Interview met Matic Blagonič van Hei’An

Momenten zijn soms heel belangrijk iemands leven. Willekeurige momenten. Je wordt aangetrokken door bepaalde tonen, emotie in muziek of visuele aspecten. Dat overkwam mij toen ik de band Hei’An voor het eerst beluisterde en bestudeerde. Want zeg nu eerlijk, alleen de naam is toch al mooi? En dan nog die prachtige vlinder op de hoes van de cd. Gedreven door de fantastische muziek op het album “Imago” besloot ik contact te zoeken met de bedenker achter deze band, Matic Blagonič.

Matic, kan je jezelf en de band voorstellen aan het Nederlandse publiek?

Hei’An begon oorspronkelijk als een eenmansproject. Ik schrijf al liedjes sinds het begin van de middelbare school, maar ik heb ze nooit echt aan iemand laten horen of de teksten laten lezen. Het enige wat ik deed was soms kleine fragmenten op mijn persoonlijke Instagram-profiel plaatsen. Daar bleef het in eerste instantie dan ook bij. Maar begin 2020, toen de eerste covid-19-lockdown aantrad had ik zoals zovelen extra tijd over en besloot ik die nummers in mijn slaapkamer op te nemen, te produceren en op YouTube uit te brengen. Een heel speciaal persoon in mijn leven hielp me toen de naam voor het project te kiezen, wat nog steeds mijn pseudoniem is, terwijl het nu ook de band als geheel vertegenwoordigt. Hei’An komt voor uit de Chinese taal en kan ruwweg worden vertaald als ‘onheilspellend duisternis’. Hoe dan ook, ik heb een aantal van deze demo’s zelf opgenomen in mijn slaapkamer en ik heb er twee op YouTube geplaatst die ik later ook weer verwijderd heb wegens diezelfde ‘slaapkamer’ kwaliteit. Toch kregen ze veel meer views dan ik had verwacht, hetgeen me inspireerde om een ​​volledige band te vormen en het vervolgens goed aan te pakken.

Hoe verzamelde je de band bij elkaar?

Ik studeerde klassieke gitaar en klassieke zang aan het Muziekconservatorium in Ljubljana, dus kende ik heel veel muzikanten, en ik maakte snel contact met een goede vriend en ex-klasgenoot Gaj Bostič. Hij werd de drummer van Hei’An. Samen hebben we snel de andere leden van Hei’An gerekruteerd, Matevž Počič, onze gitarist, studeerde jazzgitaar aan het Conservatorium in Ljubljana. Peter Smrdel, onze bassist, studeerde daar ook en geeft daar nu zelfs les. Vanaf dat moment zijn we samen opgetrokken.

Wat doen jullie in het dagelijks leven?

We zijn eigenlijk allemaal muzikanten, Gaj en Matevž studeren momenteel muziek in Wenen, maar ze komen heel regelmatig naar Slovenië voor repetities, optredens. Daarnaast hebben ze ook nog wat andere coole muziekprojecten. Peter geeft dus les aan het Conservatorium in Ljubljana en heeft eveneens andere muziekprojecten, en ik studeer nog steeds muziekproductie aan het United POP in Ljubljana. Daarnaast werk ik als geluidstechnicus. We streven er wel allemaal naar dat deze band – eerder vroeger dan later – onze enige of in elk geval belangrijkste bron van inkomsten wordt.

Wat zijn je belangrijkste muzikale invloeden en naar welke bands luister je zelf graag?

Ik schrijf de muziek voor de band, dus ik zal vooral mijn eigen invloeden noemen. Ik luister naar veel verschillende soorten muziek, van verschillende subgenres van metal zoals progressieve metal, post-metal, metalcore, black metal, deathcore, tot aan subgenres van rock. Dan moet je vooral denken aan progressieve en alternatieve rock. Maar ook veel elektronische muziek, pop, klassiek, jazz. Veel verschillende dingen dus. Maar mijn favoriete artiesten komen over het algemeen uit de metal / rockwereld, bands als Architects, Northlane, Bring Me The Horizon, TesseracT, Periphery, Meshuggah, Intervals, Polyphia, Alcest, Deafheaven, Together To The Stars etcetera, om er een paar te noemen. De andere bandleden luisteren evenals ik naar veel verschillende stromingen, maar we houden over het algemeen van vergelijkbare dingen. Gaj is ook een grote fusionfan, Matevž houdt echt van technische death metal, Peter houdt echt van R’n’B, maar over het algemeen luisteren we naar een reeks vergelijkbare artiesten en zijn we allen dol op zwaardere muziek.

Ik hoor die verschillende stromingen ook in jullie eigen debuut…

Dat was ook mijn doelstelling. Ik wilde dat ons eerste album een ​​mix van stijlen zou worden, maar zonder al te rommelig te klinken en vooral ook progressieve elementen kent zoals interessante ritmes, breaks en fills. Wat dat betreft vind ik TesseracT en I Built The Sky interessante bands, maar zonder té progressief te zijn en door te draven. Ingewikkeld uit te leggen, maar ik heb ook geprobeerd om grote refreinen en zelfs enkele breakdowns toe te voegen, die misschien meer typerend zijn voor metalcore. Belangrijk was dat ik wilde dat alles mooi en emotioneel zou klinken, met een aantal mooie ambient stukken. Dat is weer wat meer typisch voor post-metal en zelfs post-black metal. Dan heb je dus over bands als Harakiri For The Sky, Deafheaven en Alcest.

Dat stond ook in de promosheet van jullie label, de vergelijking met Alcest, die ik persoonlijk niet helemaal begrijp.

Al die unieke invloeden en speelstijlen hebben de arrangementen van de nummers gevormd tot hoe ze nu klinken en daarom denk ik dat we erin geslaagd zijn om een ​​relatief uniek geluid te creëren, ondanks de vergelijkingen van ons en het label om de muziek te duiden. Je moet ergens beginnen, maar natuurlijk hopen we dat we een sound hebben gecreëerd waarvan mensen over een tijd kunnen vertellen dat het een typisch Hei’An-nummer is. En dat we straks niet meer worden vergeleken met andere bands.

Onder welk genre zou je zelf je muziek willen scharen?

Ha! Tja, ingewikkeld. Omdat we zoveel invloeden hebben, we zoveel elementen uit verschillende genres en stijlen in onze muziek hebben verwerkt en we erin geslaagd zijn een ​​vrij uniek geluid te bereiken, vind ik het moeilijk om in een al bestaand genre te passen, om eerlijk te zijn. We zijn progressief, maar niet zo progressief als veel andere bands, we hebben hier en daar post-metal / post-rock elementen, maar we zijn geen post-metal, we hebben wel metalcore-elementen, maar we zijn zeker geen metalcore.. Daarom kwam ik op een gegeven moment op het idee een zin te bedenken die de muziek die we maken zou kan beschrijven als ‘post-progressieve / postmoderne metal’. Dus dat is het genre dat we dit album zouden noemen. Maar ik ben nu alweer veel dingen aan het schrijven voor toekomstige cd’s waarmee die omschrijving straks waarschijnlijk niet meer past. Voor nu zijn we wat mij betreft een post-progressieve en post-moderne metalband.


Zoals veel cd’s die in dit jaar zijn uitgekomen is ook dit album in de eerste Covid-periode gecomponeerd en geproduceerd. Zaten de ideeën voor deze cd al voor die tijd in je hoofd of ontstonden ze tijdens de lockdown?

De meeste nummers zijn geschreven vóór de pandemie, maar ze zijn opnieuw gearrangeerd en afgemaakt tijdens de lockdown. We hadden evenals veel mensen (en muzikanten) extra tijd over en we dachten dat we die net zo goed en efficiënt konden gebruiken. Dus in zekere zin, ook al hadden de pandemie en de lockdowns veel negatieve effecten op de wereld en op ons, ben ik nog steeds dankbaar dat de wereld een paar maanden stil heeft gestaan waardoor ik een introspectieve duik in mezelf kon nemen en genoeg inspiratie, motivatie en tijd te vinden om deze band echt op gang te krijgen. Dus dat is wat we deden. Maar zonder covid was Hei’An misschien een eenmansproject gebleven, wie weet. Dus het is best goed uitgepakt.

De cd barst bijna uit zijn voegen als het gaat om gevoelens over depressie, relaties en verslavingen, spelen die ook in je eigen leven?

O zeker. Alle teksten voor deze plaat zijn heel intiem en oprecht, heel emotioneel en expressief, een reis door mijn eigen gedachten, emoties, gevoelens en ervaringen, om zo maar te zeggen. “Imago” is een conceptalbum en het beschrijft een reis door de hel, maar geen Bijbelse hel, maar eerder een hel in mezelf. Daarom begint het album met een toespraak, de inscriptie op de poorten van de hel uit Dante Alighieri’s Divine Comedy. De nummers gaan vervolgens in op verschillende soorten crisis. Een emotionele dan wel spirituele hel, waarin een persoon zich gevangen kan voelen. Depressie, zelfmoordgedachten, giftige relaties, verslavingen enz. Maar het album eindigt met een positieve noot, want je kan ontsnappen uit die trechter, uit die hel. De albumtitel, “Imago” heeft ook een symbolische betekenis die daarmee verband houdt. Imago is een Latijns woord dat in de biologie de laatste fase van de evolutie van een insect betekent. Zo evolueert bijvoorbeeld een rups (die over het algemeen als ‘lelijk’ en ‘ongewenst’ kan worden ervaren) aan het einde van zijn leven tot een prachtige vlinder, vol liefde en vol leven. Daarom staat de blauwe vlinder op de albumhoes. Het vertegenwoordigt een soort wedergeboorte, ontsnappen uit deze hel binnenin en er een beter mens worden, vol liefde en vol leven. Desondanks zal je merken dat de vleugels van de vlinder nog steeds littekens hebben en een ervan staat nog steeds in brand. Het staat voor dat welke ‘helse’ ervaring je ook moet doorstaan, je er overheen komt, maar je zal nooit 100% hetzelfde zijn. Elke ervaring, goed of slecht, heeft je gevormd tot wie je nu bent.

