
Vrijwel onopgemerkt gaat Alan Morse al lang mee in ons progwereldje. Vrijwel altijd opererend in de schaduw, al dan niet van zijn broer Neal.
In tegenstelling tot zijn ‘kleine’ broer gedijt Alan beter in de luwte. Het neemt niet weg dat zijn staat van dienst groot is en hij naar mijn bescheiden mening tot de topgitaristen in ons genre hoort. De meeste bekendheid geniet hij als gitarist van Spock’s Beard. Op hun album “The Archaeoptimist”, van eind 2025, speelde mijn leeftijdsgenoot (we schelen vijf dagen) letterlijk een hoofdrol. Maar in de schaduw. Ook al in tegenstelling tot broer Neal grossiert Alan niet in soloalbums. Het duurde negentien jaar voordat Morse met een opvolger kwam van zijn solodebuut “Four O’Clock and Hysteria”. Op dit tweede soloalbum doet Morse veel zelf. Naast gitaar speelt hij basgitaar, toetsen, cello, sitar en zelfs bouzouki en zingt hij ook nog. Daarnaast leveren talloze gasten hun bijdrage, waaronder (uiteraard) alle leden van Spock’s Beard, maar ook klinkende namen als Tony Levin, Simon Phillips en Nick D’Virgilio.
“So Many Words” is vooral een album voor de liefhebbers van gitaarwerk. Naast progrock tapt Morse uit meerdere muzikale vaatjes, vooral rock, en laat horen dat hij (veel) meer kan dan wat hij in Spock’s Beard etaleert. Daarmee leg ik gelijk de brug naar het openingsnummer Everyday Is Insane. Een frisse start met Spock’s Beard invloeden die worden afgewisseld met countryrock. Het refrein is catchy en de meerstemmige zang van Morse, Jimmy Keegan en Markus Riegler is fraai. Morse neemt alle instrumenten voor rekening, bijgestaan door Simon Phillips op drums.
De intro van It’s Never Enough is spookachtig, kalm en haast verstild met toetsen en effecten door Ryo Okumoto. Al snel kantelt het nummer in een ouderwetse rocker waar Ted Leonard de microfoon in handen heeft. Net als in veel andere nummers gunt Morse zichzelf hier een stevige gitaarsolo. Het zijn momenten dat hij even uit de schaduw stapt. I Don’t Want to Travel Time if it Takes Forever is eveneens een uptempo rocker en een coproductie van Alan en Neal met zoon John Morse op drums en Tony Levin op bas. Bij vlagen doet het nummer mij denken aan Crack The Sky. Melancholisch met country-invloeden wordt het in This Is Who We Are. De sfeer is hier 180 graden gedraaid, onder meer door het gebruik van fluit, mandoline, viool en bouzouki (alles gespeeld door Alan Morse). Een rustpunt wordt gemarkeerd met het semi-akoestische In The Shadow Of The Sun, opnieuw geassisteerd door Neal Morse.
De aanstekelijke en springerige rocker And It’s Time heeft een hoog jamgehalte. Het is doorweven met toetsen (door Alan Morse) met als hoogtepunt een stevige partij vuil klinkend gitaarwerk. Kortom, Alan Morse op zijn best. Het beste nummer vind ik Making Up My Heart, met krap acht minuten ook het langste. Het is goed opgebouwd, klinkt vriendelijk en voltrekt zich in midtempo, met een vocale bijdrage van Julie Morse, Alan’s dochter. Een prachtige gitaarsolo gaat over in een lang uitgesponnen instrumentaal outro. Het titelnummer So Many Words is een afwisseling van stevige gitaarriffs met stukken op mandoline, sitar en saxofoon en ook hier een lang instrumentaal outro.
Vreemde eend in de bijt is Bass Solo en volledig instrumentaal. Verwacht je een solo op basgitaar, dan kom je bedrogen uit. Het is een potpourri van elektronische effecten, loops en ritmiek waaraan basgitaar geleidelijk wordt toegevoegd. En dat allemaal gespeeld door Alan. Na het door veel overstuurd gitaarspel gedomineerde Make Me Real Again, zijn de slotakkoorden voor Behind Me. In veel doet het toetsenspel en de woordloze samenzang hier denken aan Pink Floyd.
Wat doe je wanneer je als gitarist een soloalbum wilt maken? Kies je voor een gitaaralbum zoals Marty Friedman, Steve Vai en Mark Bogert die maken? Of kies je voor een mix van je favoriete genres en invloeden en nodig je daar je vrienden voor uit? Alan Morse koos op dit album voor het laatste. Het (onbedoelde) gevolg van deze veelzijdigheid is een album dat weinig consistent is en vooral de nieuwsgierigheid zal wekken bij de fans van Spock’s Beard.
Alan Morse treedt met dit schijfje even uit de schaduw van broer Neal. Om daar zeer waarschijnlijk weer snel in terug te keren.