Boekrecensie: Bill Thomas – Genesis In The 1970s

De vraag is wat nog een boek over Genesis toevoegt aan alles wat al over deze supergroep aan het papier is toevertrouwd. Fred Nieuwesteeg zocht naar het antwoord in deze boekrecensie.

Zangeressen van IO Earth wisselen stuivertje

Eerder in januari 2022 werd bekend gemaakt dat  IO Earth en zangeres Rosanna Lefevre hadden besloten uit elkaar te gaan. Details hierover zijn niet bekend gemaakt. Lefevre was de opvolgster van Linda Odinsen en stond sinds 2016 achter de microfoon. Ze nam onder andere met IO Earth de fraaie cd  “Aura” op. Odinsen, die schitterde op “New World”  was op haar beurt ook weer  de opvolgster  van de zangeres van het eerste uur Claire Malin.

Eind januari maakt de band bekend dat Linda Odinsen terugkeert in de gelederen. Zij zal dus op de nieuwe cd “Sanctuary” te horen zijn, waaraan op dit moment druk wordt gewerkt.

David Minasian kondigt met twee maxi singles een verzamel cd aan

Op 26 november van dit jaar laat David Minasion een cd  met een verzameling oud werk: “Random Dreams: The Very Best of David Minasian Vol. 1” het licht zien. Eerder bracht hij als opwarmertje een single met dubbele A-kant uit met een remix van  Masquerade van “Random Acts of Beauty” uit 2010. Dit symfonische meesterwerk met schitterend gitaarwerk van Andy Latimer (Camel) is op deze single een stuk ingekort. Het tweede nummer is het eerste deel van The Sound Of Dreams van zijn gelijknamige schijf uit 2020, met zang van Annie Haslam (Renaissance).
Nu gooit hij er en nog zo’n single tegenaan met remixen van Room With Dark Corners (van zijn laatste cd) en Summer’s End (van “Random Acts Of Beauty”), met gitaarspel van David’s zoon Justin.

 

Interview met Broers + Klazinga

Jacob Broers en Gerben Klazinga (Knight Area) hebben als project Broers + Klazinga hun eerste cd het licht doen zien. Ze maken onvervalste symfonische rock. Reden genoeg voor mij als melodieus symfonische smulpaap om dit duo over “Burdens Of The Mind” aan de tand te voelen.

Fijn jullie te kunnen  spreken over jullie eerste cd. Gerben ken ik goed, jou helemaal niet Jacob. Kun je jezelf voorstellen?

Jacob: ik ben opgegroeid met Bach en Rachmaninov en heb klassiek piano gestudeerd. Toen ik in 1975 “Pictures At An Exhibition” van Emerson Lake & Palmer hoorde was is verkocht. Ik ging luisteren naar Genesis, Asia en Arena en bezocht concerten. Zo kwam ik ook Knight Area op het spoor, dat ik geweldig vond. En eigenlijk wilde ik zelf muziek maken.

 

Hoe hebben jullie elkaar eigenlijk ontmoet?

Jacob: van een vriendin kreeg ik als cadeau een pianoles bij Gerben. Omdat ik al piano kon spelen gaf ik in de studio van Gerben aan dat ik in plaats daarvan muziek wilde maken: symfonische rock. Dat gingen we inderdaad doen en daar is het nummer Iconoclast uit ontstaan.

 

Jullie gingen dus muziek schrijven. En dat beviel kennelijk.  Hoe ging dat schrijven in zijn werk?

Gerben: onze eerst ontmoeting was in 2014 en na dat eerste nummer leek het ons leuk om samen meer muziek te maken. Jacob heeft hele goede ideeën en komt vaak met een zanglijn aan en die werk ik dan uit. Ik begin altijd met akkoorden en dan volgt de melodie.

Jacob: bij mij is dat net andersom. Ik ben heel erg geïnspireerd door Keith Emerson, Gerben veel meer door Tony Banks. Omdat we allebei persoonlijkheden zijn met een hele duidelijke mening was de samenwerking soms uitdagend.

Gerben: we werken twee uur per week samen en dan werken we ook keihard aan onze muziek. Daarom duurde het zo lang voordat we voldoende goed materiaal hadden voor een cd.

Jacob: tussendoor broeien we op nieuwe ideeën en werken we natuurlijk dingen uit.

Gerben: naast nieuw materiaal gebruikten we ook nummers die ik ooit voor andere bands heb geschreven en die bewerkten we dan tot iets nieuws.