Je hebt hier echt over nagedacht, zelfs voor een kunstzinnige artiest gaat het diep!

Ja, het hele idee, de betekenis van elk nummer, kwam voort uit mijn eigen persoonlijke ervaringen, gedachten, gevoelens en emoties. Ik heb behoorlijk wat depressieve episodes gehad (soms behoorlijk intens) en probeerde ze te overwinnen met (veel) alcohol, drugs en feesten, omringd worden door verkeerde mensen. Dat zijn dus de giftige relaties en giftige vriendschappen die ik benoem. Ik ben blij te kunnen zeggen dat ik dat allemaal heb overwonnen toen ik eindelijk stopte met zoeken naar geluk, vrede en betekenis en dat alles in mezelf vond. Dus ik ben nu gelukkig, omringd met mensen van wie ik oprecht hou en die van mijn houden en me steunen. Ik heb een gezonde relatie, heb geweldige en ondersteunende vrienden en ik ben volledig gestopt met drugs. Ik drink ook niet meer zoveel als vroeger. Dus het einde van het album vertegenwoordigt deze persoonlijke groei van mij, waarvan ik hoop dat andere mensen die misschien worstelen met soortgelijke problemen waar ik vroeger mee worstelde, inspirerend en behulpzaam zullen zijn. Hoe donker je ervaringen nu ook lijken, er is altijd een licht aan het einde van de tunnel, als je maar hard genoeg vecht om het te vinden en te bereiken.

Je hebt een warme relatie met je eigen Sloveense taal. Dat zie je terug in de bonustracks op de digitale editie van de cd, waarop je in het Sloveens zingt. Kun je ons daar meer over vertellen?

Ja, we hebben Sloveense versies opgenomen van drie van de nummers, die voorlopig alleen digitaal, als bonustracks op de digitale versie op het album zullen worden uitgebracht. We zijn ons er terdege van bewust dat we dit in Slovenië nooit professioneel zouden kunnen doen, omdat het wereldje, die scene, levendig maar klein is. Dus ik schrijf mijn teksten in het Engels. Ik moet ook zeggen dat Engelse teksten bij mij op een of andere manier veel natuurlijker ontstaan. Dat komt waarschijnlijk omdat de meeste van mijn muziekinvloeden in het Engels zingen, dus ik ben meer gewend om muziek in die taal te horen. Daarom hebben we slechts drie Sloveense versies gedaan als een soort hommage aan onze moedertaal en ons thuisland. Ook omdat we het gevoel hebben dat onze huidige (en toekomstige) Sloveense fans dat kunnen waarderen. Ook denken veel mensen hier in Slovenië dat de Sloveense taal niet erg goed klinkt in muziek en we wilden bewijzen dat dit niet klopt, althans wat ons betreft dan.

Ik ben niet meer dan een gemiddeld fan van grunts en screams, maar op de een of andere manier raken ze me meer dan ooit op deze cd. Ik ervaar het ook als hulpgeroep, de uitdrukking van verdriet en pijn. Heb je overwogen om die teksten in cleane zang te zetten of stond al vast dat screams een belangrijke rol zouden gaan spelen?

Dat is een hele goede vraag! En tegelijk ook dat je de muziek hebt begrepen zoals het bedoeld is door ons. De meeste teksten zijn eigenlijk door mij geschreven door de akkoordenschema’s van de nummers op een akoestische gitaar te spelen en daarover te zingen, dus vrijwel alle teksten zijn geschreven met een melodie in gedachten en ik was vooraf niet van plan screams en grunts te gebruiken. Maar ik realiseerde me al snel dat grunts het uitbeelden van emoties zoals verdriet en pijn in veel situaties perfect benadert. Ze hebben vaak meer pit en brengen meer expressie over, dus besloot ik ze op te nemen in onze muziek. Ik heb ook een paar lessen gehad bij David Benites, een fantastische zangcoach die gespecialiseerd is in extreme zang en hij heeft me veel dingen geleerd waarvan ik nooit had gedacht dat ik die vocaal kon brengen. Grunten en grommen werd toen een heel leuk voor mij, dus ik werd er ook meer gedreven in. Daarbij wilde ik ze binnen de songs op plekken waar ze sonisch en tekstueel logisch zijn. Fijn dat de plaat ondanks de extreme zang in de smaak valt! Het lijkt erop dat we iets goed hebben gedaan :)

Can’t Get Out Of My Skin is een waanzinnig goed nummer, het vertegenwoordigt een bijna wanhopig gevoel. Waar gaat het over?

Het is zeker een schreeuw om hulp. Het is geschreven in een tijd dat ik aan het drinken was, feesten, drugs gebruikte. Meerdere keren per week, soms zelfs elke dag, in een poging om te ontsnappen aan mijn depressieve episodes op dat moment. Maar toen de song werd geschreven wist ik heel goed hoe giftig en zelfdestructief dat soort gedrag is. Ik wilde ook stoppen, maar besefte dat ik het niet kon, niet alleen. Het nummer gaat dus over mijn strijd om aan die ‘cirkel van zelfvernietiging’ te ontsnappen, om zo te zeggen. Het nummer zelf eindigt op een donkere noot – het laatste couplet in het nummer zegt: “Laten we hier nog wat langer blijven, dit voelt te goed om te eindigen”, hetgeen impliceert dat ik op dat moment niet sterk genoeg was om nog beter te worden. Maar, zoals sommige van de andere nummers impliceren, slaagde ik erin om later beter te worden en ik ben nu een veel gezonder persoon, zowel mentaal als fysiek. Daar komt de vlinder dus weer om de hoek.

Op deze cd zoek je vaak naar samenwerking met andere artiesten. Hoe zijn die tot stand gekomen?

Elke samenwerking ontstond eigenlijk spontaan. Toen ik de song Inferno schreef, met de blast-beats, dacht ik meteen dat het nummer echt wat beklijvende hoge black metal-kreten nodig had. Het lukte mij niet en ik kon het ook niet op tijd leren (ik ben er nog steeds niet, maar ik werk eraan), dus ik wist dat we iemand nodig hadden die dat wel kon. Gelukkig ben ik bevriend met Aljaž Novak (Oəlka is zijn artiestennaam) van de Sloveense black metalband Malorshiga. Ik vroeg hem of hij er voor open stond en hij was blij om het te doen. Hij maakt het nummer ook beter.  Met Time To Go wilde ik een vette synth solo, dus vroeg ik de beste synth/keyboard/pianist die ik persoonlijk ken, Matic Štemberger. Ook hij is overigens een ex-student van het Muziekconservatorium in Ljubljana en evenals Aljaž hielp hij ook graag.

De functie op Dreamer kwam eigenlijk uit een creatief blok, ik wist dat ik zang wilde in het deel waar de het nu is, maar ik kon gewoon niets goeds schrijven. Dus ik dacht, wat als we hier een andere artiest vragen? Randy Slaugh (die de orkestraties en aanvullende programmering voor de plaat deed) moedigde me toen aan om iemand te zoeken die veel groter is dan wij, omdat dit ons meer persaandacht zou kunnen geven en onze carrière op lange termijn zou kunnen helpen. We kwamen in contact met toetsenist en zanger Joe Buras van Born From Osiris en ook hij heeft waanzinnig goed werk geleverd. Daarbij is het een super aardige vent om mee samen te werken. Voor de Sloveense versie van Dreamer (Preteklost), wilden we een Sloveense zanger en namen we contact op met Štras, de zanger van de Sloveense rockband Mrfy. Ook hij deed het graag, we voelen ons gezegend. De andere samenwerkingen kwamen veelal uit noodzaak: we wilden coole gesproken teksten die niet door mij gedaan konden worden en daarvoor namen we contact op met Adam Fainman. Sara Jeremić heeft wat vrouwelijke achtergrondzang ingezongen en voor de percussie hebben we Žiga Smrdel benaderd. Ik heb het gevoel dat elke samenwerking coole elementen in de muziek heeft gebracht, dus we zijn blij dat we het allemaal in de muziek hebben geïntegreerd. Wat mij betreft blijven we dit ook doen, want het voegt mooie elementen toe aan onze muziek.



In mijn recensie vergelijk ik je met een band als Linkin Park. Althans, de moderne versie van die Amerikaanse band…

Ik ben eigenlijk een grote fan van Linkin Park, dus dat vind ik zeker geen schande! Ik heb veel naar ze geluisterd op de middelbare school en ik luister nog steeds graag naar hun muziek, dus wat mij betreft is het een eer om met zo’n band vergeleken te worden! En aangezien Linkin Park ook graag elementen uit verschillende genres mixten en er voor zorgde dat de muziek melodieus en mooi is, begrijp ik volledig waar je vergelijking vandaan komt. Dank je!

