer senang als frontman. De band speelt live met meer power en drive en dat komt de muziek ten goede. Het maakt dat de uitvoering van veel nummers op dit album als hoogtepunt in de geschiedenis van de band wordt gezien. Daarbij speelt het feit mee dat de band noodgedwongen op zoek moest naar een extra drummer nu Phil Collins de leadzang op zich had genomen. Phil Collins wilde niet alleen maar zingen en dus werden er twee drumkits geplaatst. Op de momenten dat het kon nam Phil Collins daar ook achter plaats. Het geeft veel nummers een extra schwung en maakt een aantal daarvan ronduit tijdloos. Als extra drummer werd in 1977 gekozen voor Weather Report-drummer Chester Thompson. Het werd een langdurig huwelijk.
Vanaf de eerste noten van Squonk word je meteen het concert ingetrokken. De baspedalen van Mike Rutherford en het directe drumspel van Chester Thompson geven het nummer een ronkende basis die meteen een shot dopamine bij de luisteraar door de oren pompt. The Carpet Crawlers wordt door Collins iets sneller gezongen dan door zijn voorganger en dat pakt prima uit. Robbery, Assault and Battery komt hier geweldig uit de verf. Dat komt door de drumcombinatie Collins/Thompson, maar ook door een uitblinkende Tony Banks. De twee instrumentale stukken zijn huzarenstukjes van zeldzame klasse. Extra bijzonder omdat dit nummer op geen enkel ander livealbum te horen is.
De versie van Firth of Fifth op dit album wordt beschouwd als de beste versie. Ooit. Ik sluit me daar bij aan. Het nummer werd gestript van het piano-intro, maar daardoor zit je er ook meteen in. Steve Hackett had toen voor zichzelf al het besluit genomen te vertrekken. Terwijl dit album werd gemixt, maakte hij het wereldkundig. Het feit dat zijn muzikale ideeën onvoldoende werden erkend en gebruikt had hem verbitterd. Het lijkt wel of hij al die frustraties heeft ingekapseld en zo zijn mooiste solo ooit op de mat legt. Hij speelt hem met zoveel gevoel dat het lijkt of hij opstijgt. Samen met de dubbele drums, de dragende toetsen en het ronkende basspel is dit het emotionele hoogtepunt van de plaat.
Supper’s Ready vult de derde kant van de plaat. Ook deze krijgt een geweldige uitvoering. Vooral het Apocalypse 9/8-gedeelte is briljant dankzij de twee drummers. The Cinema Show is een verhaal apart. De band was niet tevreden met wat de vier concerten in Parijs hadden opgeleverd. Gelukkig deed de band in 1976 ook Parijs aan en die opname werd goedgekeurd. In dat jaar werd de band op drums ondersteund door Bill Bruford (King Crimson, Yes). Het is dan ook het enige nummer op het album waarop Bruford drumt. De samenwerking Collins/Bruford in dit nummer is van een andere planeet. Het laat de twee beste drummers uit die tijd horen in een symbiose die niet te bevatten is. Dit is de heilige graal van drummen. Maar ook Tony Banks is hier op zijn best. Zijn spel klinkt hier een stuk directer en voller. Samen met de baspedalen vormt het een fenomenaal geheel. Vriend en vijand zijn het er over eens dat deze versie, by far, de beste is die ooit is opgenomen. Ik doe er nog een schepje bovenop en verklaar dit nummer – in deze versie – tot het beste ooit.
En dan volgen nog Dance on a Volcano en Los Endos dat hier als een tweeluik wordt gebracht. De brug tussen beide is een drumduet dat zijn weerga niet kent. Duizenden drummers in spé hebben zich hierop op zolderkamers kapot geoefend. De Mellotron van Tony Banks klinkt in Los Endos op zijn mooist. Nadat de laatste tonen zijn weggestorven blijf je versuft achter. Je wilt nog maar één ding en dat is dit alles nog een keer beleven.
Samen met de iconische hoes, met de foto van Armando Gallo, waarin de lichten net iets meer werden geaccentueerd voor een prachtig dramatisch effect, is “Seconds Out” niets minder dan een monument. Een album dat na 50 jaar nog steeds geen greintje glans heeft verloren en dat in de muziekgeschiedenis bekend staat als een van de beste livealbums ooit gemaakt. Ik sluit me daar nederig bij aan.