 

Jullie zijn allebei heel erg van de toetsen. Gerben, jij speelt ook (ondersteunende) elektrische gitaar, basgitaar en drums. Hoe veelzijdig!  Mag ik zeggen dat dit laatste ‘functioneel’ is ingevuld?

Gerben: dank je! En dat laatste heb je goed gezien. De nadruk in onze muziek ligt echt op de toetsen en de elektrische gitaar, vaak solo’s en zang.

 

Maar er moest natuurlijk nog meer bij om tot een bandgeluid te komen. We zien een paar oude bekenden terug, maar ook heel wat onbekende namen.

Jacob: voor Iconoclast gebruikten we een zanger en een zangeres, maar ik wilde een topzanger hebben die heel goed bij onze muziek past. Toen heeft Gerben Mark Smit gevraagd, die toen nog in Knight Area zat en hij was bereid om de hele cd vol te zingen.  En Mark Bogert (ook Knight Area) is een topgitarist. Hij speelt de moeilijke gitaarsolo’s.

Gerben:  er oefenen wat bands in mijn studio en daarbij hoorde ik een paar hele aardige gitaristen. Die hebben we gevraagd om ook een of twee solo’s te spelen. In totaal doen er zes gitaristen mee!

 

Geweldige bandnaam trouwens! Wie heeft die bedacht? Hiermee zullen jullie internationaal geen potten breken, hoewel, Emerson Lake & Palmer is het met zo’n naam wél gelukt…

Jacob: we zijn een project, geen band, die mooie muziek wil maken waar de mensen van kunnen genieten. Een naam vonden we minder belangrijk. We hebben wel over een echte naam nagedacht, maar daar kwamen we niet uit. Toen bleef  een combinatie van onze namen over. En we hebben ons hierbij  inderdaad door ELP laten inspireren!

 

Ik kan niet horen wie van jullie beiden wat speelt. Kunnen jullie iets zeggen over de rolverdeling?

Gerben: Jacob bereidt heel veel voor en bij het spelen heb ik meestal de lead, maar op de cd zijn we absoluut beiden te horen!

 

De teksten zijn van de hand van Jacob. De thematiek is heel divers en ik kan er niet direct een  centraal thema in ontdekken. En waarom is voor “Burdens Of The Mind” als titel van de cd gekozen?

Jacob:  Ik schrijf over dingen die ik meemaak en situaties die ik tegenkom. Veel teksten gaan er over dat je ook op een andere manier naar het leven kunt kijken. Seneca had het er al over dat je niet voor je problemen kunt weglopen, maar dat je ze moet aanpakken. Churchill droeg sterk uit dat je niet over je heen moet laten lopen. Verder zit er een oproep in om je dromen na te jagen en dat het sterk is als het je lukt positief te blijven ook als je een dierbare verliest. Angels’ Share gaat over een deel van de whisky dat vervliegt tijdens het rijpingsproces. De engelen worden hier dronken van en daardoor zouden de problemen op de wereld ontstaan. Die prachtige tekst is overigens van Mark Smit. 

Nu gaan we het eindelijk over de muziek hebben. En die is prachtig! Het is klassieke symfonische rock van het zuiverste water. Ik kan niet stoppen met ernaar te luisteren. Wat doen jullie me aan!?

Gerben en Jacob : dank je! Ja, dit is precies de muziek die wij willen maken. We hebben bijvoorbeeld ELP, Genesis, Arena en Threshold als voorbeelden. We gebruiken veel zware powerchords waar we dan toetsensolo’s overheen zetten en andere toetsenlagen onder en voegen heel veel gitaarsolo’s toe. Het zou mooi zijn als dit soort jaren ’70 muziek (weer) eens in de top 40 zou komen.

 

Laten we een paar nummers doornemen.

Forever Alone: we zochten een hele sterke opening, vol met power, waaraan eigenlijk alles klopt. Eerst hadden we hier Iconoclast bedacht, maar het is toch dit nummer geworden. Ik (Fred) hoor er ook een beetje Kayak in.  Gerben herkent zich hierin, Jacob niet.

Emerald Eyes: een prachtige ballad met prachtig melancholiek cellospel.

Year Without A Summer: met heel veel power wordt de uitbarsting van een vulkaan muzikaal vertaald.