Jullie staan in de stal van een gerenommeerd pr bureau SAOL/CMM, hoe kom je als relatief onbekende band bij zo’n groot bureau?

We hebben in feite een ​​eigen platenlabel, waarvan ik de eigenaar ben, genaamd Hei’An, Music Agency, Ltd. Met SAOL / CMM GmbH hebben we een bureau dat pr-diensten voor ons afhandelt en via hen kunnen we ook de distributie van de cd via hun distributiepartner The Orchard organiseren. In eerste instantie wilden we maar al te graag bij een label horen, we hadden labels als Kscope en InsideOut in gedachten, maar we wilden de rechten op onze muziek behouden, waardoor de opbrengsten ook bij ons zouden belanden. Maar ik wist dat we publicatie, distributie en pr nodig hadden om de cd goed in de markt te zetten. Ik vond SAOL / CMM GmbH via een uitgebreide Google-zoekopdracht en kwam er achter dat ze gewerkt hadden met grote bands als bands als Iron Maiden, Architects, Trans-Siberian Orchestra , Parkway Drive enz. Ik heb ze toen gewoon brutaal een e-mail en een paar van onze demo’s en vroege mixen gestuurd. Ze waren gelijk enthousiast en onder de indruk van onze carrièreplannen, dus ze wilden graag dat we bij hen tekenden. Het voelt heel goed om met hen samen te werken, het zijn allemaal super aardige mensen en zonder hen zouden we zeker niet zijn waar we nu zijn. Shoutout naar Jay, Laura, Lukas en alle anderen in het SAOL-team! :)

Beetje opmerkelijk vond ik de release show van het album, terwijl de cd op 25 november uitkomt, is de presentatie pas in januari van 2023?

We wilden het iets eerder doen, het oorspronkelijke plan was voor begin tot half december, maar we wisten vanaf het begin dat we onze releaseshow in Kino Šiška in Ljubljana wilden doen. We zijn gek op die locatie en het stelt ons in staat om het soort show te doen die we willen doen, met een groter podium, een heleboel lichten, visualizers enzovoort. Kino Šiška was helaas al heel vroeg volgeboekt voor december, dus we moesten noodgedwongen uitwijken naar januari. Maar dat is ook prima, want in januari gebeurt er veel minder, dus mensen zijn misschien minder verdeeld over naar welk evenement ze moeten gaan. In december zullen er in Ljubljana op verschillende locaties meerdere evenementen tegelijkertijd plaatsvinden, dus een releaseshow in januari vergroot onze kansen om een groter publiek binnen te halen.

Hebben jullie al veel opgetreden in Slovenië?

Eigenlijk hebben we nog geen enkel optreden gehad! We wilden eerst ons debuutalbum afmaken en hebben nu wel een releaseshow in Kino Šiška in Ljubljana, Slovenië. Het is een geweldige locatie, waar veel beroemde bands hebben gespeeld, zoals Eluveitie, Alcest, Carpenter Bru. Dat zal plaatsvinden op 28 januari 2023! En daarna werken we nauw samen met Codex Agency, een boekingsbureau uit Nederland, om direct daarna een aantal shows in heel Europa te boeken. Alles is dus in werking gezet en in beweging gezet, we zullen alles aankondigen wanneer de tijd rijp is. Jullie van Progwereld zijn er gewoon vroeg bij en daar zijn we dolblij mee!

Sloveense band Hei’An komt met sterk debuut

Hei’An is oorspronkelijk een eenmansproject van de Sloveense muzikant Matic Blagonič en is in korte tijd uitgegroeid tot een collectief van enthousiaste artiesten die ernaar streven Sloveense metal te promoten. De band die hun muziek zelf graag beschouwt als ‘post-progressive metal’, slaagt er op indrukwekkende wijze in om zowel heavy geluiden als zachte emoties in evenwicht te brengen in een veld van mysterieuze post-metal-achtige landschappen. Door de inspiratie van namen als Alcest, Leprous en een vleugje Muse zullen vooral luisteraars van dromerige en doom metal nummers het debuutalbum “Imago” zeer waarderen.

Het conceptalbum wordt op 25 november uitgebracht en toont een reis door de innerlijke hel van een man en de uitdaging om innerlijke demonen en trauma te overwinnen. Het raakt aan verachtelijke, maar helaas al te vaak voorkomende onderwerpen zoals giftige relaties, depressie, verlies of verslaving. “Imago” leidt de luisteraar door meerdere cirkels van kwelling en beproevingen – op de weg om opnieuw op te duiken met een positief, gereflecteerd patroon.

De titel “Imago” – wat ook de naam is van de laatste track – komt uit de laatste ontwikkelingsfase van de groei van insecten. Terwijl rupsen door hun imago-stadium gaan, worden ze vlinders, vrije wezens met unieke kleuren en een verleden. De essentie van het album samenvattend, zegt Blagonič:

“Imago is een metafoor voor het doorstaan van een heleboel ontberingen, maar uiteindelijk zul je je vleugels spreiden als een prachtige vlinder, en beter, sterker, meer verbonden met jezelf en mooier zijn. Daarom staat er ook een vlinder op onze albumhoes. Maar zoals je zult merken, heeft de vlinder nog steeds licht verbrande en beschadigde vleugels – dat komt omdat je tijdens ontberingen nooit zomaar kunt vergeten of wissen wat je hebt meegemaakt, trauma zal altijd bij je blijven. Maar als je het accepteert, het (en jezelf) begrijpt en ervan leert, kun je toch uitgroeien tot een prachtige vlinder, vol liefde en vol leven.”

Hei’An bestaat uit:
Matic Blagonič: gitaar, zang en programmering
Matevž Počič: gitaar
Peter Smrdel: basgitaar
Gaj Bostič: drums

Tracklist “Imago”:
Semita Tenebrarum (2:28)
Inferno (feat. Oəlka Malorshiga) (9:19)
Embers (5:50)
Can’t get out of my skin (6:01)
Escape (7:54)
Dreamer (feat. Joe Buras (Born of Osiris) (6:07)
In The Cold (5:35)
Time To Go (feat. Matic Štemberger) (6:12)
Shut My Eyes( 5:30)
At The Break Of Dawn (3:20)
Noises (5:32)
Imago (4:02)
Ko Te Ni (5:36)
Preteklost (feat. Gregor Strasbergar – Štras from Mrfy) (6:08)
Ne Iščem Več Besed (5:32)

Een indicatie wat je kunt verwachten bij deze band vind je in de onderstaande video’s:




Osyron komt met nieuw album “Momentous”

De band Osyron brengt op 4 november een nieuw album uit. Het wordt het vierde album van de band uit Calgary. De cd is gemasterd door Maor Appelbaum die ook de mastering heeft verzorgt voor bands als Faith No More, Dream Theater, Voivod en Armored Saint. Tekstueel gaat het album vooral over de vele emoties, beproevingen, persoonlijke gevechten, verliezen en overwinningen waarmee de mensheid tijdens de pandemie werd geconfronteerd. Het album is gemixt door bassist Tyler Corbett in de Sole Audio studio en de drums werden opgenomen door Josh Rob Gwilliam bij OCL Studios in Chestermere, Alberta. Alle andere instrumenten zijn opgenomen door drummer Cody Anstey in zijn CRM Sound studio.

Ter promotie brengt de band een video uit voor het nummer The Deafening. In de video is Stu Block als gastzanger actief en krijgt Osyron muzikale ondersteuning van het Poolse Percival, een folk metal band.

Tracklist:
1. Anunnaki (ft. Percival)
2. Dominion Day
3. The Deafening (ft. Stu Block and Percival)
4. Landslide
5. Sorrow and Extinction
6. Beyond the Sun
7. Awake
8. Momentous (ft. Percival)
9. Prairie Sailor
10. Beacons

Nieuw Album voor Crone

Het Duitse Crone komt op 23 september met een nieuw album genaamd “Gotta Light”.

Crone is ontstaan ​​uit een muzikale samenwerking tussen Phil Jonas van Secrets of The Moon en Embedded drummer en gitarist Markus Renzenbrink. Beide muzikanten wilden hun muzikale horizon buiten de metalgrenzen verkennen, zeker ten opzichte van hun reguliere bands. Het resultaat was de veelbelovende EP “Gehenna” die in 2014 uitgebracht werd. Critici bestempelden die eerste poging als post-rock, post-punk en zelfs als shoegaze. In 2018 bracht de band het debuutalbum ‘Godspeed‘ uit en de meer gefocuste en consistente nummers werden vaak onder ‘post-rock’ geplaatst. Onze recensent plaatste dit album zelfs in diens top 3 van het jaar 2018.

In die jaren stopten de beide heren met hun belangrijkste bands. Secrets Of The Moon stopte in zijn geheel waarna Phil Jonas in een lichte depressie raakte. Het heilige vuur en passie die hij daarna hervond stopte hij in nieuwe composities voor Crone. De albumtitel is geïnspireerd op de roemruchte achtste aflevering van David Lynch’ meesterwerk, tv-serie “Twin Peaks”.

Nu Crone is verheven tot de hoofdband van elke hoofdrolspeler, is de hernieuwde focus en urgentie van de band duidelijk hoorbaar op “Gotta Light?”. Met Christian Schmidt is er een vaste toetsenist aan de line-up toegevoegd en de nieuwe leadgitarist Kevin Olasz zorgt voor een extra nieuw element aan het geluid van Crone. Hieronder kun je alvast genieten van de video Gemini.

