
Nooit een saai moment met The Tangent. Ook bij de nieuwe cd “WAS” laat bandleider Andy Tillison de luisteraar weer alle hoeken van de progkamer zien slash horen. “WAS” is een persoonlijke terugblik van Tillison op zijn leven vanaf eind jaren vijftig. Het is enerzijds met genoegen terugkijken, maar ook reflecteren op de vreselijke dingen die zich in de wereld hebben afgespeeld, zoals oorlogen, hongersnood en opkomend racisme. Muziek heeft altijd een cruciale rol gespeeld in zijn leven. Lees zeker ook even het interview dat ik met Tillison had.
Twee epics vormen de hoekstenen van cd 1, want “WAS” komt als dubbel-cd. Titelsong Was gaat orkestraal van start en Tillison spreekt een tekst uit. Verstilling met piano en subtiele zang leiden de inzet van de volle band in, terwijl de orkestgeluiden blijven. We horen veel blaaswerk van oudgediende Theo Travis, terwijl nieuwkomer John Howitt de bas beroert. Het duurt even voordat Luke Machin zich op gitaar meldt. Hij laat weer prachtige dingen horen. Tillison werkt zich door veel tekst heen, op zijn bekende, soms bijna praat-zingende wijze. Veel muzikale invloeden van Tillison komen langs: klassiek, rock & roll, blues en soul, en natuurlijk ontbreekt de jazzy touch niet. Tussen de regels door zijn fraaie muzikale uitstapjes ingebouwd, waar het ‘klassieke’ Tangent-geluid in doorklinkt.
Met Follow the River begeeft Tillison zich op het disco- en funkpad. Hier moet je van houden, maar terwijl de ritmesectie zich uitleeft, geven Travis en Machin heerlijke solo’s ten beste. Het zoet van zijn vroege jeugd kleurt de start van Not Was. Ontspannen kabbelt Tillisons leven muzikaal voort en na een bijna-pauze schalt een paar minuten heerlijke prog uit de speakers. Tillison toont aan een uitstekende toetsenist te zijn. De band schroeft het tempo iets op en we belanden weer even in de disco. En zo weer op naar de volgende sfeerplaatjes.
Cd 2 is wat Tillison betreft net zo verhalend als de eerste, alleen gebeurt dit zonder woorden. Doorgaans zeer charmant en ontspannen brengt de band meer een lichte jazz/fusionsuite dan een rock-epic ten gehore. Dit is een onverwachte keuze van de band. Het veelzijdige toetsenspel van Tillison overtuigt. Travis blaast op alles wat hij in huis heeft. Machin krijgt zijn momenten om te soleren en Jowitt ruikt zijn kansen. Steve Roberts tikt ze precies raak. Uitbarstingen zijn er, met Emerson, Lake & Palmer-momenten, maar meer heel ingetogen stukken. Wisselend staat een instrument even op de voorgrond, maar het bandgeluid is leidend. Multipartisanisme gaat alle kanten uit, tot (toch even) stevige rock en bijna vrije jazz aan toe. De finale Laissez Moi Chantez ontlokt Tillison toch nog een zangpartij, die hij gevoelig uitvoert. Machin kan hier minutenlang shinen.
The Tangent steekt met “WAS” zijn nek uit. Dit is volgens Tillison het album dat hij altijd heeft willen maken. Prog avant la lettre en dat betekent zeker niet dat dit ieders cup of tea is. De muziek, hier en daar ook nog doorspekt met radio- en filmfragmenten, is lastig te doorgronden en dat vergt tijd en veel luisterbeurten. En dan openbaart zich “WAS” in al zijn wasdom. Ik vind het gedurfd, bijzonder, knap gedaan en net iets meer indrukweekend dan mooi. Dat is helemaal persoonlijk, natuurlijk.