
Collega Jacco Stijkel kon niet zoveel met de ep “Red Sun” van Sykofant. Het is aan mij me te buigen over de volgende ep van dit Noorse viertal. Meteen maar de conclusie: ik heb beduidend meer met dit schijfje. “Leaves” is een door en door gitaarplaat. Ik laat me meevoeren op de talloze snaargestuurde uitstapjes waarop zij de luisteraar trakteren.
In twee korte nummers zetten ze de toon. IJle klanken en luchtig akoestisch gitaarwerk gaan zoete jaren zeventig-zang uit de kelders van Magna Carta, Crosby Stills Nash & Young, The Moody Blues en America vooraf. Als de zwaardere gitaarpartijen starten, voorzien gitaristen Emil Moen en Per Semb die soms ook van een likje blues. Bassist Sindre Haugen draagt hieraan zeker ook het nodige bij. De ruige kant van de niet geheel onbekende David Gilmour van Pink Floyd is dan ook regelmatig waarneembaar.
Zo stevig als ze kunnen uitpakken, zo makkelijk schakelen ze weer over op bijna verstild akoestisch gitaargetokkel, met tussendoor altijd weer die zoete samenzang. In het lange Heart of the Woods komt alles samen en maken we ook de heftige bombast van Rush nog mee. In dit kwartiertje is fraai gitaarwerk met mooi solospel te horen.
Op de dik twintig minuten van “Leaves” gaat Sykofant voortdurend weer een andere kant op. Dat maakt dat het schijfje veel langer lijkt te duren. Voor verveling is geen ruimte. Tekenend is het slot. Een rasperige gitaar, voorzien van riffs en een goed ritme achter de bekende zangpartijen, slaat ineens om in verstild getokkel met hoge woordloze zang die uit de hemel lijkt te komen.
Ik mag het graag horen, dit net niet uit de bocht vliegende samenraapsel van subtiliteiten en stevigheid op gitaar. Het best laat de ep zich als één geheel luisteren. De natuur is grillig; in het hart van de eindeloze Noorse bossen lopen de eerste blaadjes alweer uit…