Line-up
Phil Jonas: zang en gitaar
Markus Renzenbrink: drums
Kevin Olasz: gitaar
Daniel Meier: basgitaar
Christian Schmidt: toetsen

Gastmuzikanten
Kirsten Schuhmann: zang
Matthias Lohmöller: gitaar en trompet

Tracklist
No One Is Ever Alive
Abyss Road
Gemini
This Is War
They
Towers Underground
Quicksand
Waiting for Ghosts
Silent Song
Kenosis

www.cronemusic.net/

All Things Fallen komt met tweede album genaamd “Shadow Way”

De Zweedse progressieve metalband All Things Fallen, met leden van Darkwater en Pain of Salvation komt op 3 Juni met een nieuw album genaamd “Shadow Way”. De band bestaat sinds 2017 en is opgestart door Markus Sigfridsson (Darkwater). Bij het eerste album voegde Leo Margarit (Pain of Salvation) zich bij hem op drums en Erik Tordsson nam de zang voor zijn rekening. Het eerste titelloze album verscheen in 2019 via Blackoak Records. Dat album werd goed ontvangen door o.a. fans van Darkwater en Pain of Salvation, maar trok ook de aandacht van veel nieuwe luisteraars.

Tracklist:
The Sentinel
Rebirth
Chaos System
Pandemonium
Path of Dismay
Narcissistic Ritual
Kiss of Death
Desert of the Real
Shadow Way

Ook het tweede album zal worden uitgebracht via Blackoak Records en wereldwijd worden gedistribueerd door Beyond the Storm Productions.

De teksten van All Things Fallen gaan vaak over hedendaagse gebeurtenissen en problemen in onze wereld, maar vaak vanuit een metaforische houding.

Naast Markus, Leo en Erik op “Shadow Way” is Raphael Dafras (Edu Falschi, Almah) actief op de basgitaar. Net als op het eerste album vind je ook op het nieuwe album een ​​gastoptreden van Maria Grigoryeva op viool. Het album werd gemixt en gemasterd door Dennis Koehne (Orden Ogan, Sodom).

Line up:
Markus Sigfridsson: toetsen, gitaar en programmering
Leo Margarit: drums
Erik Tordsson: zang
Raphael Dafras: basgitaar

Facebook: https://www.facebook.com/allthingsfallen

De saxofoon binnen progrock en metal

Saxofoon binnen progrock en metal
Redactie: Ruard Veltmaat

De saxofoon. Door sommigen bejubeld, door anderen gehaat.

De saxofoon is binnen veel muziekgenres sterk vertegenwoordigt. Denk aan de jazz, soul en funk. Het instrument met het geweldige klankenpallet komt echter niet veel voor in de door ons geliefde genre: progressieve rock.

                                         

Terwijl dat toch bijzonder is, want een saxofoonsolo kan voor een sferische, intense en expressieve beleving zorgen, iets dat de progrocker nu juist zo belangrijk vindt. Zoals we die beleving bijna unaniem wel vinden in de elektrische gitaar of in uitgebreide toetsenpartijen. Het voordeel van de sax is dat het een akoestisch blaasinstrument is waarin de muzikant ziel en zaligheid, maar ook virtuositeit kan stoppen. De saxofoon is een expressief instrument waarmee je een ultiem vrolijk gevoel kunt opwekken of een down, verdrietig gevoel. Dat kan met meer instrumenten natuurlijk, maar ik maak mijzelf wijs dat een saxofoon meer een gevoelsinstrument is dan een basgitaar of bijvoorbeeld toetsen.

In deze Progvizier gaan we dieper in op het gebruik van de saxofoon binnen progressieve rock en maken we een zijstap naar progmetal en andere soorten metal. We bespreken enkele artiesten die bekend zijn geworden binnen het genre, maar ook minder bekende artiesten. Daarbij laten we je kennis maken met parels van nummers en albums die nog maar weinig mensen kennen. We gaan op speelse wijze in op de geschiedenis van de saxofoon en zullen je door middel van You tube filmpjes nummers laten horen die je wellicht nog niet kent. Ook lees je een interview met Ronald Ottenhoff, een van de meest toonaangevende Nederlandse saxofonisten binnen de scene. Daarnaast vind je in deze update een recensie van het gelijknamige album van Gold Spire, een stevige band waar de saxofoon een prominente hoofdrol vervuld.

Geschiedenis van de saxofoon…

Enkele bekende muzikanten maakten de saxofoon beroemd. Als je het specifiek hebt over de laatste vijftig jaar levert dat een aantal bekende namen op. Internationaal hebben we het dan over Ornette Coleman, John Coltrane, Coleman Hawkins, Charlie Parker, Stan Getz, Clarence Clemons, Branford Marsalis en symbolisch voormalig president Bill Clinton van de Verenigde Staten.
Nationaal hebben we het dan natuurlijk over de familie Dulfer. Zo zijn Hans en Candy Dulfer het boegbeeld van de Nederlandse saxofoon-scene. Wereldberoemde nummers die worden gedreven door de saxofoon zijn Tequila van The Champs (wie kent het nummer met slechts één gezongen woord niet?), Careless Whisper van George Michael en het iconische nummer Baker Street van Gerry Rafferty. Raphael Ravenscroft speelde daarin de saxofoon en hem komen we later in deze vizier weer tegen. In dit stuk maak je bijvoorbeeld ook kennis met een cover van Careless Whisper die een heel andere benadering heeft dan het nummer dat je in de Top2000 elk jaar hoort.

Het instrument bestaat al sinds 1840. Wikipedia vertelt ons: “De saxofoon werd vanaf 1840 ontwikkeld door de Belgische bouwer van muziekinstrumenten Adolphe Sax (1814-1894) naar wie het instrument ook is vernoemd en die er op 28 juni 1846 in Frankrijk een patent op verwierf”. Adolphe Sax heeft in de loop der jaren verbeteringen aangebracht, ook aan verschillende andere houtblaasinstrumenten. Ook de basklarinet zoals we die vandaag de dag kennen is een ontwerp van Adolphe Sax. De Belg wilde een instrument maken dat de souplesse van de strijkers heeft, maar ook de dynamische mogelijkheden van het koper (luid) en de klankmogelijkheden van het hout. Hij beoogde een instrument dat alle goede eigenschappen van de klassieke orkestinstrumenten in zich zou verenigen. De eerste saxofoon was een bassaxofoon, de rest van de familie volgde later. Omdat een bas vanwege de verhoudingen en controle van de buis/stemming en dergelijk makkelijker te bouwen is, maakte hij die eerst. In de loop der jaren die er op volgden, bouwde hij de rest van de familie, zoals een altsaxofoon, de bariton-, tenor- en sopraansaxofoon. De saxofoon werd door Sax uitgevonden als klassiek instrument en kent een eigen ontwikkeling binnen de klassieke muziek. Alhoewel de saxofoon als regulier orkestinstrument nooit doordrong tot het traditionele symfonieorkest, heeft het als solo-instrument en binnen kamermuziek een belangrijke rol gespeeld. Vooral in de 20e eeuw heeft deze ontwikkeling een hoge vlucht genomen.

Progrock

De saxofoon is geen gebruikelijk instrument binnen de progressieve rock, hoewel de allergrootste bands het instrument veel hebben gebruikt. Zeker in de jaren zeventig waren Pink Floyd, King Crimson, Soft Machine en Supertramp bij uitstek bands die een grote en brede bekendheid hebben bereikt in hun carrière. Juist die bands/artiesten lieten het instrument regelmatig of zelfs structureel terugkeren in hun muziek, op verschillende albums binnen hun discografie. Echter, als je het grote geheel van progbands bekijkt wordt het instrument niet heel veel gebruikt, laat staan in het genre progmetal. De saxofoon wordt binnen de progressieve rock vaak als solo-instrument gebruikt en niet als structureel instrument, hoewel ook daar voorbeelden van zijn te noemen. Zo was de progressieve band Black Widow in de eind jaren zestig en beginjaren zeventig een band die de saxofoon veel gebruikte in zijn muziek. De band werd in september 1969 geformeerd in Leicester (Engeland). De band stond vooral bekend om het vroege gebruik van satanische en occulte beelden in de muziek en toneelacts.

Vooral binnen de fusion/jazz-prog is het instrument een belangrijk onderdeel van het instrumentarium, daarvan zijn er talrijke bands te noemen die het omarmen. Bijvoorbeeld Nucleus, Herbie Hancock, Billy Cobham. Gemakshalve proberen we in dit artikel ons te focussen op muziek gerelateerd aan prog en metal en niet op Blues of jazzrock, wat gelijk onbegonnen werk zou zijn.

Een bekende saxofonist binnen de progrock is John Helliwell. Die kennen we natuurlijk van Supertramp. Een band die we allemaal kennen is Pink Floyd waarin sessiemuzikant Dick Parry vaak een prominente rol vervult op het gebied van saxofoon solo’s. Bijvoorbeeld zijn aandeel in Money en Us And Them is bepalend voor de productie en wellicht ook wel voor het succes van die nummers. Naast “The Dark Side Of The Moon” heeft hij meegespeeld op “Wish You Were Here” en “The Division Bell”. In het nieuwe millennium heeft hij zijn diensten nog veelvuldig verleend aan David Gilmour, maar ook aan Roger Waters. Raphael Ravenscroft, (Baker Street) heeft ook een significante rol gespeeld voor Pink Floyd, hij speelde bijvoorbeeld de tenorsax op The Final Cut. Later werkte hij samen met Mike Oldfield en Vangelis. Ravenscroft is één van de proghelden die niet meer onder ons is, hij overleed in 2014.


