
Dat Haken ooit geen zesmansformatie meer zou zijn, zagen maar weinig mensen aankomen. Eind vorig jaar verlieten gitarist Charlie Griffiths en bassist Conner Green de band om zich te richten op Griffiths’ andere project, Tiktaalika. In plaats van zoeken naar vervangers, besloot Haken om als viermansformatie verder te gaan, met op gitaar alleen nog Richard Henshall en vooralsnog geen vaste bassist.
Deze bezetting komt nu met een EP, “In a Fever Dream”, waarop de bas wordt ingevuld door gastspelers. Het persbericht zegt dat het gaat om Brian Beller (Joe Satriani, The Aristocrats) en Adam Getgood (Periphery), maar geeft niet aan wie op welk nummer meespeelt.
Het is niet voor het eerst dat Haken een EP gebruikt om een overgangsperiode te markeren. In 2014 verscheen Restoration, kort na het vertrek van bassist Tom MacLean, vooral als showcase voor de nieuwe bassist Conner Green. Twaalf jaar later is de uitgangspositie heel anders. Opnieuw verschijnt er een EP na veranderingen in de bezetting, maar dit keer zijn er dus twee vaste waarden vertrokken.
Dat laatste blijkt een grotere aderlating dan ik vooraf had verwacht. Griffiths drukte als gitarist en componist jarenlang een duidelijk stempel op het geluid van Haken. Zijn samenspel met toetsenisten Diego Tejeida en later Pete Jones leverde vaak de mooiste momenten op, waarbij gitaar- en toetsenpartijen voortdurend om elkaar heen bewogen. Die bijna vanzelfsprekende chemie mis ik op “In a Fever Dream”.
Dat wil niet zeggen dat de EP tegenvalt, integendeel. De productie van George Lever klinkt uitstekend, Ross Jennings zingt sterk als altijd (en heeft zelfs de grunt herontdekt), en de nieuwe bezetting speelt overtuigend. De nummers zitten degelijk in elkaar en ademen een andere sfeer dan we van Haken gewend zijn. De band lijkt bewust minder nadruk te leggen op technische hoogstandjes en kiest vaker voor compacte songs waarin emotie en sfeer de boventoon voeren.
Maar tijdens de eerste luisterbeurten bleef ik wachten op het moment waarop de muziek echt loskomt. Dat gebeurde maar mondjesmaat. Waar eerdere albums je regelmatig op het verkeerde been zetten met onverwachte wendingen of een fraaie muzikale dialoog tussen de bandleden, blijven de composities nu vaker binnen de lijntjes. Ze luisteren prettig weg, maar dagen minder uit.
Het zou kunnen dat dit ook de bedoeling is. “In a Fever Dream” klinkt niet als een band die koste wat kost wil bewijzen dat alles bij het oude is gebleven. Haken kiest ervoor om deze EP te gebruiken om te laten zien welke richting ze op willen. Dat waardeer ik, ook al pakt die koers voor mij nog niet overal even goed uit. Voor nu hoor ik vooral een band die een nieuwe weg zoekt. Dat levert een verzorgde en bij vlagen fraaie EP op, maar ook een release waarop ik het kenmerkende Haken-gevoel nog net iets te vaak mis.