Burdens Of The MindGerben: we wilden een lounge nummer maken, maar later bedachten we dat het mooi zou zijn als we dit verder symfonisch zouden aanvullen. En zo is dit nummer gegroeid, het is een van onze favorieten, zeker ook door dat vijf minuten durende stuk van afwisselende toetsen- en gitaarsolo’s. Het begint en eindigt nog wel met loungeklanken.

Karakas: Jacob: dit heb ik een keer onderweg geschreven. Ik wilde een soort mix maken van elementen van Tarkus (ELP) en (een toccata van) Bach. Na mijn kennismaking met “Pictures At An Exhibition” ben ik ook naar het origineel van Mussorgsky gaan luisteren. Ik  hoop luisteraars met dit soort nummers ook kennis te laten maken met klassieke muziek.

The End Of The Beginning: Fred: toen ik aan het eind een quote van Churchill hoorde dacht ik: daar hebben we er weer zo’n quote van een wereldleider, ik hoor het te vaak, was dat nou echt nodig? Jacob: het gaat over de boodschap dat dit onze eerste cd is maar zeker niet de laatste, en ja, het is een persoonlijke keuze waar iedereen het zijne van mag denken.

 

Even over de toetsen. Welke instrumenten gebruiken jullie. Ik hoor Mellotronkoren, Mooggeluiden, orkestraties…  Is jouw vintage Hammond ook te horen, Gerben?

Gerben:  nee, die Hammond hoor je niet! Die kraakt en piept en het is technisch bijna niet te doen  om dat geluid mooi te laten klinken op een cd. Dat van die koormellotron en Moog klopt. Er is ontzettend veel software te vinden, waarmee je uitstekende geluiden kunt produceren en die je kunt gebruiken . Zo ben ik er ook achter gekomen hoe Tony Banks van Genesis zijn Mellotron heeft laten klinken op de live-dubbelaar “Seconds Out”: links en rechts net een fractie eerder/later laten klinken.

 

Wat zijn jullie verwachtingen rond de cd?

Gerben: marketing is belangrijk, maar ook erg duur. We hebben de cd zelf uitgebracht, in heel veel landen ook, maar als niemand je daar kent, verkoop je nauwelijks een cd. Bij de start van Knight Area waren we verbonden aan een bekend label (Laser’s Edge) dat heel veel aan pr deed, waarmee we een goede start konden maken.  Dat hebben wij nu natuurlijk niet, maar we moeten hier écht op gaan inzetten en er dan maar eigen geld insteken. Overigens zijn de eerste reacties overweldigend!

We gaan nog niet op Spotify en Apple Music omdat we hopen toch (eerst) de nodige fysieke cd’s te verkopen.

 

Gaan we B&K ooit op het podium zien?

Gerben: we zijn geen band, maar een project. Zo lang ik in Knight Area speel ga ik niet met een andere band optreden, dat is niet te combineren. Wellicht in de toekomst, maar dan zouden andere muzikanten onze muziek moeten gaan spelen. Verder is optreden gewoon ook duur, we moeten andere muzikanten inhuren (niemand speelt voor niets) en zie maar eens bij een bekende zaal binnen te komen, dat is bijna  niet te doen.

Jacob: het is voor mij ondenkbaar dat anderen onze muziek gaan spelen. Ik heb op dit moment geen tijd om onze muziek live te spelen en bovendien is de eerste prioriteit dat Knight Area weer gaat optreden.

Een kritiekpunt op jullie muziek zou kunnen zijn dat het wel heel van hetzelfde is:  jaren ’70 melodische symfo, geen uitstapjes naar andere stijlen…

JacobDit is mijn eerste cd, mag ik dan de muziek maken die ik geweldig vind en die ik anderen wil laten horen!? En, luister maar eens goed naar alle nummers: er zit juist heel veel variatie in! Uptempo nummers, gedragen melodieën, ballads, de toevoeging van een cello, loungegeluiden…

 

Zo’n geweldig debuut vraagt natuurlijk om meer. Wat zijn de plannen?

Gerben: we zijn al druk bezig met onze volgende cd en de criticasters worden op hun wenken bediend. We gaan een heel andere kant op. We maken een combinatie van lounge-achtige symfonische rock met een dance beat, bekend uit de electronic dance music (EDM), en we noemen dit symphonic dance. We hopen hiermee ook jongeren voor onze muziek te interesseren.

Jacob: we zijn overigens ook met een tweede symfonisch rockalbum bezig, hoor!

Gerben: Knight Area gaat ook gewoon door. Ik hoop dat we, door wat andere muziek te maken, nog echt een keer te kunnen doorbreken.