Dick Parry

Steve Hackett, de voormalige gitarist van Genesis, staat ook bekend als liefhebber van de saxofoon. Een album zonder Rob Townsend is bij hem nagenoeg niet denkbaar, wellicht mede doordat Townsend meer blaasinstrumenten bespeelt dan alleen de saxofoon. Iemand die veel bij progbands betrokken is geweest is Theo Travis. Naast zijn specialisme op saxofoon is hij ook bedreven in veel andere blaasinstrumenten, waaronder de dwarsfluit. Hij heeft veel gastoptredens gedaan in samenwerking met progbands en vooral ook de grote namen in de prog (The Tangent, Steven Wilson, Gong etc). Een jazz/progrock band als The Tangent heeft ook veel gebruik gemaakt van verschillende saxofonisten, evenals de zojuist al genoemde Franse combinatie Gong.

Master Builder van Gong

In Master Builder horen we een stevige tenor met een Sonny Rollins achtig gebruik van lage en hoge noten. Het bevat ook een puntige articulatie.

Soft Machine is eveneens een formatie die veel gebruik heeft gemaakt van de saxofoon in zijn muziek, ondanks dat de band vele gezichten kent. In Scandinavië staat het Zweedse Änglagård bekend omdat het de sax regelmatig integreert binnen hun muziek. Verantwoordelijk daarvoor is Anna Holmgren, één van de weinige dames in het genre. Änglagård is een retroprogband die experimentele muziek maakt waar je van moet houden, maar voor de liefhebbers van sax-muziek is het aantrekkelijk daar eens in te verdiepen.
Panzerballet is een dynamische ‘jazz-progmetal’ band uit Duitsland met een enorme diversiteit op het gebied van de saxofoon. De band die wordt geleid door Jan Zehrfeld gebruikt en op elk album die ze ooit hebben uitgebracht komt de saxofoon in meer of mindere mate aan bod.

De Fransman Allen Simon kennen we van de reeks “Excalibur” en hij gebruikt het instrument ook veel binnen in zijn composities. Drie keer raden wie daar verantwoordelijk voor is: John Helliwell. Het tweetal onderhoudt een warme relatie, waardoor Helliwell regelmatig Bretagne aandoet.
Hedendaagse bands die veel saxofoon gebruiken in hun muziek zijn het Franse Klone, Matthieu Metzger drukt in veel songs een signficante stempel op het geluid van deze band. Een neoprogband die op elk album de saxofoon uit de kast rukt is de Poolse band Moonrise.
Het Finse Death Hawks produceert psychedelische rock waarin de saxofoon prominent tussen alle andere instrumenten staat. Saxofonist Tenho Mattila blaast vaak bezwerende structuren en is een bindende factor in de veelal lange nummers van de band.

Like An Arrow – Moonrise

Nederland, prog en saxofoon.

Een Nederlandse progrock band die veel gebruik heeft gemaakt van de saxofoon is Alquin. Binnen die band is Ronald Ottenhoff verantwoordelijk geweest voor het instrument, maar hij is ook verantwoordelijk voor andere blaasinstrumenten als de klarinet en dwarsfluit. Een interview met hem leest u hier. Tom Barlage van Solution mogen we ook absoluut niet vergeten, zijn carrière op de alt- en sopraansax is wellicht nog indrukwekkender op basis van samenwerkingen met grote Nederlandse artiesten en bands. Want naast Solution is Barlage verwant geweest aan BrainBox, Doe Maar, Jan Akkerman, Ten Sharp, Focus en de Time Bandits.  De inmiddels vijfenzeventig jarige Bertus Borgers is ook een befaamde saxofonist, hem kennen veel oudere muziekliefhebbers nog van het psychedelische Dirty Underwear, en daarna van Mr. Albert Show, in die tijd bands die de progressieve horizon aan het verkennen waren. Borgers is ook maatschappelijk van belang geweest, zo is hij jarenlang docent popmuziek geweest en onder zijn leiding is eind jaren de Rockacademie van Tilburg opgezet, waar hij nog lang directeur van is geweest.

 

Bekende progrock saxofonisten

John Helliwell

John Anthony Helliwell werd geboren in een muzikaal gezin in de stad Todmorden in Yorkshire op 15 februari 1945, slechts vier maanden na een andere muzikaal beroemde Todmordarian, Keith Emerson, bekend van Emerson, Lake And Palmer. Helliwell kreeg als kleine jongen les in blokfluit en piano. In zijn puberjaren kocht hij zijn eerste klarinet en voegde hij zich als tiener bij het Todmorden Symphony Orchestra. Op zijn vijftiende kocht hij zijn eerst altsaxofoon en in de jaren daarna perfectioneerde hij zijn skills op verschillende blaasinstrumenten, maar de saxofoon bleef altijd favoriet. Aanvankelijk was zijn plan om muziek te studeren aan het Royal College of Music, maar tegen zijn achttiende en na voltooiing van zijn studie had hij werk gevonden in Birmingham (augustus ’63) als beginnend computerprogrammeur voor ICL, toen het grootste computerbedrijf van Groot-Brittannië.


John Helliwell

Muziek was nog steeds een belangrijk onderdeel van zijn leven en in zijn vrije tijd speelde hij in een opeenvolging van lokale dans- en bluesbandjes. Birmingham had een zeer opwindende mix van muzikanten in die tijd, waaronder belangrijke toekomstige leden van Traffic, ELO en de Moody Blues, die allemaal het pad van de jonge Helliwell kruisten. Jaren verliepen, evenals vele bands waaraan hij zijn diensten verleende waarvan The Alan Bown Set de belangrijkste was. Daarin speelde hij de laatste zes maanden van de band’s bestaan samen met Dougie Thomson. Thomson introduceert Helliwell bij Supertramp en hij speelde en schreef voor het eerst mee aan het iconische album “Crime Of The Century“. Dat bleek de absolute doorbraak van de Britse band te worden. Het eerste officiële publieke optreden van Helliwell met Supertramp was in maart ’74 in de Queens Club in Westcliff. Met de band Supertramp produceert Helliwell verschillende albums, tot aan het laatste officiële album “Slow Motion”.

Na dat album neem Helliwell afstand van Supertramp en werkt hij samen met de multi- instrumentalist en componist Alan Simon, waarmee hij meerdere albums opneemt binnen de “Excalibur” reeks. Op die albums spelen vele bekende sollisten, waaronder Martin Barre van Jethro Tull, John Wetton en Geoff Downes van Asia/Yes, Les Holroyd van Barclay James Harvest, Moya Brennan van Clannad en zo kunnen er nog heel wat namen genoemd worden.

Mel Collins

Binnen King Crimson is Mel Collins een fluitartiest die indruk maakt. Hij werd geboren op het eiland Man, omdat zijn ouders (beiden ook muzikant) op dat eiland rondtrokken voor een muzikale tour. De familie woonde in Walnut Tree Close, nabij Banstead in Surrey. In Banstead ging de jonge Mel naar de lagere school. Van beroep is Collins fotograaf, zo maakte hij voor zijn muzikale profperiode paspoortfoto’s en maakte hij reportages van trouwerijen. In zijn vrije tijd ontstond de liefde voor muziek en specifiek voor de saxofoon en andere fluitinstrumenten. Zijn muzikale carrière begon met de band The Dagoes uit Croydon. Collins reageerde vervolgens op een advertentie van de singer-songwriter Philip Goodhand-Tait en mocht binnen diens band Circus komen spelen. Echter Goodhand-Tait verliet de groep al vrij snel en de overgebleven musici namen mede daardoor slechts één album op. Circus had gedurende drie maanden een vaste standplaats in de Marquee, een bekende Londense muziekclub, waar ook andere bands een vaste verblijfplaats hadden.


Mel Collins en King Crimson

Een van die andere bands die daar ook verbleef was King Crimson, waar Collins als semi-bandlid instapte bij het tweede album, “In the Wake Of Poseidon”. Vanaf dat moment waren King Crimson en Collins onafscheidelijk van elkaar, hij speelde mee op bijna alle albums, tot en met het laatste live- album “Earthbound” en het album “Red”. Vanuit King Crimson werkt Collins met veel beroemde bands en artiesten, van Alan Parsons Project, Camel, Clannad, No Man, Uriah Heep, David Sylvian tot aan Caravan. En dat is nog een maar een kleine greep uit de vele prog gerelateerde bands, laat staan vele andere popacts.