 

Afsluitend wil ik jullie complimenteren met een fantastische cd met klassieke super melodieuze symfonische rock, waar jullie veel symfomanen als ik een groot plezier mee doen en die ik op Progwereld zal voorzien van de tag ‘jaarlijstmateriaal’.

Gerben en Jacob: we zijn heel blij met de aandacht hiervoor op Progwereld en hopen met jou dat heel veel mensen van deze muziek kunnen genieten. Het was  een intensief proces, maar een genot om deze muziek te maken. We vinden dat bij veel van de hedendaagse prog de melodie teveel ontbreekt en met “Burdens Of The Mind” geven we zelf in elk geval het goede voorbeeld!

Interview Into The Open

Interview en tekst: Fred Nieuwesteeg

De paden van Sander Heerings en Jan Willem Ketelaers kruisten elkaar verschillende keren. Uiteindelijke legden ze hun muzikale ideeën bij elkaar en startten ze het project Into The Open. Het goed ontvangen debuut “Destination Eternity” vraagt om een interview.

Misschien eerst een korte introductie van jullie zelf, wie zijn jullie?

Jan Willem Ketelaers

Jan Willem:  in de jaren ’80 kwam ik in aanraking met de wat stevigere muziek van die tijd, zoals Bon Jovi, Kiss en Queensrÿche. Die voorliefde voor deze muziekstijl is altijd gebleven. Met prog had ik in eerste instantie wat minder. In 1999 kwam ik bij mijn eerste coverbandje. Het begon allemaal wat serieuzer te worden toen ik bij Toto-coverband Totolicious begon en later bij de Classic Rock Show, waarmee ik zes jaar lang langs theaters in Nederland, België en Duitsland toerde. Ik heb in de afgelopen jaren een aantal erg mooie projecten mogen doen met onder andere Ayreon en Magoria en mijn vaste band nu is Knight Area. Daarnaast zing ik nog in de Gary Moore Band en Totolicious en als backingvocalist bij Robby Valentine.

Sander Heerings

Sander: Ik heb een brede muzieksmaak. In mijn jonge jaren kwam ik in aanraking met synthesizermuziek via de serie Synthesizer Greatest, waar ik muziek leerde kennen en waarderen van onder andere Jean Michelle Jarre, Vangelis en Brian Eno. Ik ben begonnen met orgelles, maar al snel daarna overgestapt op keyboards en sequencing. In die periode ben ik ook in aanraking gekomen met prog, rock en metal en heb op die manier ook bands als Marillion en Rush leren kennen en waarderen. Ik heb als toetsenist deel uitgemaakt van progmetalband The Dust Connection waarmee we één album hebben opgenomen. Het mooie van prog heb ik altijd gevonden dat ik al mijn muzikale invloeden hierin kwijt kon.

Hoe hebben jullie elkaar ontmoet,  jullie maken toch nogal verschillende muziek?

Sander: Tijdens het werk in de wereld van IT en administratie kwamen we elkaar tegen in 2003, we wisselden toen al muziek uit en hielden contact. In 2016 kwamen we elkaar weer tegen en toen ging het opeens heel snel.

Wat ging er dan zo snel?

Jan Willem: ik had het verhaal van “Destination Eternity” in 2010 al grotendeels geschreven; op vakantie in Spanje. Ook Sander had al materiaal liggen en dat sloot naadloos op elkaar aan en dat wat we misten hebben we erbij geschreven. In een maand of twee hadden we al vrij veel materiaal klaar. We dachten eigenlijk eerst om een ep uit te brengen, maar er kwam zoveel muziek dat we besloten dat het toch een volledige cd moest gaan worden. In het proces werkte het wel zo dat de muzikale ideeën van Sander min of meer automatisch voor de benodigde zanglijnen zorgden, dat was fantastisch.

En is toen Into The Open ontstaan? Verklaar de bandnaam eens?

Sander: De naam is min of meer spontaan ontstaan, hoe, dat weten we niet precies meer. We vonden het een mooie naam en het klopte. Het feit dat er verder nog geen bands met dezelfde naam actief waren was ook positief. Het heeft verder ook wel iets symbolisch: we waren klaar om met onze muziek naar buiten te gaan.

Destination Eternity” is de titel van de cd, welk verhaal zit hier achter?

Jan Willem: In alle eerlijkheid komt het initiële idee voor de plaat van mijn vrouw. Het gaat er in deze filosofie om dat een mens in zijn leven levenslessen moet leren om de eeuwigheid in de zielenwereld te kunnen bereiken. Een ziel kan hierin terecht komen als het op aarde een goed mens is geweest. In die spirituele wereld zijn diverse niveaus waar je een plaats in moet verdienen als het ware. We vonden in deze zienswijze enorm veel inspiratie om deze conceptplaat te maken.

Het prachtige schilderij van Vivi Hoffmans, The Source, gebaseerd op het nummer “Estonia” van Marillion. Hoe zijn jullie hierop gekomen en hoe past het in het plaatje?

Jan Willem: per toeval raakte ik na een show aan de praat met Vivi Hoffmanns en ze liet me wat van haar werk zien. Ik zag haar schilderij “Estonia” en meteen de volgende dag heb ik met Sander overlegd en we besloten aan Vivi te vragen of we het mochten gebruiken. Het is gebaseerd op het nummer “Estonia” van Marillion, dat teruggrijpt op de ramp met het passagiersschip “Estonia”, dat op 28 september 1994 zonk en waarbij 850 mensen het leven lieten. Het beeld sluit heel goed aan op het verhaal van de cd, de overgang naar de dood en wat zich daar mogelijk nog achter afspeelt.

Is Into The Open nou een band, of een project? In elk geval wordt er erg knap gemusiceerd. Kunnen jullie iets over de andere bandleden vertellen?

Sander: In principe is het op dit moment nog een project. Zo hebben we het ook ingestoken. Jan Willem en ik zijn verantwoordelijk voor het materiaal, maar nadat we de demo’s klaar hadden vonden we het wel belangrijk om met goede muzikanten in zee te gaan zodat het album daadwerkelijk ingespeeld kon worden. Jan Willem kende onze bassist Frank Strokap van zijn optredens met The Classic Rock Show, en gitarist Martijn Balsters en drummer Robert Spaninks kende ik uiteraard van The Dust Connection. Robert is daarnaast een uitstekend producer dus het lag voor de hand om hem ook voor die klus te vragen. Het was ook zijn idee om gitarist Ronald Martens erbij te vragen, die hij nog kende van zijn Iron Maiden coverband Up The Irons. Het heeft allemaal erg goed uitgepakt moet ik zeggen.

Nog even over de muziek. Die vind ik zeer geslaagd: het zit uitstekend in elkaar, wordt heel goed uitgevoerd, het is een mooie mix van stijlen en stemmingen. Hoe kijken jullie hier zelf tegenaan?

Sander:  we zijn er ook erg tevreden over. Het is precies zo als jij het zegt. De muziek past heel goed bij de fase van het leven waar het betreffende nummer over gaat.

Judgement Day is echt een keerpunt, je hoor hierin terug dat het er echt om spant wie het eeuwig leven mag betreden.

Jan Willem: Ik vind Ride The Wind erg mooi, met fraaie zang van Maria Catharina.

Sander: Dat was een van de ideeën die Jan Willem nog had liggen. Ik vond het in eerste instantie iets aan de zoete kant, maar nadat we er een toetsen-/gitaarduel in hadden toegevoegd (waarbij de gitaarsolo overigens is ingespeeld door Marcel Coenen) kwam het nummer echt tot leven.

Half Song is een mooie ballad geworden, het geeft je echt het gevoel of je ‘aan de andere kant’ bent aangekomen. Het initiële idee was een piano-demo die ik nog had liggen. Ik had het idee dat het nog niet af was, vandaar dat ik het de werktitel “Half Song” had gegeven. Echter toen Jan Willem zijn emotionele tekst erover had ingezongen was het echt compleet. Een vriendin die ik de demo had laten horen zei vervolgens : Half song, half love. Dat vonden we zo passend dat we besloten om de titel zo te laten.

Jan Willem: er zitten natuurlijk ook wel wat stevigere stukken in, zoals  Eternity, heeft wat van Knight Area weg, maar daar zit dan ook weer een akoestisch stuk in met een lange synthesizersolo.

De sfeervolle muziek die Sander nu zelf maakt komt ook op deze cd duidelijk naar voren. De vele lage toetsen die erin zitten vormen als het ware het warme deeg voor de muziek.

De cd is in eigen beheer opgenomen: is dat niet erg moeilijk?

Sander: Het was ook niet hoe we het voor ogen hadden. We hebben bij verschillende maatschappijen aangeklopt, maar niemand durfde het aan. Omdat we het album als geheel te goed vonden om op de plank te laten liggen hebben we het vervolgens toch zelf geprobeerd.