Theo Travis

Theo Travis is waarschijnlijk in de huidige tijd één van de bekendste saxofoon- en fluitspelers ter wereld binnen de progressieve muziek. Zo speelt hij als solist op meer dan 150 albums. Travis begon op negenjarige leeftijd met de fluit en speelde tot diep in de puberjaren klassieke muziek en jazz georiënteerde muziek. Vanaf zijn zestiende speelde hij de saxofoon. Met gitarist Robert Fripp (King Crimson) richtte hij in 2007 de band Travis & Fripp op en het duo toerde internationaal de wereld rond. Samen namen ze vijf albums op. Theo is eveneens lid van de legendarische band Soft Machine, waar hij het stokje van Elton Dean overnam. Zo heeft hij aan de laatste twee albums ‘Hidden Details’ (2018) en “Live At The Baked Potato” (2020) meegeschreven en ook mee geproduceerd. Met de band toerde hij door de VS, Canada, Europa, Japan en Brazilië. Travis zegt zelf geïnspireerd te zijn door saxofonisten als Stan Getz, Michael Brecker, John Coltrane, Mel Collins en Tubby Hayes. Op sologebied heeft Travis meer dan tien albums geproduceerd en nog een handvol meer in nauwe samenwerking met één of twee artiesten (bijvoorbeeld Steve Lawson en John Foxx. In 1993 verscheen zijn eerste soloalbum, “2Am”, waar hij vooral nog een jazzgeluid laat horen.
De Brit heeft veel met Steven Wilson gewerkt en ze hebben samen aan 23 albums gewerkt. Bij persoonlijk navraag door Progwereld is hij speciaal tevreden over Wilson’s bewerking van zijn altsaxofoon op het eerste Bass Communian (1998) album, maar ook over de bewerking van de sax op “Stupid Dream” van Porcupine Tree in de song Don’t Hate Me. Travis was lid van Gong van 1999 tot 2009 en in 2015 trad hij toe tot de band van David Gilmour voor de ‘Rattle That Lock”-tour. Daarnaast heeft Travis opgetreden en geproduceerd met David Sylvian, Bill Nelson, The Tangent, Roger Eno, Keith Tippett, Harold Budd, John Foxx, Steve Hillage, John Etheridge, Cipher en Mick Karn.


Theo Travis

In gesprek met Progwereld zegt Travis het meest tevreden te zijn over de tracks Shore Thing (“2AM”), The Purple Sky (“View From The Edge”), Fire Mountain (“Transgression”) en The Crow Road (“Secret Island”). Hij woont in Londen met zijn vrouw, zoon, hond, twintig verschillende saxen en fluiten.

Marek Arnold

Een persoonlijke favoriet is Marek Arnold. Een artiest die naast zijn kwaliteiten als saxofonist ook begaafd is op toetsen en daardoor veelvuldig op cd’s is te vinden is als gastmuzikant. Zijn eigen band “Seven Steps To The Green Door” gebruikt de saxofoon daardoor veelvuldig in de muziek. Arnold begon op zijn achtste de klarinet te bespelen. Op zijn vijftiende stapte hij over op de saxofoon en studeerde dat instrument in Leipzig. Inspiratoren zijn Paul Desmond (Dave Brubeck Quartet) en Branford Marsalis (Sting, Tina Turner). Arnold speelt naast de fluitinstrumenten ook de toetsen en vanuit dat oogpunt componeert hij, waarna hij de saxofoon vaak toevoegt aan de compositie. Juist die losse en soms moeilijke benadering is voor Marek de uitdaging waardoor er ook een spontane toets binnen de muziek wordt gecreëerd. Marek’s persoonlijke favoriet is de song My lovely Mr. Singing`Club, dat op het album “Step In 2 My Door” staat. Dat nummer heeft een jazzy benadering, voornamelijk door de saxofoon. De melodie lijkt geïnspireerd te zijn door Footprints van Saxofonist Wayne Shorter. Ook zijn er elementen van modale jazz terug te vinden.

Metal

Binnen de metal wordt het instrument nog minder gebruikt dan in de progrock. De kenners van Black Sabbath kennen allemaal de song Breakout, van het album “Never Say Die!”.  En wist u dat in Promised Land van Queensrÿche Geoff Tate himself de saxofoon beroert? Wat veel mensen ook niet weten is dat Tuomas Holopainen, toetsenist en componist van Nightwish opgegroeid is met de saxofoon en klarinet? Een van oorsprong jazzsaxofonist die ook een uitgebreid repetoire heeft binnen metal, rock en fusion is John Zorn. Wanneer je zijn discografie er op na slaat stuit je op veel verschillende participaties.

Hedendaagse metal saxofonisten.

 

Jørgen Munkeby

Een artiest die momenteel binnen de metal scene veel opzien baart is Jørgen Munkeby, onder andere bekend van Ihsahn. Die Noorse metalhead heeft meerdere nummers uitgebracht met daarin de saxofoon van Munkeby. Zo verschijnt het nummer After in 2009 met de gierende sax van Munkeby. Die Noorse artiest verschijnt op twee albums van Ihsahn en is bekend van zijn eigen band Shining.  Als instrumentalist heeft Munkeby samengewerkt met Motopsycho, Devin Thownsend, Amorphis en Marty Friedman (Megadeth). De Noor begon op negenjarige leeftijd saxofoon te spelen. Na de middelbare school ging hij naar The Norwegian State Academy Of Music waar hij gedurende zeven jaar jazz en hedendaagse muziek studeerde. Naast de Shining is Munkeby een veelgevraagde saxofonist. Hij heeft talloze samenwerkingen op zijn naam staan.

Luminous Beings – Naeramarth

De saxofoon brengt een mooie sound en Munkeby gebruikt veel glissando in zijn spel (vloeiende reeks opeenvolgende noten)

In gesprek met Progwereld vertelt Munkeby geïnspireerd te zijn door John Coltrane en Michael Brecker. Hij doet ook een opmerkelijk uitspraak: “Ik heb veel nummers gespeeld die ik erg moeilijk vond om te spelen, zowel van mijzelf als van een andere componist. Maar ik heb meestal het gevoel dat dit komt omdat de compositie niet erg goed is. Een geweldige compositie moet enigszins gemakkelijk te spelen zijn of in elk geval natuurlijk aanvoelen, alsof het gewoon op aarde is gedumpt en door God gecomponeerd. Natuurlijk weten we dat het zo niet werkt, maar vaak met bloed zweet en tranen”. Naast de Shining is Munkeby ook blij met zijn met Nergal van het Poolse Behemoth. Munkeby figureerde in het project “Me And That Man”, dat door Nergal was opgezet. De rol van Munkeby in de hilarische clip was groot en met zijn sax gaf hij een groovy effect aan de song mee. Een project waarmee hij onlangs veel opzien baarde was de clip waarin hij saxofoon speelde in een metal cover van Careless Whisper van George Michael. De clip ontving al meer dan een miljoen views op Youtube.

Recent (November 2021) verscheen het album “Gold Spire” van de gelijknamige Zweedse metal/rock formatie. De saxofoon van Magnus Kjellstrand vervult daar een belangrijke rol en is volop aanwezig. De cd kent mooie gebalanceerde fusion tussen metal en lichte jazz, maar dan inclusief gematigde grunts. De recensie van dat album vind je elders op deze site.

Het Amerikaanse Rivers Of Nihil gebruikt de saxofoon lustig binnen zijn muziek en dat is opmerkelijk binnen het genre progressieve death metal. Vooral op het album “Where Owls Now My Name” speelt Zach Strouse een prominente rol. Ook op de voorgaande albums maakt hij zijn opwachting, weliswaar in een gereduceerde vorm. Een zelfde type band is het uit Frankrijk afkomstige Fractal Universe dat flink wat ruimte voor de saxofoon creëert op het onlangs verschenen “The Impassable Horizon”. De sax maakt in verschillende nummers zijn opwachting en wordt uitgevoerd door frontman Vince Wilquin. De bandleider is opgegroeid met het instrument naast de elektrische gitaar en wordt gemotiveerd doordat de saxofoon niet veel wordt gebruikt binnen het genre.

Het Italiaanse In Tormentata Quiete neemt de saxofoon niet altijd op binnen zijn composities, maar gebruikt het wel vaak. Op “TeatroElementale” en het recent verschenen “Krononota” komt het instrument regelmatig aan bod, overigens wel door verschillende saxofonisten gebracht.

Misschien het beste voorbeeld waar de saxofoon binnen de metal muziek het meest serieus wordt genomen is het laatste album van Mythic Sunship. Op het in 2021 verschenen “Wildfire” is het instrument volledig competitief ten opzichte van de andere instrumenten. De saxofoon en een psychedelische gitaar wedijveren driftig wie de boventoon mag voeren, eigenlijk gelijkwaardig aan Gold Spire. Een waarschuwing is op zijn plaats, je moet absoluut van deze pot met jazz/fusion/metal muziek houden. Óf je wordt gierend gek óf je dompelt jezelf in absoluut genot. De saxofonist gebruikt technieken uit de free jazz, met het gebruik van sopraan- en tenorsaxofoon, een veel voorkomende combinatie onder saxofonisten. Five The Hierophant, afkomstig uit het Verenigd Koninkrijk, is een band die de saxofoon in occulte muzieksferen brengt. De muziek is bezwerend en fascinerend, zeker tijdens hun befaamde live-optredens.

Luistersuggesties

Hieronder vind je wat mogelijkheden een breed beeld te krijgen van de saxofoon binnen progrock en metal. De Youtube links verwijzen naar een aantal willekeurige nummers om de verschillende stijlen binnen de genoemde genres te ontdekken. In de nummers wordt de saxofoon in meer of mindere mate gebruikt.