Jan Willem: Het helpt dat we de nodige contacten in de muziekwereld hebben. De verkoop kan natuurlijk altijd beter, maar valt niet tegen. De cd ligt in veel winkels in Nederland, maar ook in de rest van Europa en in de Verenigde Staten. Ook in het buitenland wordt de cd behoorlijk goed verkocht. “Destination Eternity” is ook digitaal uitgebracht en is te beluisteren en te kopen op Spotify en andere digitale platforms.

Deze muziek smaakt naar meer. Er moet natuurlijk een vervolg komen op “Destination Eternity” én jullie moeten me beloven dat  we dit werk ook live te zien krijgen!

Jan Willem: er zijn al wel ideeën én een eerste paar schetsen voor iets nieuws, maar het is op dit moment echt allemaal nog in een beginstadium. Veel meer kunnen we hier nu nog niet over zeggen.

Ook met betrekking tot optredens zijn er wel ideeën, maar ook op dit moment nog niet meer dan dat. Verschillende podia hebben overigens al interesse getoond, dus wellicht dat het er toch nog eens van komt.

Sander Heerings en Jan Willem Ketelaers

Ode aan: La Coscienza di Zeno – La Coscienza di Zeno

Recensent Fred Nieuwesteeg vergelijkt LCdZ met een kopje (perfecte) espresso.


We zijn de Gotthardtunnel net door, de auto staat nog niet stil op de parkeerplaats of ik spring eruit om het  wegrestaurant binnen de sprinten en amechtig aan de bar ‘un caffè per favore!’  te roepen. ‘Bedoelt u een espresso?‘  ‘Ja, een espresso!’  In een dikwandig voorverwarmd porseleinen kopje stroomt gestaag een laagje zeer sterke koffie waarop zich een gouden schuimlaagje vormt. Perfect van smaak en temperatuur geniet ik ten volle van mijn eerste Italië-moment. De wereld om mij heen bestaat even niet meer. Zo simpel en meteen ook zo complex en zo mooi, dat is espresso. En dat is Italië. Mijn vakantie is na deze korte genotsbeleving al geslaagd. En we zitten nog in Zwitserland…

We zijn op weg naar een dorpje in de buurt van Genua. En in die grote havenstad is de band La Coscienza di Zeno gevestigd. Zij maken Rock Progressivo Italiano. Ik ben in de ban geraakt van Italiaanse prog. Het raakt mij gewoon, de taal, de emotie, het melodieuze. En LCdZ is hier een schoolvoorbeeld van. Het gelijknamige debuut uit 2011 doet mij nog elke keer buiten mijn oevers treden. Wat een symfonische weelde strooit dit gezelschap over de luisteraar uit! Alle klassieke elementen zijn aanwezig:  twee geweldige toetsenisten die mini-Moog, Mellotron, orgel en piano doorlopend om voorrang laten strijden, een prima zanger die zijn emoties de vrije loop laat en een gitarist die hier zeker niet voor onderdoet. De composities zijn vol van melodie, afwisseling en staan  bol van momenten die je doen duizelen.

Zonder de andere nummers tekort te willen doen stip ik alleen het epische Nei Cerchi Del Legno  aan.  De laatste zeven minuten behoren tot het mooiste wat  ik ooit gehoord heb. Na een opwindende start, de band schuwt ook tegendraadse ritmes niet, horen we een ogenschijnlijk eenvoudig, maar zo ontstellend mooi pianoloopje, dat later bijval krijgt van andere toetsen en hoe kan het anders, de solerende gitaar. Je kunt me dan al bij elkaar vegen en als het nummer afgelopen schijnt, volgt nog een tranentrekkend tingeltangelstukje. Dan pas krijgen we de emotionele zang erbij. Violen geleiden dit meesterwerkje naar een meer dan passend einde. Zo eenvoudig, zo fraai, zo mooi gemaakt, letterlijk alles klopt. Italianen maken prachtige dingen, om ultiem van te genieten, zoals een perfecte espresso en hemelse muziek,  waar je simpelweg niet genoeg van kunt krijgen. ‘Un altro per favore!’

 

Interview Gerben Klazinga (Knight Area)

De Nederlandse neo-progband Knight Area bracht onlangs zijn zevende studioalbum uit, dat de titel “D-Day” meekreeg. De titel doet sterk vermoeden dat het een concept-cd is. 

(meer…)

Send this to a friend