Elizabeth The Last – New Future (instrumentale postrock) (vanaf 4 minuten, solo)
https://youtu.be/45YvTfq3JxM?t=1837

Cirrha Niva – Spring Before Winter (progmetal, dit is een rustig nummer)
https://youtu.be/1GaYi6WiHk0

Dark Suns – The Only Young Ones Left (prachtige song, zowel de trompet als saxofoon komt aan bod, hoewel de trompet domineert)
https://youtu.be/RuQraiLIhbI

Smalltape – Dissolution.
https://youtu.be/8UWDcWycvm4

Klone – Indelible
https://youtu.be/Dz0vvC-LRgw

Antimatter – Sanctification (doom metal met een proggy inslag)
https://youtu.be/SB9bNhGeaLo

Leo Moracchioli en Jørgen Munkeby – Careless Whisper (funky en metal versie van de beroemde George Michael song)
https://youtu.be/jt8lViuzILg

Day Six – Lost Identity
De song komt van het album “The Grand Design”, een persoonlijke favoriet, geweldige Nederlandse band.
https://youtu.be/7QuzCuVLulI

In Motion – Always In Motion
Een achttien minuten durende song die gedomineerd wordt door heftige metal, maar het kent ook akoestische passages met op het laatst een fraaie saxofoonsolo.
https://youtu.be/QlM4BPkRaNg

Mythic Sunship – Maelstrom
Wie gaat er winnen? De saxofoon of de gitaar?
https://youtu.be/NPgoWAVKUaU

Five The Hierophant – Queen Over Phlegethon
https://youtu.be/93BO3k4D2Qc

Dank aan:

Marek Arnold, Jørgen Munkeby, Theo Travis, Ronald Ottenhoff en
Arjen van El.

Interview Ron Ottenhoff van Alquin

In het kader van de Saxofoon special vind Progwereld het belangrijk eens te praten met een saxofoonspeler die actief is, of geweest is binnen de wereld van de Progmuziek. Het instrument wordt gematigd gebruikt binnen het genre, laat staan binnen de Nederlandse progrock. Alquin’s Ronald Ottenhoff is naast Tom Barlage (Solution) één van weinige Nederlandse saxofonisten die actief zijn geweest binnen de progressieve rock in dit land. Interviews met Ottenhoff zijn er op het internet niet te vinden en het kostte wat moeite hem te vinden. Met hulp van Ferdinand Bakker konden we contact met hem leggen en hem aan de tand te voelen over zijn favoriete instrument, de saxofoon.

Ron Ottenhoff

Ronald, we beginnen met je jeugd, als ik het goed begrijp ben je geboren in Indonesië op Soerabaja en hoe lang heb je daar gewoond?

Dat klopt, ik ben daar in 1946 geboren en heb er tot 1952 gewoond. We zijn daarna voor twee jaar terug verhuist naar Nederland en in 1954 weer naar Nieuw-Guinea verhuist, voor het werk van mijn vader. Hij werkte daar voor het gouvernement en ook mijn moeder vond daar werk als lerares. In 1962 kwamen we weer permanent terug naar Nederland.

Wanneer en op welke leeftijd ben je saxofoon gaan spelen en heb je ook nog andere instrumenten gespeeld?

Zoals zoveel andere saxofonisten en blazers ben ik begonnen op de blokfluit. Dat was al in Nieuw Guinea, en daar kreeg ik blokfluitles samen met Job Tarenskeen. Job ken ik al mijn hele leven en we zijn samen opgegroeid. Net als ik is hij saxofonist van origine. Toen Alquin werd opgestart als kwartet is hij gaan zingen maar ondersteunde hij mij bij sommige blaassecties in de muziek van Alquin.

Toen ik wat ouder werd ben ik klarinet gaan spelen. Ik werd sterk beïnvloed door mijn vader, die veel dixielandmuziek draaide en specifiek door Benny Goodman, de jazzklarinettist en orkestleider uit de Verenigde Staten. Goodman was de ‘King of Swing’ en ik kon uren naar hem luisteren. Ik had een klarinet van mijn vader gekregen, maar in Nieuw-Guinea kon ik geen les krijgen en daarom moest ik mijn vader beloven les te gaan nemen als we in Nederland waren. Die lessen heb ik genomen tijdens mijn vaders verlof in Nederland, toen we een half jaar hier verbleven. Toen we weer in Nieuw Guinea terug waren moest ik mijzelf verder ontwikkelen door veel te oefenen.

Jaren later, toen ik in Nederland ging studeren, speelde ik een bandje dat veel swing en dixieland muziek speelde. In die tijd keek ik met bewondering naar Peter Schilperoort, de Nederlandse klarinetspeler en internationaal nog steeds Benny Goodman. Maar in die periode groeide ik qua niveau snel en na enige tijd vond ik toch ook dat een klarinet ook een ‘iel’ geluid voortbracht. Dan wil je toch een stap verder met een krachtiger instrument. Toen heb ik rondom 1967 voor het eerst de tenorsax opgepakt.

En toen kwam de TU in Delft in beeld en de vorming van wat later een grote prog band zou worden: Alquin. Je had dus nog helemaal niet zoveel ervaring op de saxofoon?

Ja, dat ging geleidelijk inderdaad. Ik pakte daar niet alleen de tenorsaxofoon op, maar ging ook experimenteren met de alt- en sopraansaxofoon en tevens dwarsfluit. Van origine was onze naam Threshold Fear en zijn we begonnen als improvisatieband. Met Job (Tarenskeen) net als ik op saxofoon, Dick Franssen op toetsen en Ferdinand Bakker op gitaar. Pas later veranderde de naam in Alquin, naar het gelijknamige klooster bij de TU van Delft waar de band bijna elke dag repeteerde. Van meet af aan speelden we een mengeling van klassiek, moderne jazz en rock. Pas toen Paul Weststrate (drums) en Hein Mars (basgitaar) hun intrede deden veranderde de muziek wat meer richting progrock of symfonische rock. We hebben onze muziek ook nooit in een hokje proberen te duwen, onze stijl groeide gewoon zo.

Luisterde je ten tijde van Alquin naar andere muzikanten?

Tja, als je één iemand moet noemen was John Coltrane wel de belangrijkste, denk ik, hoewel hij toen natuurlijk al overleden was (1967). Maar Coltrane heeft al eerder een belangrijke rol in mijn leven gespeeld, ook als klarinetspeler. Ook Julian Edwin ‘Cannonball’ Adderley was van invloed op mijn spel. Op het gebied van hedendaagse muziek en pop vond ik Clarence Clemons altijd interessant, ook later nog, door zijn samenwerking met Bruce Springsteen. De jazz-elementen in mijn solowerk bij Alquin komen denk ik ook wel van die genoemde inspiratoren. Vooral het improviseren in de muziek van Alquin tijdens live optredens heb ik altijd fantastisch gevonden.

Hoe ontstonden jullie nummers eigenlijk? Werd de saxofoon of fluit wel eens als basis voor een nummer gebruikt?

Nee, eigenlijk niet of nooit. De composities werden voornamelijk door Ferdinand geschreven en Job leverde in het begin altijd de teksten. De ideeën ontstonden tijdens het repeteren in het klooster en gaandeweg het jammen en spelen van zo’n nummer kreeg het steeds meer vorm. Als de sfeer van zo’n nummer dan met zich meebracht dat er een klarinet, saxofoon of dwarsfluit nodig was, dan voegden we dat toe. Ik heb zelf nooit echt een nummer geschreven. Waar ik wel heel trots op ben is bijvoorbeeld mijn aandeel op High Rockin’ wat op “Best Kept Secret” staat.

Ik heb daar het thema van ontwikkeld en natuurlijk de solo in het midden van het nummer. Mijn aandeel was op het podium wellicht wel het belangrijkste, want daar kon ik tijdens een nummer ook improviseren, hetgeen misschien ook wel mijn sterke punt altijd was. Bijvoorbeeld het nummer The Dance (“The Mountain Queen”), leent het zich enorm te improviseren. Mijn voorkeur lag ook altijd bij het gebruik van de tenorsax en afhankelijk van de sfeer van het nummer paste ik een ander blaasinstrument toe.

Wat ik mij afvraag, was Pink Floyd in die tijd ook van invloed op jullie muziek? Uiteindelijk was die band al groot voorafgaand jullie opkomst?

Voor mij persoonlijk niet, maar ik kan niet voor de andere bandleden spreken natuurlijk. Maar zoveel saxofoon gebruikt Pink Floyd nu ook weer niet om bepalend te zijn toch voor de invloed van de saxofoon? Daarbij kwam PF in een later stadium pas met hun belangrijke cd’s en braken ze door met albums zoals “Dark Side Of The Moon”, waarop wat saxofoon te vinden is. En hoe je het wendt of keert, onze muziek was in beginsel al meer georiënteerd op blazers dan Pink Floyd. Bij die bands waren gebruikelijke instrumenten als drums, gitaar, basgitaar en toetsen de basis, aangevuld met andere instrumenten. Dus de manier van muziek en composities maken is in mijn optiek ook anders. Bij Pink Floyd is de sax meer een solo-instrument dat wordt toegevoegd om de sfeer van een nummer te veranderen of te verbeteren.

Als ik als ‘leek’ naar jullie muziek luister, vind ik de muziek van “Best Kept Secret” veel meer funky dan de muziek uit de beginjaren van Alquin?

Dat was het in zekere zin ook wel, hoewel sommigen zeiden dat we een meer commerciële en Amerikaanse inslag hadden op dat album. Maar voor mij was het wel meer richting de saxofoonmuziek die ik graag speelde, meer jazz, meer funky.

Ik weet dat de afgezegde tour in ‘77 de reden was waardoor de band gestopt is, maar was alleen dat de reden?

Kijk, we hebben gedurende ons bestaan in Nederland de absolute top bereikt. We hadden in alle grote zalen gespeeld. Volgens polls en eindlijsten stonden we op een gegeven moment qua populariteit boven bands als The Golden Earing en Focus. In de jaren van onze populariteit zijn we voor een gedeelte meegegroeid met de smaak van de luisteraar en is onze muziek geëvolueerd en misschien ook wel wat commerciëler geworden. In Engeland hadden we al een grote bekendheid en met de tour in Amerika zouden we ook daar kunnen doorbreken. Helaas door een besluit van onze platenmaatschappij ging die tour twee weken voor we zouden vertrekken niet door. En omdat het toen nog geen vetpot was op commercieel gebied moest je keuzes maken. Persoonlijk had ik ook een belofte aan mijn ouders gedaan dat ik verder zou studeren en mijn papieren zou halen op het gebied van elektrotechniek. Niet makkelijk want ik was er ruim vijf jaar uit. Ook Dick is later afgestudeerd, hij was ooit ook begonnen met elektrotechniek maar is overgestapt op bedrijfseconomie en heeft dat jaren later ook behaald. Hoe het met de anderen qua studie is verlopen weet ik eigenlijk niet.

Maar je kon je studie wel met de opbrengsten van de band bekostigen?

Ik begin wel, maar mijn vrouw (die ik eerder had ontmoet) werkte toen al en zij zorgde voor ons onderhoud waardoor ik verder kon studeren. De hypotheek van ons huis stond daardoor eerst op haar naam. Later is het allemaal goed gekomen, want ik heb jarenlang bij Berkel gewerkt. Dat bedrijf was vooral in de jaren tachtig toonaangevend op het gebied van keukenmachines en weegschalen. Toen het door slecht management minder ging met dat bedrijf ben ik uiteindelijk bij de toenmalige PTT terecht gekomen en was ik belast met de techniek achter telefooncentrales. Daar ben ik tot aan mijn pensioen, ruim tien jaar geleden  gebleven.

En? Tijdens je beroepscarrière nog sax gespeeld?

Jazeker, op amateurbasis heb ik in verschillende bandjes gespeeld. En veel jazz georiënteerd natuurlijk, waar het allemaal mee begonnen is. In die jaren heb ik ooit nog wat ingespeeld voor de band For Absend Friends, waar ik het nummer Billy heb ingespeeld. Maar daar houdt het qua progrock wel mee op.

Jullie hebben in het eerste decennium van deze eeuw natuurlijk ook nog de reünieplaten gemaakt, met een tour in 2010?

Ja, dat was ook zeker mooi. Uiteindelijk hebben we met “Blue Planet” (2005) en “Sailers And Sinners” (2009) nog een paar mooie platen neergezet.

In hoeverre heb je de wereld van de saxofoon gevolgd in die jaren?

Niet heel intensief, hoewel ik de laatste jaren wel onder de indruk ben geraakt van Tim Wes, een talentvolle jazzsaxofonist en zanger uit Spijkenisse. Hij is vernoemd naar de Amerikaanse jazzgitarist Wes Montgomery en groeide op met muziek uit de platenkast van zijn vader, zoals Dexter Gordon, Ella Fitzgerald en John Coltrane. Volgen is niet het juiste woord, maar ik heb wel op hem gelet.

Speel je nog dagelijks saxofoon?

Nee joh, bijna niet meer. Weet je, voor het spelen van de saxofoon heb je een band nodig en dat wordt op deze leeftijd (75) wat moeilijk. Ik ben een tijdje geleden overgestapt naar een elektronische saxofoon op computer, daar val ik niemand mee lastig…

Nederlandse band Akelei komt met nieuwe ep.

In 2010 debuteerde de Nederlandse doom metalband Akelei met een cd die zowel in eigen land als daarbuiten positief werd opgemerkt. Elf jaar na “De Zwaarte Van Het Doorstane“, is de band terug met een nieuwe ep: “Een van ons”. De drie nummers op deze plaat laten een vertrouwde kant van Akelei horen en voegen ook nieuwe elementen toe. Zo heeft het titelnummer een rijk arrangement met vleugel, viool en altviool en de stem van Scarlet Stories-frontvrouw Lisette van den Berg. De andere twee nummers op de plaat worden middels een ambient overbrugging als één doorlopend geheel gepresenteerd. Er wordt gespeeld met terugkerende motieven, verschillende vormen van samenzang en melodische textuur.

Het onderliggende thema van de teksten is verbondenheid. Dit wordt in de nummers op verschillende manieren belicht. Zo gaat Een van ons over het individu en zijn plek in de geschiedenis. Nabij gaat in op de afwezigheid van geliefden en het leren omgaan daarmee. In Hierna tenslotte komt het inzicht dat we door elkaar te leren kennen altijd een stukje van de ander met ons meedragen. De inspiratie voor deze onderwerpen kan gezocht worden in het missen en heengaan van dierbaren (de ep is opgedragen aan de herinnering van onze geliefden) alsook in boeken zoals die van astronoom Carl Sagan en Everything Is Illuminated van de schrijver Jonathan Safran Foer.

Een van ons werd opgenomen tussen juni 2019 en augustus 2021 met Silvia Vermeulen in Studio Moskou te Utrecht en Dave Schinkel van DSStudio in Delft. De plaat is gemixed door Dave Schinkel en gemastered door Darius van Helfteren. De cd heeft een digisleeve drieluik als verpakking met goudfolie belettering in een oplage van 500 stuks. De uitgave is zoals altijd in eigen beheer met hulp van Bandcamp. Voor het beluisteren, downloaden of bestellen van cd’s kan men terecht op akelei.org

ep-bezetting:
Misha Nuis – zang, gitaar
Josha Nuis – drums
Harm Wiegers – bas
Matthijs van Wageningen – gitaar op Nabij en Hierna
Aline Kuiper – vleugel op Een van ons, zang op Hierna
Lisette van den Berg – zang op Een van ons
Julia Termeer – viool op Een van ons
Ronja Ihle – altviool op Een van ons
Ørnulf Sigernes – achtergrondzang op Een van ons




David Longdon overleden na ongeluk

Big Big Train-frontman en multi-instrumentalist David Longdon is zaterdag 20 november overleden, zo heeft de band bevestigd.

In een verklaring bevestigd de band het verdrietige nieuws: “Big Big Train is buitengewoon bedroefd het overlijden van David Longdon vanmiddag te moeten melden. David is in het ziekenhuis in Nottingham aan zijn letsel als gevolg van een ongeluk op 56-jarige leeftijd overleden. Hij laat twee dochters Amelia en Eloise, zijn moeder Vera en zijn partner Sarah Ewing achter”.

David kwam in 2009 bij Big Big Train en maakte meteen een grote indruk met het album “The Underfall Yard” van dat jaar. Hij nam vervolgens nog acht studioalbums op met de band, waaronder het aanstaande “Welcome To The Planet”, en trad op als frontman van de band voor een reeks veelgeprezen concerten vanaf 2015. Daarnaast bracht hij vorig jaar een album uit met wijlen Judy Dyble onder de naam Dyble Longdon. De dag voor zijn ongeluk zat hij nog in de studio aan een nieuw soloalbum te werken.

Het “Welcome To The Planet” album van de band staat gepland voor een release op 28 januari 2022. Een verdere verklaring over de concerten en andere activiteiten van de band in 2022 zal te zijner tijd volgen.

Nederlandse bands Scarlet Stories en Golden Caves samen op het podium.

De Nederlandse bands Golden Caves en Scarlet Stories gaan samen een mini tour doen waar ze op verschillende podia in Vlaardingen, Den Bosch, Goes en Alphen aan de Rijn zullen staan. De tour begint aanstaande zaterdag 23 Oktober in de Kroepoekfabriek in Vlaardingen. Op 29 Oktober staan ze in Den Bosch, op 20 November in Goes en op 3 December in Alphen aan de Rijn in Parkvilla.

Scarlet Stories schildert met hun eclectische en unieke stijl bloedrode verhalen geïnspireerd door o.a. progressieve rock, heavy metal, film soundtracks, doom en ambient. Het ene moment fragiel en rustig, het andere intens, sterk en rauw. Van origine in een semi-akoestische vorm met zangeres Lisette van den Berg en gitarist Bram te Kamp, maar inmiddels ook met zeskoppige band.

In deze volledige bezetting verscheen in september 2019 het langverwachte eerste album ‘Necrologies’, dat werd opgenomen met topproducer Joost van den Broek (o.a. Kovacs, Navarone, Anneke van Gierbergen’s VUUR) aan de knoppen. Hiermee grossiert de band in lovende recensies. Dat ook Progwereld fan is van deze band steken we in de verschillende recensies niet onder stoelen en banken.

Golden Caves geldt als een van de meest veelbelovende vertegenwoordigers van de nieuwe generatie progressieve rock. Sinds maart 2020 doet het vijftal weer van zich spreken met het nieuwe album ‘Dysergy’. Een dynamische mix van prog rock met moderne alternatieve invloeden en hier en daar een aanstekelijk poprandje kenmerkt de muziek van Golden Caves. Met als sterke toegevoegde waarde de prachtige zang van de stralende frontvrouw Romy Ouwerkerk.

Het debuutalbum ‘Collision’ leverde de band in 2018 als enige Nederlandse vertegenwoordiger een nominatie op in de categorie ‘Limelight’ (grootste talent) van de prestigieuze Progressive Music Awards in de UK. Het vooraanstaande Engelse magazine ‘PROG’ noemde Golden Caves zelfs ‘a revelation (…) the future of prog rock’. De band speelde o.a. op Summer’s End, het oudste progressieve rockfestival van Engeland.

Send this to a friend